Na de schandalen is het tijd voor een overlever

Na de vele corruptieaffaires onder zijn voorganger Kamil Idris moet de Australiër Francis Gurry orde op zaken stellen bij patentorganisatie WIPO.

Gisteravond rende er iemand door de hal van het WIPO-gebouw in Genève en riep: „Viva Gurry!” Zo groot is de opluchting bij veel werknemers van de World International Property Organization dat de Australiër Francis Gurry waarschijnlijk de nieuwe directeur-generaal wordt.

Gurry, die zaterdag 57 wordt, werd door een comité van 83 WIPO-leden uit vijftien kandidaten gekozen om in oktober de huidige Soedanese directeur-generaal Kamil Idris op te volgen. In september moeten alle 184 lidstaten dat bekrachtigen. Gurry, een boomlange jurist en filosoof die sinds 1985 bij WIPO werkt, staat bekend als een hardwerkend, intelligent en aimabel mens. Als vicedirecteur-generaal voor patenten heeft hij een goede naam. Gurry richtte het arbitrage- en mediatiecentrum op, waar mensen en bedrijven wereldwijd disputen rond intellectueel eigendom (waaronder domeinnamen op internet) uitvechten.

Gurry’s reputatie steekt schril af tegen die van zijn voorganger. Kamil Idris haalde de machtige, rijke organisatie, waarvan het belang in dit virtuele tijdperk groeit, de laatste jaren door het slijk met een weergaloze reeks schandalen. Zo bouwde hij een zwembad met WIPO-geld en veranderde hij zijn geboortedatum om er beter van te worden. „Een typefout”, hield hij vol, alsof hij als 14-jarige echt leidinggevende was geweest op een ministerie in Khartoum. Ook gaf Idris Zwitserse instanties vervalste identiteitspapieren en omringde hij zich met corrupte, incompetente medewerkers. Interne en externe onderzoeksrapporten bevestigden dit. Het regende bij de VN klachten van personeelsleden die zich gepasseerd of geïntimideerd voelden door protegés van Idris. „Als iemand vraagt waar ik werk,” zei een WIPO-functionaris laatst, „schaam ik me bijna om te zeggen: bij WIPO.”

Ook veel landen die bij de organisatie zijn aangesloten, wilden van Idris af. In een tijd waarin intellectueel eigendom (IP), patenten en auteursrechten belangrijker worden in de wereldeconomie, groeit het belang van WIPO rechtevenredig. Eerst begonnen de Amerikanen – grote patentaanvragers en -houders – zich op te winden over Idris’ activiteiten. Later volgden Europese en Aziatische landen als Japan en Zuid-Korea, die eveneens gebaat zijn bij een moderne instelling die faire ‘IP-verkeersregels’ opstelt en bewaakt.

Maar Idris beschouwde dit als een „complot” van rijke, witte, westerse landen die de derde wereld onder de duim houden. Hij buitte de polarisatie rijk-arm en Noord-Zuid die de hele VN momenteel lamlegt, schaamteloos uit. Niet alleen hield hij – ten onrechte – vooral Afrikanen voor dat de rijke landen tégen zijn ‘Ontwikkelingsagenda’ zouden zijn (onder meer hulp voor patentbureaus in arme landen). Ook gaf hij familieleden van diplomaten en ministers uit strategische landen baantjes bij WIPO. Een medewerker hoorde Idris eens roepen: „Ik ben trots dat ik zwart ben!”

Eind 2007 slaagden Noorse en Nigeriaanse diplomaten erin Idris te overreden om een jaar eerder af te treden – oktober 2008. Als stok achter de deur hadden ze een bevroren WIPO-begroting, als wortel persoonlijke immuniteit plus volledig pensioen. Intussen hielden mensen als Gurry de organisatie draaiend. Hij hield lezingen over het groeiende aantal patentregistraties uit Azië en stimuleerde op een toekomst voorbereid te zijn waarin westerse bedrijven patentregistraties van concurrenten niet meer begrijpen omdat ze in het Chinees opgesteld zijn. Als lid van het managementteam kon Gurry Idris niet afvallen. Toch stond hij als onafhankelijk te boek. Zoiets vereist overlevingsdrang en tact – eigenschappen die hem in het tijdperk na Idris van pas zullen komen.

Gurry moet het vertrouwen tussen noordelijke en zuidelijke landen herstellen. Velen zien hem dat wel doen. Dat ook enige arme landen op hem stemden, zegt iets. Ook binnenshuis moet Gurry als een healer te werk. Om corruptie en nepotisme uit te bannen. Maar vooral ook om, „zonder heksenjacht”, zoals hij gisteren zei, een totaal gescheurd sociaal weefsel te repareren.