Peking houdt rampen niet langer geheim

De Chinese overheid is na de aardbeving van gisteren onmiddellijk in actie gekomen. Toch is er kritiek. Al een week geleden waren er in de getroffen streek voortekenen van een ramp.

Zeven dagen voordat „de grond schokte” zagen Tibetaanse boeren de padden massaal in beweging komen. Met duizenden tegelijk leken zij op de vlucht te slaan. De boeren waarschuwden de plaatselijke autoriteiten in het hooggelegen westen van de Chinese provincie Sichuan (Vier Rivieren) dat als de padden plotseling migreren, een natuurramp nooit lang op zich laat wachten.

Maar, zo wordt op de internetsites Tianya en Yitahutu geklaagd, in plaats van de bevolking te alarmeren werd een geruststellende boodschap („kalmeer de bevolking”) rondgestuurd.

„We moeten voortaan padden aanstellen bij het Nationale Seismologische Bureau en al die nutteloze functionarissen ontslaan”, schrijft een boze inwoner in de provinciehoofdstad Chengu op het onlineforum Tianya. „Dergelijke signalen moeten serieus genomen worden, want de Tibetanen zijn heel nauw met de natuur verbonden”, zegt Cui Zu Bin van de Sichuan Scientific Exploration Association in Chengdu in een telefonische reactie. Het epicentrum van de aardbeving van 7,8 op de schaal van Richter lag in de Tibetaanse Autonome Administratieve Regio Aba, 159 kilometer, ten noordwesten van Chengdu en werd in heel centraal en oostelijke China gevoeld. In het dunbevolkte Aba (111.000 inwoners) vonden in maart botsingen plaats tussen demonstrerende Tibetaanse monniken en de politie.

De meeste slachtoffers vielen in relatief kleine, voornamelijk door Han-Chinezen bewoonde steden zoals Wenchuan en Duijiangyan, stadjes die in het kader van de ontwikkeling van westelijk China in de afgelopen jaren snel zijn gegroeid. De Chinese autoriteiten kwamen onmiddellijk in actie. De tijd dat rampen geheim gehouden werden, is voorbij.

In de reusachtige industriesteden Chengdu (16 miljoen inwoners) en het naast Sichuan gelegen Chongqing (30 miljoen inwoners) bleef de schade beperkt. Hoogstwaarschijnlijk zal het dodental stijgen, denkt ook Cui Zu Bin, die als gids werkt in het ruige, bergachtige westen en noordwesten van Sichuan.

„Wegen zijn geblokkeerd door neergestorte rotsen of weggegleden in de ravijnen. Heel wat dorpen zijn onbereikbaar. . En ik heb van onze medewerkers in Dujiangyan gehoord dat er heel veel mensen op de vlucht zijn geslagen, die daardoor de wegen blokkeren voor de hulpverleners”, vertelt Cui. De gids werkt voor internationale bedrijven die betrokken zijn bij de bouw van waterkrachtdammen in westelijk Sichuan.

Vervolg China: pagina 4

Chinese premier Wen Jiabao snel ter plaatse

Cui vertelt dat in de miljoenenstad Chengdu de bewoners de nacht hebben doorgebracht op straat of in de parken, soms in tenten. De meesten bleven buiten in de buurt van hun huizen om plunderingen te voorkomen. De elektriciteit en de verlichting in de provinciehoofdstad was uitgevallen, bedrijven en scholen bleven vandaag overal dicht.

„Er was hier wel grote paniek, maar er zijn hier geen gebouwen ingestort. Dat komt door de ligging van Chengdu op een rotsmassief en omdat de bouw hier van hogere kwaliteit is dan in de afgelegen gebieden”, denkt Cui. Het feit dat Chengdu gespaard is gebleven verklaart ook waarom de schade aan de grote industrieën (motoren, auto’s computers, bouwmaterialen) van Sichuan vooralsnog beperkt is. Twee chemische fabrieken stortten in, waarbij een grote hoeveelheid ammoniak vrijkwam, maar de reusachtige chemische complexen ten oosten van de stad en olieopslagplaatsen zijn gespaard.

Tijdens de eerste persconferentie vanochtend in Peking stelden Chinese journalisten kritische vragen over de kwaliteit van de bouw in de getroffen gebieden, omdat was opgevallen dat scholen en ziekenhuizen niet aardbevingsbestendig bleken te zijn, maar partijgebouwen in Wenchuan en Duijangyan wel overeind bleven. Ook op de online-fora worden daarover indringende vragen gesteld, omdat in Wenchuan van een school alle 900 kinderen en hun leraren werden bedolven onder het puin en slechts 100 van de 420 leerlingen van een andere school de natuurramp overleefden.

Het was bij deze school dat de Chinese premier Wen Jiabao drie maal boog bij de stoffelijke overschotten van 50 slachtoffers om zijn diepe droefenis te tonen.

Wen was opmerkelijk snel ter plaatse en ook president Hu Jintao reageerde met het bijeenroepen van het Chinese politburo en de afkondiging van een reeks maatregelen zeer voortvarend. Duizenden militairen werden naar westelijke Sichuan gedirigeerd nadat de president een grootschalige hulpverleningsactie had verordonneerd.

De aanpak van de Chinese leiders staat in scherp contrast met die van het regime in Birma, en is ingegeven door de wens adequater op te treden dan eerder dit jaar toen aan de vooravond van het Chinese Nieuwjaar oostelijk en zuidelijk China werd getroffen door de zwaarste winterstormen in vijftig jaar. In de media, maar ook in het Nationale Volkscongres werd de regering opgeroepen bij een volgende natuurramp sneller en doeltreffender in actie te komen. De tijd dat in China grote rampen verborgen blijven is voorbij. De staatstelevisie is onafgebroken in de lucht met officiële aankondigingen en bemoedigende verhalen over spectaculaire reddingsacties en heldendaden van hulpverleners. Bijkomend oogmerk van de Chinese leiders, aldus een commentator van de South China Morning Post, is de wereld gerust stellen dat de ramp geen invloed zal hebben op de Olympische Spelen. Een woordvoerder van organiserende comité zei vanochtend dat alle Olympische voorzieningen een schok van 8,7 op de schaal van Richter kunnen doorstaan.

Economische analisten voorspelden vanochtend dat de prognoses voor de economische groei van China (10,5 procent in 2008) niet bijgesteld hoeven worden, omdat de economische impact beperkt zal zijn.