Frankrijk dringt hulp op aan Birma

De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Bernard Kouchner, heeft een schip naar Birma gestuurd met aan boord 1.500 ton aan hulpgoederen. Naar verwachting komt het transport woensdag of donderdag aan. Dat heeft de bewindsman gisteren verklaard. Hij wilde zich niet laten weerhouden door de weigering van de Birmese autoriteiten internationale hulp toe te laten.

De opmerkelijke Franse vasthoudendheid werd door Kouchner verdedigd met een beroep op zijn eigen, allang beleden, opvatting over het „recht op inmenging”. Als arts en oprichter van de hulporganisaties Artsen zonder Grenzen en later Médecins du Monde bepleitte hij sinds de jaren zeventig dat nationale machthebbers door de internationale gemeenschap moeten kunnen worden gedwongen hulp te accepteren als zij dat niet willen.

Nu deze situatie zich in Birma voordoet, blijkt Kouchner als minister deze mening nog steeds toegedaan. Hij wil „de deur openbreken” in Birma, liefst via een resolutie in de Veiligheidsraad. Nu dat niet lukt, moet de hulp de bevolking in nood bereiken via aparte overeenkomsten met de Birmese regering van de vier Franse non-gouvernementele hulporganisaties ter plaatse, waaronder Médecins du Monde en het Rode Kruis.