Buschauffeurs staken twee dagen om loon

Buschauffeurs staken morgen en donderdag. In een groot deel van het land zullen geen bussen rijden. In sommige steden en streken wel, omdat deze chauffeurs niet onder de cao openbaar vervoer vallen.

Dat heeft bestuurder Janny Koppens van FNV Bondgenoten bekend gemaakt. In Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Dordrecht, in de Achterhoek en in een klein deel van Friesland rijden de bussen gewoon.

De onderhandelingen tussen FNV Bondgenoten, CNV Bedrijvenbond en vakbond De Unie met de vervoersbedrijven Connexxion, Arriva en Veolia zitten al ruim vier maanden muurvast. De bonden eisen voor hun 13.000 werknemers een loonsverhoging van 3,5 procent en een structurele verhoging van de eindejaarsuitkering met 0,5 procent. Ook eisen zij onder meer een betere beloning voor jonge chauffeurs.

De vervoersbedrijven zeggen dat er geen geld is voor meer loon, tenzij de productiviteit omhoog gaat. Ze willen dat de chauffeurs het eerste kwartier van hun doorbetaalde pauze opgeven en volgens een flexibeler rooster werken. In ruil daarvoor kunnen zij over de komende drie jaar een loonsverhoging van 11,5 procent krijgen. De bonden noemen dit een „sigaar uit eigen doos”.

Om de druk op de vervoersbedrijven te vergroten voerden de chauffeurs op recente feestdagen ‘publieksvriendelijke acties’, waarbij ze de kaarten niet controleerden.

De bonden hebben wel toegezegd in elk geval niet te zullen staken in de ochtendspits tijdens de eindexamenperiode.

Na eigen onderzoek concludeert het wetenschappelijk bureau van de SP dat het openbaar vervoer sinds de invoering van de marktwerking bij de bussen in 2001 minder betrouwbaar is geworden. Lijnen sluiten minder goed op elkaar aan, veranderen sneller en er vallen vaker bussen uit.

Volgens de SP investeren de vervoersbedrijven vooral in goedlopende lijnen, terwijl in dunbevolkte gebieden lijnen verdwijnen.