Chet Baker

„Ik ben verslaafd aan zijn muziek, zoals een alcoholist snakt naar alcohol. Het onvoorspelbare in zijn muziek; solo’s die altijd een andere kant op gingen dan je verwacht had. De intensiteit die lag in elke noot en hoe bloedserieus hij was over zijn muziek. Hij blééf me fascineren. Voor mijn boek paarde ik de liefde voor Chets muziek aan journalistiek onderzoek. De misvatting in Amerika dat Chet na 1958 een vergeten en aan lager wal geraakte muzikant was, stoorde me. Dat klopt gewoon niet en ik wilde het per se rechtzetten.”

De loopbaan van jazztrompettist Chet Baker, beroemd om zijn lyrische spel en fluweelzacht geblazen lijnen, is getekend door zijn langdurige heroïneverslaving. Vandaag is het twintig jaar geleden dat Baker het leven liet na een val uit een Amsterdams hotelraam. Jeroen de Valk (Rotterdam, 1958) publiceerde in 1989 de biografie Herinneringen aan een lyrisch trompettist. Onlangs verscheen de geactualiseerde versie, op basis van niet eerder uitgebrachte opnamen en nieuwe gesprekken.

,,Over Chet Bakers dood is uitermate veel gespeculeerd. Zelfmoord, moord door een dealer die hij niet had betaald. Wat mij betreft was het een ongeluk. In zijn val greep hij nog de ketting met de pin, waarmee het raam kon worden vastgezet. Zijn kamerdeur was van binnen afgesloten. Een eventuele moordenaar had van buitenaf door het raam, met een bergbeklimmers-uitrusting, de kamer moeten binnen komen en weer verlaten. En er waren bovendien geen sporen.

„Deze conclusie is mij in het buitenland erg kwalijk genomen. Niemand kan het tegenspreken, maar een vermoorde jazzmuzikant is natuurlijk een stuk sensationeler. In mijn onderzoek viel op dat de meeste journalisten een simpel bezoekje aan de Amsterdamse politiechef van destijds hadden nagelaten. Wat mij betreft is zijn leven al interessant genoeg zonder die verzinsels.

„De nieuwe biografie is twee keer zo dik geworden. Het is me gelukt contact te leggen met buitengewoon goed geïnformeerde oude musici als Bernie Fleischer. Zij vertelden over hun ervaringen met Chet, nog voor zijn doorbraak bij Gerry Mulligan. Anderen informeerden mij over de schimmige periode van rond 1970, waarin hij met een kunstgebit opnieuw moest leren spelen. Veel mensen waren gemakkelijk benaderbaar, omdat ze verkeerd of onvolledig waren geciteerd in de schandaalbiografie van de Amerikaan James Gavin. Ze konden nu vertellen wat ze eigenlijk hadden bedoeld.

„Zelf heb ik mijn beeld over Chet ook wel eens moeten aanpassen. Luisterend naar al die opnamen vond ik hem eigenlijk vaker in vorm dan ik altijd dacht. Schijn bedriegt; de musicus zag er soms zo slecht uit dat je zijn muziek er ook niet goed door vond. Zonder zijn verschijning erbij klonk het dan eigenlijk best prima. Beroerd speelde hij wel eens bij aandacht trekkende concerten.

„In 1987 kon ik Chet, na een eerdere mislukte afspraak omdat hij niet wakker te krijgen was, interviewen in een Amsterdams café. Ik was gespannen; hij was mijn held en ik wist niet hoeveel tijd ik met hem zou hebben, zo vlak voor zijn vertrek naar Istanbul. Chet was onafgebroken op tournee. Hij was vriendelijk. Ik bewaar er goede herinneringen aan. Ik stotterde in die tijd een beetje en Chet schoot me te hulp.

„De familie van Chet is na zijn dood teleurgesteld achtergebleven, hij had zich nooit om zijn erfenis had bekommerd. De verwachte zilvervloot is uiteindelijk nooit bij hen binnengevaren. Chet liet krap zestig gulden na en had niets geregeld. Zijn muziekrechten stond hij per land af om snel wat te verdienen. ‘Who cares’, was zijn mening.”

Chet Baker - Herinneringen aan een lyrisch trompettist (Van Gennep). 13/5 21 uur Tribute to Chet Baker in muziek en tekst, SJU Jazzpodium, Utrecht.