De stelling van Nico van Nimwegen: Het is onze hamburgers of hun kinderen

Bevolkingsgroei én welvaartsgroei veroorzaken de voedselcrisis. Thomas Malthus had toch een beetje gelijk, zegt demograaf Nico van Nimwegen tegen Roel Janssen.

Nico van Nimwegen is adjunct-directeur van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut NIDI foto’s Leo van Velzen Den Haag, 29-04-08. Drs. Nico van Nimwegen, adjunct-directeur van het Nidi. (Nederlands interdisciplinair demografisch Instituut). Foto Leo van Velzen NrcHb. Velzen, Leo van

Demografie geldt als ‘de moeder van alle wetenschappen’. Liggen de oorzaken van de voedselcrisis in de bevolkingsgroei?

„De groei van de wereldbevolking speelt bij veel maatschappelijke problemen een rol, maar wordt ook vaak overdreven. Het aantal mensen is belangrijk, maar hoe ze zich gedragen is belangrijker.”

Meer mensen betekent toch meer monden om te voeden?

„Wat telt is het consumptiegedrag van mensen in verhouding tot hun aantal. Naarmate mensen welvarender worden, consumeren ze meer voedsel.”

De consumptie gaat van één kom rijst naar een biefstuk.

„Precies. Het gaat om de koopkrachtige vraag naar voedsel. En om die biefstuk op je bord te krijgen, heb je veel meer landbouwgrond nodig dan voor de productie van rijst. Als je kijkt naar de huidige voedseltekorten, dan speelt daar de koopkrachtige vraag in de ‘miljard-mensen landen’ (India en China -red.) een grote rol.”

Een generatie geleden had je nog acties tegen de honger in India of Bangladesh.

„Steeds grotere delen van de bevolking in India en China hebben meer te besteden. De vleesconsumptie in China neemt gigantisch toe. De samenstelling van het menu verandert – en daarmee de vraag naar voedsel. Dat legt een groter beslag op de voedselvoorraden. