Die twee hebben een innige relatie

Kritiek op het Russische regime slaat Groningen in de wind. De stad heeft andere belangen.

„De beeldvorming rond Poetin is eendimensionaal.”

Heel de stad Groningen lijkt in de ban van de Russen. Zo heeft Gasunie in Groningen sinds een aantal jaren een innige relatie met het Russische staatsbedrijf Gazprom. De gemeente is bezig de band met zusterstad Moermansk aan te halen. Het Groninger Museum brengt de ene na de andere Russische tentoonstelling. En de universiteit werft Russische studenten en maakt met een adviescentrum ondernemers wegwijs op de Russische markt.

De ambities reiken ver. „Groningen wil voor heel Nederland de toegangspoort tot Rusland worden”, juicht wethouder Jaap Dijkstra (PvdA), die gaat over economische zaken, internationale handelsrelaties en cultuur.

Die Groningse ambitie om de banden met Rusland actief aan te halen vind je in heel Europa terug. Maar het werkt tussen de Europese hoofdsteden verdeeldheid in de hand. Zo pleit de Europese Commissie al jaren vergeefs voor een gezamenlijk energiebeleid richting Moskou. Maar veel lidstaten, waaronder Duitsland, Italië en ook Nederland, zijn een koers gaan varen waarbij het eigen belang voorop staat.

Iedereen wil zijn voorziening aan gas zelf veilig stellen. Ook Nederland. De reden is duidelijk, zegt Geert Greving van Gasterra, het bedrijf dat het Slochterenveld exploiteert. Nederland heeft zelf gas maar de voorraden zijn binnen twintig jaar uitgeput. Het gas zal dan ergens anders vandaan moeten komen. Rusland ligt voor de hand, want het heeft verreweg de grootste bewezen gasreserves ter wereld.

Om de banden aan te halen zijn premier Balkenende en minister Van der Hoeven (Economische Zaken) vorig jaar al in Moskou op bezoek geweest. Gasunie en Gazprom tekenden toen een contract om samen te werken bij de bouw van twee nieuwe gaspijpleidingen. Greving: „We mogen best een beetje aan onszelf denken.”

In de Nederlandse aanpak speelt Groningen een essentiële rol, zo blijkt uit een recent rapport van de Dutch Trade Board, waarin overheid, ondernemingsorganisaties en banken samenwerken. Niet alleen omdat Gasunie in Groningen zijn hoofdkantoor heeft. Ook om de stedenband van Groningen met Moermansk. Die Russische havenstad, lange tijd een marinebasis in verval, is zich wegens het smeltende poolijs in hoog tempo aan het ontwikkelen tot een vitale energiehaven voor kortere arctische zeeroutes. „Zowel voor aardgas als voor olieshipments in de wereldhandel”, aldus het rapport.

Gazprom begint over twee à drie jaar met de exploitatie van het reusachtige Sjtokmangasveld in de Barentszzee. Dat gas zal eerst naar Moermansk gaan, om van daaruit naar Europa of Amerika te worden getransporteerd. Kortom, nog meer bedrijvigheid.

De stichting Stedenband Groningen-Moermansk heeft onlangs meer geld gekregen, vertelt coördinator Rudy Kapsenberg. Voor het eerst in vijftien jaar”, zegt hij. De stichting zet gezamenlijke projecten op, bijvoorbeeld om alcoholisme en huiselijk geweld in Rusland te bestrijden. Burgemeester Wallage van Groningen is vorig jaar in Moermans op bezoek geweest. Volgend jaar gaat er een Groningse handelsmissie die kant op.

„Met mensen uit de water- en energiesector”, zegt wethouder Dijkstra. Hij hoopt dat Groningse bedrijven er opdrachten in de wacht slepen. En als straks meer schepen de route via Moermansk kiezen, meren ze op weg naar Europa wellicht ook vaker aan in de Eemshaven. Dit havengebied heeft plannen om fors uit te breiden.

