‘Ik ben een man van de achtergrond’

Sander Boschker (37) speelt met FC Twente in de finale van de play-offs tegen Ajax. En hij zit in de voorlopige EK-selectie van bondscoach Marco van Basten.

Sander Boschker: „Het mooie aan Marco van Basten vond ik zijn bedankje na afloop van een wedstrijd. ‘Hé Sander, bedankt’, zei hij dan. Dat had ik nog nooit meegemaakt.” Foto Eric Brinkhorst FcTwente / Sander Boschker / Keeper zaterdaginterview foto eric brinkhorst Brinkhorst, Eric

Wordt het Mexico of Zwitserland in juni? Als Sander Boschker mag kiezen, weet hij het wel: Zwitserland. De doelman van FC Twente is in dat geval verzekerd van een plaats in de selectie van het Nederlands elftal voor het Europees kampioenschap. Dat zou wat zijn, op zijn oude keepersdag.

Wordt het een vakantie in Mexico, dan vindt hij het ook goed. Want Boschker kent zijn plaats. Wat niet wil zeggen dat hij zich zomaar als vierde keus uit Oranje laat duwen door Edwin van der Sar, Maarten Stekelenburg of Henk Timmer. Dan kennen ze de echte Sander Boschker nog niet.

Verrassend, zijn uitverkiezing voor de voorlopige EK-selectie van bondscoach Marco van Basten? Ja, zegt Boschker, omdat hij er geen moment bij had stilgestaan. Maar eenmaal gewend aan de realiteit, zag hij de logica van de keuze. „Als twee jonge keepers naar de selectie van het olympische elftal moeten, blijft er weinig over. Als je dan goed speelt bij een club die volop in de belangstelling staat, had je het wel kunnen verwachten.”

En Boschker kent bondscoach Van Basten nog van het ene seizoen dat hij bij Ajax speelde. Dat zal ook hebben meegespeeld, veronderstelt de doelman. Hij trainde en speelde destijds wel eens onder Van Basten, die samen met zijn trainerspartner John van ’t Schip het beloftenteam van Ajax leidde. „Een goede trainer”, oordeelt Boschker. „Hij blijft altijd rustig en is tactisch sterk. Van Basten is geen coach die alles voorkauwt, maar de spelers veel vrijheid geeft. Maar het mooie aan hem vond ik zijn bedankje na afloop van een wedstrijd. ‘Hé Sander, bedankt’, zei hij dan. Dat had ik nog nooit meegemaakt.”

Wie weet is het jaartje Ajax dan nog ergens goed voor geweest. Want verder heeft Boschker geen dierbare herinneringen aan zijn Amsterdamse periode overgehouden. Hij verloor onder de toenmalige Ajax-trainer Ronald Koeman de strijd om de rol van reservekeeper van coming man Stekelenburg – achter de Roemeen Bogdan Lobont. Het gevolg: een plaats op de tribune met af en toe een wedstrijd bij de beloften. Boschker werd er gek van. „Als je niet speelt is dat jammer, maar op de tribune zitten is vele malen erger. Ik voelde me daar ook veel te goed voor. Toen ik Louis van Gaal (destijds technisch directeur, red.) aan het eind van het seizoen vroeg of ik weg mocht, kon dat gelukkig geregeld worden.”

En zo keerde Boschker terug bij FC Twente, de club waar hij vanaf 1989 onder contract stond en die hij in 2003 had verlaten, omdat spelers massaal Enschede verlieten en een faillissement dreigde. Die treurnis staat in schril contrast met de huidige stand van zaken. Met de komst van Joop Munsterman als voorzitter en Fred Rutten als trainer is FC Twente uit de as herrezen. Zelfs zodanig, dat de club de finale van play-offs tegen Ajax speelt en uitzicht heeft op de Champions League.

