Ford krijgt steun van beleggers

De familie Ford heeft via een beschermingsconstructie 40 procent van de stemmen bij het autoconcern. Aandeelhouders hebben daar geen moeite mee.

Het is John Chevedden weer niet gelukt om de macht van de familie Ford te breken. Aandeelhouders van de op één na grootste autofabrikant van de Verenigde Staten stemden vorige week op de aandeelhoudersvergadering in Wilmington (Delaware) voor het vierde achtereenvolgende jaar tegen het voorstel van de activistische belegger om een einde te maken aan de structuur van twee soorten aandelen bij Ford, die de familie Ford 40 procent van de stemrechten garandeert met slechts 3,2 procent van de aandelen. Het voorstel kreeg afgelopen donderdag 27,2 procent van de stemmen, iets minder dan vorig jaar.

Wat dit jaar anders is, is dat het aandeel Ford weer in de lift zit omdat beleggers – onder wie miljardair Kirk Kerkorian – veel vertrouwen hebben in topman Alan Mulally, die door de president-commissaris en vroegere topman William Clay Ford Jr. in september 2006 werd uitverkoren om het bedrijf te leiden.

„De aandeelhouders gunnen het concern het voordeel van de twijfel”, zegt James O’Shaughnessy, directeur van O’Shaughnessy Asset Management uit Stamford (Connecticut). „Het lijkt erop dat Ford op de terugweg is.” Hij beheert voor 9,5 miljard dollar (6,1 miljard euro) aan bezittingen, waaronder 1,4 miljoen Ford-aandelen.

De recente onthulling van Kerkorian dat hij een belang van 4,7 procent had genomen in Ford, volgde op de bekendmaking op 31 maart dat fondsbeheerder Dodge & Cox uit San Francisco een belang van 4,9 procent had verworven en het bericht van 31 december dat Putnam Investments uit Boston zijn belang bijna had verdubbeld naar 1,2 procent.

„Niemand weet het uiteraard zeker, maar we denken dat hier goed geld kan worden verdiend”, zegt Kerkorian-adviseur Jerome York. „In de meest recente kwartalen, maar vooral in het eerste kwartaal van dit jaar, zijn de resultaten echt verbeterd.”

Eerder zei York al in The New York Times dat Ford „over de beste gifpil ter wereld tegen een vijandige aandeelhouder beschikt, in de vorm van de 40 procent stemrechten voor de familie Ford.”

Ook Bernard McGinn, president en hoofd beleggingen van McGinn Investment Management in Alexandria (Virginia), die 300.000 Ford-aandelen bezit, zag weinig in het voorstel van Chevedden. „Mulally kan de aandeelhouders in de ogen kijken en zeggen: heeft u geduld, alles komt goed.”

Mulally heeft 46.300 banen geschrapt bij de Noord-Amerikaanse divisie van Ford, de voornaamste bron van de verliezen van het concern. Hij heeft negen fabrieken gesloten of is van plan dat te doen, terwijl één gesloten fabriek weer op het punt staat te worden heropend. Mulally brengt de productiecapaciteit van Ford op één lijn met het verminderde marktaandeel van het concern in Noord-Amerika.

Het concern had in de eerste vier maanden van dit jaar 16,2 procent van de Amerikaanse markt in handen, tegen 25,7 procent in 1995, het laatste jaar dat het nog marktaandeel won.

Ford schrapt dit jaar nog eens 4.200 Amerikaanse fabrieksbanen, nadat de werknemers in het eerste kwartaal al afvloeiingsregelingen en vervroegde pensioneringen hadden aanvaard. De autoproducent zei vorige week extra afvloeiingsregelingen te zullen aanbieden aan het personeel van fabrieken in Louisville (Kentucky) en Chicago.

Mulally wil dat Ford meer auto’s gaat bouwen die wereldwijd verkocht kunnen worden. Een nieuwe kleine Fiesta gaat dit jaar in productie voor Europa en Azië en in 2010 voor Noord-Amerika.

De structuur met twee soorten aandelen werd geïntroduceerd toen de autoproducent in 1956 naar de beurs ging, opdat de familie van de oprichter de controle in handen kon houden via het bezit van aandelen van de B-klasse. „De familie van de oprichter heeft een meer dan honderdjarige geschiedenis van aanzienlijke betrokkenheid bij de gang van zaken bij Ford Motor”, aldus de autoproducent in een verklaring. „Iedere belegger die een aandeel Ford koopt, is op de hoogte van deze kapitaalstructuur. Velen voelen zich juist aangetrokken tot Ford door de stabiliteit op langere termijn die de B-klasse-aandeelhouders bieden.”

De Ford-clan heeft een fonds achter de hand, waarmee alle 70,9 miljoen aandelen van de B-klasse kunnen worden opgekocht, die afstammelingen van oprichter Henry Ford zouden willen verkopen. Ieder B-klasse-aandeel dat aan een buitenstaander wordt verkocht, verandert in een gewoon aandeel zonder extra stemrechten.

De familie heeft momenteel twee leden in de 13-koppige raad van commissarissen: Bill Ford (51) en zijn neef Edsel Ford II (59). Beiden zijn achterkleinzonen van Henry Ford.

Leden van de familie Ford bezitten ook gewone aandelen. Het concern meldt alleen de bezittingen van Bill en Edsel Ford, omdat zij commissarissen zijn. Er is geen familielid met een belang van 5 procent of meer in Ford, het niveau waarop belangen moeten worden aangemeld bij de Amerikaanse beursautoriteit SEC.

Bill Ford bezit 6,17 miljoen gewone aandelen, ofwel 0,29 procent van het totaal, en Edsel Ford heeft er 2,64 miljoen, ofwel 0,12 procent. (Bloomberg)

Vertaling Menno Grootveld