Fransen vergeten ’58 te herdenken

En als Frankrijk deze maand nu eens bezig is met een herdenking van het verkéérde jaar? De studentenrevolte van mei 1968 is alom aanwezig, maar bijna niemand heeft het over mei 1958.

Toch werd precies vijftig jaar geleden het burgerlijk gezag in Algerije, dat toen nog ‘onlosmakelijk’ deel van het Franse rijk was, omvergeworpen door duizenden Europese demonstranten, ontevreden over het optreden van de staat tegen Algerijnse onafhankelijkheidsstrijders. Hun leider, generaal Massu riep de volgende dag een gepensioneerde staatsman uit de Tweede Wereldoorlog op om het land te redden: generaal De Gaulle.

Nog dezelfde week verklaarde De Gaulle zich bereid de macht weer in handen te nemen, meer dan tien jaar nadat hij Frankrijk had geleid in de eerste naoorlogse jaren. Op voorwaarde dat er een nieuwe staatsinrichting kwam, met een sterkere, direct gekozen president.

De Gaulle leidde zelf de overgangsregering die in september een referendum organiseerde over de nieuwe staatsinrichting. De kiezers stemden massaal vóór. Daarmee werd de Vijfde Republiek geboren, het huidige Franse staatsbestel.

Er is veel voor te zeggen dat mei 1958 op Frankrijk een grotere historische invloed had dan mei 1968. Nog altijd heeft Frankrijk een ongekend machtige president en een zwak parlement – volgens critici het gevolg van de ‘democratisch gelegitimeerde staatsgreep’ van 1958.

In juni sprak De Gaulle in Algiers de beroemde woorden Je vous ai compris, Ik heb u begrepen. Op dat moment werden ze opgevat als belofte dat De Gaulle Algerije Frans zou houden. Maar hij werkte toe naar de Algerijnse onafhankelijkheid. Frankrijk betrad in 1962 het postkoloniale tijdperk, omarmde zijn Europese bestemming, en maakte kennis met nieuwe migrantenstromen.

Benjamin Stora, erkend specialist van de periode, begrijpt wel waarom Fransen liever 1968 herdenken dan 1958. Ze verkiezen het „feestelijke aspect van 1968” boven „de drama’s van de dekolonisering”, schreef hij in L’ Express.