Boschker is er enigszins beduusd van. Zijn waardering voor de opleving van FC Twente gaat uit naar de clubleiding. Hij looft de visie en de dynamiek van Munsterman, evenals de trainerskwaliteiten van Rutten. En gnuivend richting Eindhoven: „PSV heeft een inschattingsfout gemaakt door Rutten destijds niet van assistent-trainer door te schuiven als opvolger van Guus Hiddink. Naar wat ik heb gehoord, omdat hij niet capabel genoeg zou zijn goed met de pers om te gaan. Alsof je daarop beoordeeld moet worden als trainer. Met zijn benoeming bij Schalke 04 wordt Ruttens werk eindelijk beloond. Ja, dat gun ik hem van harte. Ik hoop nu evenwel niet dat door zijn vertrek de structuur bij FC Twente wordt verstoord.”

In de onstuimige geschiedenis van FC Twente gedurende de laatste twee decennia is Boschker de stabiele factor. Hij rondt zijn achttiende seizoen als contractspeler af en heeft er na de play-offs tegen Ajax dan 480 competitiewedstrijden voor de club opzitten. „Ja, op de naar de 500. Dat is mijn doel”, zegt Boschker, die zich heeft voorgenomen zeker tot zijn veertigste te blijven keepen. Hoewel hij het clubrecord van 423 wedstrijden van Epi Drost intussen heeft overtroffen, wenst Boschker niet ‘Mister FC Twente’ genoemd te worden. Een eretitel die aan Drost toebehoort, vindt de doelman. De verdediger was een legendarische voetballer, een status die Boschker zich niet toedicht. „Ik ben een man van de achtergrond.”

Minstens zo hecht als zijn band met FC Twente is die met zijn geboorteplaats Lichtenvoorde. In de Achterhoek kreeg hij, als de jongste van acht kinderen, het keepen met de paplepel ingegoten. Zijn drie broers waren allen doelman bij de plaatselijke club Longa ’30. Met gepaste trots: „Hoewel ik maar één wedstrijd heb gespeeld, kunnen we alle vier zeggen in het eerste elftal te hebben gekeept. En nu staat de zoon van mijn oudste broer in het doel van Longa ’30.”

Maar zijn broers inspireerden hem niet om keeper te worden. Boschker. „Ik kon beter keepen dan voetballen, zo simpel was het. Sterker, rond mijn dertiende wilde ik zelfs stoppen met keepen, omdat ik amper wat te doen had. Ik wilde gaan voetballen, maar mocht niet van mijn moeder, waarschijnlijk omdat de trainer op haar had ingepraat. Keepers waren destijds schaars en als ik zou stoppen, hadden ze een probleem.”

Nu komt Boschker alleen nog bij Longa ’30 als zijn zevenjarige zoontje Bouwe met de F12 moet spelen. Toch wel als keeper? „Nee, als spits”, zegt de vader lachend. „Keepen vindt hij helemaal niks. Hoewel ik er niet van houd op te scheppen over mijn zoon, moet ik vaststellen dat hij enige aanleg heeft. Nee, je zult mij langs de lijn niet snel wat horen zeggen; ik houd niet van die schreeuwende ouders. Ik heb maar een keer luidkeels wat geroepen. Dat was omdat hij de tegenstander een schop gaf zonder dat de bal in de buurt was. Dergelijk gedrag tolereer ik niet.”

Sinds een klein jaar is zijn band met Lichtenvoorde wat geknakt. Boschker ligt in scheiding en komt er voornamelijk op dagen dat hij de zorg heeft voor zijn drie kinderen, naast Bouwe de negenjarige dochter Jikke en de vierjarige zoon Seb. Speciaal voor die gelegenheden heeft de doelman van FC Twente een appartement in zijn voormalige woonplaats gehuurd.

De scheiding heeft hem lange tijd emotioneel zodanig aangegrepen, dat hij minder presteerde bij FC Twente. „Ik speelde op een goed moment op de automatische piloot”, zegt Boschker schuldbewust. „Nu het met de kinderen goed gaat, voel ik me een stuk beter. Vooral als ik bij FC Twente ben, kan ik alle problemen gemakkelijk van me afzetten. Dat was tot een half jaar geleden vanwege alle kopzorgen ondenkbaar.”

