Langzaam en voortvarend tegelijk

De afsplitsing van ABN Amro-onderdelen gaat trager dan verwacht. De opdeling zal nog wel op schema worden afgerond. Werknemers noemen de opkopers „voortvarend”.

Het zal hem niet bevallen. Mark Fisher is sinds oktober topman bij ABN Amro. Zijn taak is om de ontmanteling van wat eens de grootste bank van Nederland was zo snel en accuraat mogelijk door te voeren. De Brit heeft een reputatie hoog te houden: bij de snelle en succesvolle integratie van National Westminster door Royal Bank of Scotland (RBS) was hij een van de belangrijkste leiders.

Fisher heeft vanaf het begin een ambitieus schema nagestreefd voor de opdeling van de Amsterdamse bank. Het eindschema wordt nog wel gehaald, maar er zijn enige tussentijdse vertragingen. Zo is de afsplitsing van de Italiaanse dochter Antonveneta vertraagd. Het afstoten van de Braziliaanse tak Banco Real lijkt ook langer te gaan duren.

Dit blijkt uit informatie van RBS, dat niet kan zeggen waarom de afstoting langer duurt. De andere kopers van ABN Amro zijn het Belgisch-Nederlandse Fortis en het Spaanse Santander.

Het zijn de Spanjaarden die de Italiaanse en Braziliaanse dochters kregen toebedeeld. Antonveneta werd al snel weer van de hand gedaan en zal in handen vallen van het eveneens Italiaanse Monte dei Paschi di Sienne. De afsplitsing van Antonveneta zou in april zijn beslag krijgen, zei Fisher eind februari. Het is al mei en de laatste verwachting is dat de afsplitsing van Antonveneta „op korte termijn” plaatsheeft. De verhuizing van Banco Real naar Santander staat nu gepland voor de tweede helft van 2008, in februari wilde Fisher de overdracht in de zomer afronden. Een preciezere datum is er niet.

De vertragingen brengen het eindschema niet in gevaar. En vertraging is onontkoombaar bij een grote operatie als het uiteenrijten van ABN Amro. Soms komt de vertraging onverwachts. Zo bleek vorige week dat de Turkse toezichthouder op de bankensector geen toestemming geeft om de zes ABN-filialen daar over te doen aan RBS. De reden? De Britse bank Barclays heeft een belang van 3 procent in RBS en bij Barclays heeft de Koerdische afscheidingsbeweging PKK een bankrekening lopen.

De afsplitsing van de Nederlandse arm van de bank staat nog altijd gepland voor de tweede helft van 2009, het zou de laatste stap moeten zijn in het complexe proces. De business unit Nederland gaat naar Fortis en kan pas echt van start als zij heeft voldaan aan de eisen van de Europese Commissie. Deze wil dat Fortis enkele onderdelen verkoopt om te voorkomen dat er te weinig spelers zijn in een specifiek deel van het zakelijke segment.

Het gaat om de zakenbank Hollandsche Bank Unie, de regiokantoren voor zakelijke klanten in Amsterdam en Eindhoven en dertien advieskantoren, onder meer in Utrecht, Zwolle, Den Bosch en Maastricht. Fortis moet de onderdelen als pakket verkopen aan een speler die, net als Fortis tot nu toe deed, een uitdager kan zijn voor de grote banken ING en Rabobank. De derde grote speler ABN Amro gaat nu samen met Fortis. Het is onwaarschijnlijk dat een Nederlandse instelling de boedel zal overnemen. Fisher zei in februari dat RBS interesse had. Fortis verwacht in de zomer meer informatie ter kunnen geven over de potentiële koper. Het concern moet begin oktober overeenstemming hebben bereikt met de koper, dan verstrijkt de deadline van de commissie.

Op het hoofdkantoor van ABN Amro, waar steeds meer mensen ofwel verdwijnen of worden ingedeeld bij één van de drie opkopers lijkt de stemming om te slaan. Was men eerder vooral boos op Fortis omdat zij de ‘eigen’ mensen zou voortrekken, nu lijkt er berusting. „Ik zie het werken voor een nieuwe baas, voor een lid van het consortium, nu maar als een uitdaging. Je moet er zo ook wel naar kijken. Dat is realistisch”, zegt een werknemer die nu tijdelijk voor RBS werkt. Vanuit het hoofdkantoor, stelt de werknemer die anoniem wil blijven, lijkt de opdeling „zeer voorvarend” te verlopen. „Het enige grote wachten is eigenlijk tot Fortis de boel verkoopt.”

Dat de tijd van een onafhankelijk ABN Amro is verdwenen blijkt wel uit het feit dat het wegvallen van oude topbestuurders geen beroering teweeg brengt.

Vorige week verdween de grote dealmaker Wilco Jiskoot en in maart blijkt geheel geruisloos al voormalige financieel directeur Huibert Boumeester het veld te hebben geruimd. „Dat zij niet meer in het bestuur zitten? Niemand heeft het erover”, zegt de werknemer.