Regering was een papieren tijger

Na een week van gevechten tussen Hezbollah en de Libanese regering tekent zich een nieuwe machtsbalans af.

‘Veel mensen zijn verwaarloosd door de staat.’

Elitetroepen van het Libanese leger bewaken zijn huis in West-Beiroet. In de verte schittert de Middellandse Zee. Binnen, achter de veilige muren van zijn stadspaleis, kiest Walid Jumblatt, leider van de Libanese druzen, ex-krijgsheer en anti-Hezbollahpoliticus een nummer op zijn mobiele telefoon. Alles is misgegaan en hij moet door het stof.

„Nabih Berri?” zegt hij tegen de shi’itische voorzitter van het Libanese parlement. „Walid hier. Zeg tegen Nasrallah dat hij deze slag heeft gewonnen en ik heb verloren.”

Nasrallah is Hassan Nasrallah, leider van de shi’itische oppositiebeweging Hezbollah en sinds een reeks gevechten vorige week feitelijk de machtigste man van Libanon. Zijn troepen, militair en financieel gesteund door Iran en Syrië, bezetten zonder noemenswaardige tegenstand van de pro-westerse regering afgelopen week twee dagen het westen van de Libanese hoofdstad.

Jumblatt hangt op. „De balans is volledig doorgeslagen in ons nadeel”, legt hij uit. „Libanon bevindt zich nu in een geheel nieuwe politieke situatie.” De afgelopen dagen is gebleken dat de regering, een door het Westen gesteunde coalitie van christenen, druzen en sunnieten die onder de noemer ‘14 maart’ opereert, in feite een papieren tijger was. Haar milities, die voornamelijk uit recent opgezette beveiligingsbedrijven en straatjongeren bestonden, waren kansloos tegen de geharde strijders van Hezbollah. „Militair spelen we geen enkele rol meer”, verzucht Jumblatt. „Politiek zijn we vreselijk verzwakt.”

Amerika heeft zijn steun verklaard maar niets substantieels gedaan voor de Libanese regering. Jumblatt vindt dat het daarvoor nu te laat is. „De Amerikaanse rol in Libanon is uitgespeeld, het zijn de Iraniërs die het hier nu voor het zeggen hebben.”

Hezbollah nam half Beiroet in nadat Jumblatt een conflict over een geheim communicatiesysteem van Hezbollah hoog had opgespeeld in de media. Zijn politieke medestanders steunden zijn oproep om de macht in te perken van Hezbollah, dat zelf liet weten communicatie nodig te hebben als wapens in de strijd tegen Israël en in het offensief ging. Tijdens de gevechten die volgden kwamen er 61 mensen om. Nu eist Hezbollah dat de nieuwe situatie in politieke zeggenschap wordt omgezet.

De tegenstanders van de regering zijn tevreden met de voorlopige uitkomst van het conflict. „Nu heeft iedereen kunnen zien dat hun beweging een luchtkasteel was”, zegt Ali Hamdan, adviseur van Amal. Deze shi’itische partij vormt samen met Hezbollah, de christenen van generaal Michel Aoun en enkele druzische groeperingen de oppositie.

Vanuit haar woning in de heuvels kijkt Nayla Mouawad, lid van het kabinet en lid van ‘14 maart’, uit over de Libanese hoofdstad. Door de chaotisch gebouwde oude appartementencomplexen vermengd met strakke nieuwbouw, zijn de scheidslijnen van de Libanese burgeroorlog (1975-1990) onzichtbaar geworden. Maar voor Mouawad, die haar man, president René Mouawad, in 1989 verloor bij een aanslag, gaat de strijd door. Ze probeert wereldwijd steun te vinden voor de Libanese regering. „We bellen met iedereen. Iran maakt een buitenpost aan de Middellandse Zee van Libanon. Ik kan me niet voorstellen dat dit in het belang van het Westen is.”

Maar Beiroet is meer dan de schitterende paleizen van de machtige families die hier soms al eeuwen de dienst uitmaken. De mensen die de straat opgaan als hun leiders dat vragen, wonen in de stoffige wijken van de Dahiye, het hoofdkwartier van Hezbollah, en in de dicht op elkaar gebouwde flats van de sunnitische wijk Tarek al-Jadeed.

„Wij steunen onze leiders tot het einde”, zegt Abbas Abbas, een sunniet. „Zij zorgen voor ons, anderen doen dat niet.” Hij zit op een stoel in de volkswijk waar iedereen dol is op Saad Hariri, de zoon van de vermoorde oud-premier, die sinds diens dood de politieke voorman van de sunnieten is. „Sommigen klagen over Saad, dat hij ons niet genoeg wapens geeft. Maar wij steunen Saad. Wie anders neemt het voor ons op?”, vraagt hij.

„Veel mensen zijn verwaarloosd door de staat. Ze hebben alleen vertrouwen in hun leiders”, zegt politiek analist Karim Karim Makdisi. Hij geeft ze geen ongelijk. De shi’ieten en deels ook armere christenen en sunnieten waren tot dusver ver verwijderd van de macht. De shi’ieten hoorden traditioneel bij een armere klasse in het land. De strijd die nu speelt is ook een gevecht van een opkomende klasse tegen de gevestigde elite, al zitten er machtige families én voorvechters van de armen in beide groepen.

Ali Hamdan, politiek adviseur van Amal, wil dat er niet langer met twee maten wordt gemeten. „Alles wat wij doen is slecht, en wat zij doen is goed. Maar wij vertegenwoordigen een groot deel van de bevolking, daar moet ruimte voor komen. Dat leidt tot spanningen, maar ook tot een nieuwe verstandhouding.” Hoe die gaat uitpakken, is nog niet duidelijk.