Schaf Europees landbouwbeleid liever af

De heer Schelhaas heeft gelijk dat de vrije markt geen oplossing biedt voor de huidige voedselcrisis (Opiniepagina, 29 april). Dat neemt niet weg dat het Europese landbouwbeleid het aanbod verstoort en weinig bijdraagt aan het verhogen van de productiviteit van kleine boeren, waar volgens de heer Schelhaas de oplossing voor de huidige voedselcrisis ligt.

De Europese landbouwsubsidies en forse importheffingen (gemiddeld 23 procent) hebben het moeilijk gemaakt voor andere landen om te concurreren op de Europese markt. Dat heeft de agrarische productie in andere met name arme landen laag gehouden en de productie heeft dus niet plaats gevonden waar dat het meest efficiënt is.

Het argument dat beschermende landbouwpolitiek tot (kunstmatige) prijsstabiliteit leidt, is ook niet per se een zegening. Immers, een beschermende omgeving vermindert het aanpassend vermogen. Omdat boeren niet goed geleerd hebben met prijsschommelingen om te gaan, zijn met name arme boeren ook nu niet in staat hun productie te verhogen.

De heer Schelhaas betoogt dat de oplossing voor de voedselcrisis in de verhoging van de productiviteit van kleine boeren zit. Het is echter moeilijk te zien hoe het EU- beleid hieraan bijdraagt, omdat 80 procent van het budget naar de 20 procent rijkste boeren gaat. Zo is berekend dat de 30 rijkste boeren, onder wie prins Albert van Monaco, gemiddeld 390,000 aan subsidie per jaar ontvangen.

Het Europese landbouwbeleid heeft weinig positieve invloed op de huidige crisis en kan gezien de andere nadelen, zoals hogere belastingen, benadeling van lage inkomenslanden en productie-inefficiëntie, maar beter afgeschaft worden. Een gedeelte van het geld dat daarmee vrij komt, kan besteed worden aan het verhogen van de productie van kleine boeren in arme landen.