Sleutelrol voor Milosevic-kamp

De pro-westerse Boris Tadic won de Servische verkiezingen, maar hij zal steun moeten zoeken bij de partij van wijlen Slobodan Milosevic.

Daags na de overtuigende verkiezingswinst van de ‘coalitie voor een Europees Servië’ komen in de Servische hoofdstad Belgrado niet de winnaars, maar de verliezers bijeen om te praten over een nieuwe regering. De pro-Europeanen van president Boris Tadic behaalden de zege, maar de anti-westerse Tomislav Nikolic en Vojislav Kostunica zijn al dicht bij een ‘pact’, meldt de Servische krant Press vandaag.

Om te kunnen regeren zijn ze afhankelijk van samenwerking met de socialistische partij van wijlen Slobodan Milosevic, de SPS, die een verrassende zetelwinst boekte. Lukt het hun niet een regering te vormen, dan is het de beurt aan Tadic die eveneens niet zónder de SPS tot een meerderheidscoalitie komt.

Het is illustratief voor de absurditeit van het politieke klimaat in Servië: ondanks de monsterzege van de democraten zijn het de erfgenamen van Milosevic die bepalen welke richting Servië opgaat.

Wie hoopt dat Servië na de parlementsverkiezingen van afgelopen zondag een andere koers zal varen, komt voorlopig bedrogen uit. In de Servische politiek bepalen niet per se de kiezers wie de winst verzilvert. Dat wordt bekonkeld in kavana’s, Servische restaurants waar het licht rond lunchtijd wordt gedimd, waar wordt gesmoesd en deals worden beklonken met glaasjes slivovitsj.

Zondagavond werd in Belgrado vuurwerk afgestoken door aanhangers van de Democratische Partij (DS) van president Boris Tadic die, in alliantie met kleinere, pro-westerse partijen, op 102 zetels was uitgekomen.

Politiek analisten hadden de pro-Europese Tadic van tevoren weinig kans gegeven. De onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo, begin dit jaar, leidde in Servië tot een anti-westerse houding en Tadic’ rivaal Tomislav Nikolic, leider van de Servische radicale partij (SRS) zou daarvan profiteren.

Nikolic zoekt steun van Moskou en neemt afstand van de EU die, vindt Nikolic, „de illegale onafhankelijkheid van onze Servische provincie heeft mogelijk gemaakt.” Ook de Servische premier Vojislav Kostunica, van de Democratische Partij van Servië (DSS), wil niets meer met Europa te maken hebben. De onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo op 17 februari leidde op 8 maart tot de val van de regering van Kostunica en de partij van Tadic en tot de vervroegde verkiezingen van afgelopen weekend.

Vervolg Servië: pagina 5

Brussel tevreden over winst Tadic

Toch kwamen de radicalen (SRS) niet verder dan 78 zetels en Kostunica kreeg er 30. „Servië heeft gekozen voor de weg naar Europa”, zei Tadic zondagnacht. In Brussel werd Tadic’ winst door diplomaten „een doorslaggevende, pro-Westerse keuze” genoemd.

De jongeren die nu feest vieren in Belgrado hopen dat Servië snel bij de EU gaat horen. Ze willen af van het isolement waarin Servië verkeert sinds het regime van Slobodan Milosevic. Maar er zijn minstens net zo veel jongeren, buiten de grote steden, die gefrustreerd zijn door de armoede en werkloosheid, en die gevoelig zijn voor nationalistische retoriek.

Boris Tadic won de verkiezingen met steun van de EU. Maar om een regering te vormen zal hij zaken moeten met met de krachten uit het verleden die de EU zo graag een beslissende slag had willen toebrengen. Tadic kan rekenen op de steun van de liberaal-democraten (LDP, 13 zetels) en kleine partijen die minderheden in Servië vertegenwoordigen (7 zetels). Maar voor een meerderheidscoalitie komt Tadic dan nog te kort. Daarom zal hij steun moeten zoeken bij de SPS van wijlen Milosevic, die met 20 zetels nu de toekomst van Servië kan bepalen. Maar de SPS, meer een zakelijke lobbygroep van oudgedienden van Milosevic dan een politieke partij, is eerder geneigd samen te werken met de radicalen.

In Brussel overheerst nu vooral nog tevredenheid, omdat Tadic won. De Europese bemoeienis met de Servische politiek heeft goed gewerkt, vinden diplomaten. Er waren cadeautjes aangeboden – de aanstaande opheffing van de visumplicht en net voor de verkiezingen nog een ‘stabilisatie- en associatieakkoord’ dat Servië de status geeft van aankomend EU-lid – en de Serviërs hadden laten zien dat ze die graag wilden hebben. Dus ging Slovenië, nu voorzitter van de EU, er gisteren meteen maar mee door: als er een pro-Europese regering komt in Belgrado, zei de Sloveense minister van Buitenlandse Zaken Dimitrij Rupel, dan kan het EU-lidmaatschap Servië niet meer ontgaan.

Maandenlang is er in Brussel gediscussieerd over de vraag of die EU-bemoeienis met Servië wel zo’n goed idee was, of misschien een tegengesteld effect zou kunnen hebben – zoals de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen lange tijd dacht. Die discussie zal nu niet meer opnieuw gevoerd worden. Ook Verhagen zei gisteren op de radio dat het EU-akkoord met Servië, waar hij zich lange tijd tegen had verzet, beslissend was geweest voor de overwinning van Tadic.

Voor de EU betekent dat een overwinning voor lidstaten die vinden dat elke beslissing over uitbreiding vooral een politieke beslissing moet zijn, ook in een heel vroeg stadium. Het belang van criteria voor landen die bij de EU willen gaan horen, zal er vrijwel zeker door afnemen.

Servië had, voordat het een akkoord kreeg met de EU, moeten voldoen aan de eis van volledige samenwerking met het VN-Joegoslavië tribunaal. Die eis is uitgesteld tot later, omdat Tadic éérst de verkiezingen moest winnen. De economische voordelen van het akkoord krijgt Servië pas als die ‘volledige samenwerking’ er is. Maar de betekenis die Nederland daar eerst nog aan gaf – uitlevering van oud-generaal Ratko Mladic – is door Verhagen ingeruild voor de zin dat Mladic’ uitlevering een ‘goed voorbeeld’ is van samenwerking.

Als het de Servische politici niet lukt om een nieuwe regering te vormen en er komen na de zomer opnieuw verkiezingen, zou dit het nieuwe cadeau van de EU kunnen zijn: toch een akkoord waar alle voordelen bij horen. Een diplomaat in Brussel zei gisteren al dat volledige samenwerking met het tribunaal ook kan betekenen dat Servië „enorm zijn best doet” om Mladic op te sporen.

Fotoserie Dirk-Jan Visser over de Servische verkiezingen: nrc.nl/buitenland