Tot kritiek lijkt de Groningse geestdrift niet te leiden. „Dit is geen onderwerp dat in de raad speelt”, zegt fractievoorzitter Elko van der Wilt van oppositiepartij D66. Dat in Rusland de corruptie welig tiert, dat mensenrechten er worden geschonden, dat Poetin gas en olie inzet als politiek wapen en een tactiek van verdeel en heers in Europa volgt, niemand in Groningen die zich er bezorgd om maakt. Ook aan de universiteit is er weinig discussie over de groeiende relatie tussen Groningen en Gazprom, zo laat studentenvakbond VOS weten.

Er is juist lof. Volgens de Groningse hoogleraar sociologie Frans Stokman is het juist goed wat Nederland, Groningen voorop, doet. „Alles wat Rusland doet wordt nu gepolitiseerd. Juist dan moet je op decentraal niveau zoeken naar gemeenschappelijke belangen, om de politieke kou te ontdooien. Alleen zo blijft het nieuwe Russische kader in contact komen met onze westerse waarden. Je moet ze bewust maken van die waarden. Als we van de Russen verwijderen, kunnen we niks meer tegen ze zeggen.”

Dat vindt ook universitair docent en Ruslanddeskundige Hans van Koningsbrugge. Hij is directeur van het Nederland-Rusland-centrum, dat afgelopen november aan de Rijksuniversiteit Groningen is opgericht. Het centrum adviseert ondernemers die de Russische markt op willen. Betalende klanten zijn onder meer TNT en Gasunie. „De beeldvorming rond Poetin is erg eendimensionaal”, zegt Van Koningsbrugge. „Alles wat hij doet is verdacht. Maar iedereen lijkt te zijn vergeten dat Poetin, via de olie- en gasrijkdom, de economische positie van Rusland dramatisch heeft kunnen verbeteren.”

Tussen Groningen en Rusland begon het allemaal serieuzer te worden in 2001. Gasunie en Gazprom sloten toen een groot contract. Bij Gasunie besefte men dat een langdurige relatie met Gazprom werd aangegaan, zo herinnert George Verberg zich, in de jaren negentig de topman van Gasunie. Dat was nog de tijd dat de Gasunie niet gesplitst was in een productietak (nu Gasterra) en een transporttak (Gasunie). „Wij wisten dat we lang met elkaar te maken zouden krijgen en wilden daarom de relatie breder trekken dan alleen gas”, zegt hij. Mede op initiatief van toenmalig premier Kok werd besloten meer met de Russen te gaan doen op cultureel vlak en op het gebied van managementtraining.

Zo vroeg Gasunie aan het Groninger Museum om een Russische tentoonstelling te organiseren. Het bedrijf had het museum begin jaren negentig 25 miljoen gulden voor nieuwbouw geschonken en daarvan was nog geld over. In 2002 kwam er de tentoonstelling over de Russische negentiende-eeuwse kunstenaar Repin. Sindsdien zijn er nog drie andere tentoonstellingen geweest van Russische kunst.

De samenwerking ging verder. Zo richtte in 2003 de Gasunie, samen met Gazprom en de Groningse universiteit, een instituut op voor de training van managers in de energiesector. „Ook in onze sector is er een groeiend tekort aan goed opgeleide mensen”, zegt Verberg. Het instituut, dat Energy Delta Institute heet, kreeg zes miljoen euro aan steun van het ministerie van Economische Zaken – waar Verberg in de jaren tachtig directeur-generaal Energie was geweest. In 2006 werd Shell partner van het instituut. Vorig jaar kwam het Duitse RWE erbij.

Dat er kritiek is op het Russische regime, neemt Verberg voor lief. „Ik heb een ander verwachtingspatroon van Rusland dan veel journalisten”, zegt hij. Rusland is in ontwikkeling. Dat gaat met grillen. „Ik was niet verbaasd dat de pendule na Jeltsin weer terugging.” Voor een democratische samenleving, is een omvangrijke middenklasse nodig. In Rusland is het zover nog niet. Volgens Verberg duurt dat nog minstens een generatie.

Lees een eerder verhaal over de Russische tentoonstellingen in het Groninger Museum op nrcnext.nl/links