Diagnose economische groei laat op zich wachten

De Nederlandse economie lijkt nog stevig te groeien. Maar op kwartaalbasis staat de economie bijna stil. De cijfers zeggen weinig over hoe het echt gaat, hoewel de trend duidelijk is: omlaag.

Gaat het nu goed of slecht met de economie? Al weken wordt met spanning uitgekeken naar de eerste groeicijfers over de afgelopen maanden. Raakt de nasleep van de financiële kredietcrisis de reële economie en zo ja, in welke mate?

Vanmorgen kwam het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) met zijn eerste raming voor de groei van het bruto binnenlands product in het eerste kwartaal van 2008. Van jaar op jaar gerekend constateert het CBS een groei van 3,1 procent. Dat is wat minder dan het gemiddelde van 3,5 procent van vorig jaar, maar nog steeds zeer goed. De groei die de Nederlandse economie op de lange termijn vertoont, wordt doorgaans geschat op zo’n 2,25 procent.

Er is dit jaar echter iets vreemds aan de hand. Verwacht wordt dat de economische groei in 2008, als gevolg van de kredietcrisis en een algemenere tempering van de conjunctuur, fors terugloopt. Maar omdat de groei in de loop van vorig jaar fors opliep, valt een vergelijking van het bbp in 2008 met het bbp van een jaar geleden statistisch zeer gunstig uit. De afkoeling van de economie blijft daardoor lange tijd onzichtbaar. Het Centraal Planbureau voorspelt een economische groei voor dit jaar van 1,75 procent ten opzichte van 2007. Die prestatie kan merkwaardig genoeg worden gehaald als de economie van kwartaal op kwartaal in heel 2008 niet of nauwelijks groeit.

Een beter zicht op de conjunctuur kan onder deze omstandigheden worden verkregen door niet te rekenen ten opzichte van een jaar geleden, maar ten opzichte van het vorige kwartaal. De cijfers van vanmorgen lijken de diagnose van ‘onzichtbare afkoeling’ te bevestigen: ten opzichte van het vierde kwartaal van 2007 was de groei maar 0,2 procent. En dat is de laagste kwartaal-op-kwartaalscore van de afgelopen drie jaar.

Het wordt nog lastiger. Het CBS levert een uitsplitsing van de economische groei naar bestedingscategorie. De gegevens van kwartaal op kwartaal blijken ditmaal nogal uit balans. De consumptieve bestedingen van huishoudens zijn gegroeid met 0,5 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2007, en dat is helemaal niet zo slecht. De overheidsconsumptie groeide met 0,3 procent, en de investeringen met 3,4 procent. Hoe komt het CBS dan toch op die magere groei van 0,2 procent? Dat komt door een forse groei van de invoer, met 3 procent op kwartaalbasis, die van het bbp wordt afgetrokken. Ook is de gasproductie nog steeds van grote invloed op de cijfers. Na de flinke toename in 2007 loopt het effect daarvan op de economische groei terug. Bovendien heeft het CBS Goede Vrijdag meegeteld als werkdag. Als dat niet was gebeurd, en het CBS voor het verlies van een werkdag had gecorrigeerd, dan was de kwartaalgroei hoger uitgevallen.

Deze karakteristieken maken dat uit het groeicijfer van vanmorgen nog nauwelijks valt af te leiden hoe goed of slecht het nu precies gaat. Goed op jaarbasis, niet bijzonder goed op kwartaalbasis, maar misschien toch wel beter dan gedacht. Waarschijnlijk moet worden gewacht tot begin juli, als het CBS de vanmorgen gepubliceerde cijfers definitiever maakt.

Toch zegt het Nederlandse groeicijfer wel iets over de stand van de economie, zeker als die wordt afgezet tegen de groei in andere Europese landen. Uit vanmorgen gepubliceerde gegevens van Eurostat, het Europees statistisch bureau, blijkt dat Europa gemiddeld met 0,7 procent is gegroeid ten opzichte van het laatste kwartaal van 2007. Op jaarbasis groeit de Europese economie nog met 2,4 procent, en de vijftien landen in de eurozone met 2,2 procent, hoger dan analisten hadden verwacht. Nederland is met de 0,2 procent een van de slechtst scorende economieën. Van de 14 Europese landen die gegevens hebben aangeleverd, zijn er maar drie die slechter scoren.

De Europese gegevens worden sterk ‘vervuild’ door een hoog groeicijfer in Duitsland. De Duitse economie, die door de omvang zwaar meeweegt in de Europese statistieken, zou in het eerste kwartaal met 1,5 procent zijn gegroeid, de hoogste kwartaal-op-kwartaalgroei in 12 jaar. Maar ook in Duitsland ontbreekt een bevredigende verklaring voor de enorme groeispurt. Eind 2007 groeide de Duitse economie nog met 0,3 procent op kwartaalbasis. Economen waarschuwen ervoor dat de opleving niets zegt over de onderliggende conjuncturele trend. Die is, ook in Duitsland, neerwaarts.

Die trend hangt wel degelijk samen met de gevolgen van de kredietcrisis. De Amerikaanse economie groeide de laatste twee kwartalen nog maar met 0,1 procent. Dat gaat Europa ook voelen.

De Europese Commissie waarschuwt vandaag dan ook dat de groei in de eurozone in het tweede kwartaal waarschijnlijk lager zal uitvallen door de gevolgen van de kredietcrisis, de afzwakkende wereldeconomie, de sterke euro en de hogere kosten van grondstoffen.