Zijn privéproblemen deden Boschker besluiten de aanvoerdersband in te leveren. Dat bracht verplichtingen met zich mee die hij er niet bij kon hebben. Bovendien was de doelman in die periode wel eens afwezig. Nee, nu hij weer enige stabiliteit in zijn leven heeft aangebracht, hoeft Boschker de band niet terug. „Omdat mijn status in de spelersgroep niet is veranderd. Vraag de spelers wie de leider is en de meeste zullen mijn naam noemen. En indien nodig doe ik mijn zegje. Nee, nooit impulsief, omdat ik de situatie eerst aankijk. Maar als ik dan wat zeg, kan dat best op een botte manier zijn. Dan is het boem, maar wel duidelijk.”

Overigens is Boschker in zijn kritiek op medespelers wel milder geworden. Waar hij in zijn beginjaren bij FC Twente de eeuwige mopperaar uithing, heeft de doelman leren relativeren. Opgelucht: „Vroeger was het heel erg. Ik mopperde en schold veel en als het niet naar mijn zin ging, zakte mijn hoofd naar beneden, hingen mijn schouders af en had ik een houding van: bekijk het allemaal maar. Maar zo gedraag ik me zelden meer. Geleerd van Rutten, die mij er als eerste op wees die negatieve houding te veranderen. ‘Verspilde energie en niemand wordt er beter van’, zei hij. En gelijk had hij.”

Ook in veld weet Boschker zich beter in te houden. Waar een collega-doelman nog wel eens vuurspuwend een falende verdediger de huid pleegt vol te schelden, weet Boschker zich doorgaans te beheersen. Behalve als een speler zijn aanwijzingen niet opvolgt. Dan kan de vulkaan nog wel eens tot uitbarsting komen. Boschker: „Als ik iemand bijvoorbeeld zeg dat hij rechts moet staan, maar links aanhoudt, waardoor ik op het verkeerde been sta, dan kan ik erg boos worden. Maar ik ga niet zo tekeer als anderen. Verdedigers weten het wel als ze een fout hebben gemaakt. Je kunt één keer gvd zeggen, maar dan moet het ook over zijn.”

Maar zijn venijnige trekjes is Boschker vanzelfsprekend niet kwijtgeraakt. Dat blijkt als zijn concurrentie ter sprake komt. FC Twente heeft in de Bulgaar Nikolai Mihailov een talentvolle doelman, met wie het huurcontract met diens club Liverpool met twee jaar is verlengd. Maar de negentienjarige nieuwkomer moet niet denken dat hij Boschker, wiens contract tot 2009 loopt, zo maar uit de ploeg speelt. Krijgshaftig: „Ik zou niet weten waarom ik hem moet vrezen. Ik speel momenteel goed. FC Twente kan in hem wel de toekomstige doelman zien, maar als het aan mij ligt, zal hij enige tijd geduld moeten hebben. En mocht ik aan de kant worden geschoven, dan hebben ze een kwaaie aan mij, zeker als het zonder reden gebeurt. Indien het wel wordt beargumenteerd, weet ik niet hoe ik zal reageren. Maar ik denk dat ik dan wel in het belang van de club zal handelen. Maar me erbij neerleggen, dat nooit.”

Sterker, Boschker is al bezig met de toekomst. Als het aan hem ligt, verlengt hij ook na 2009 zijn contract. En hij bekijkt zeker twee keer per week de vorderingen van de verbouw aan het stadion, dat tot een capaciteit van 25.000 zitplaatsen wordt uitgebreid. Als gediplomeerd timmerman is de doelman geïnteresseerd in bouwprojecten. „Het is reuze interessant om te zien hoe iets uit het niets wordt opgebouwd. Ja, ik ben de enige speler die zo vaak gaat kijken. Ik mag wel zeggen dat FC Twente mijn club en het stadion mijn tweede huis is. En als je huis wordt vertimmerd, dan volg je dat nauwgezet. Toch?”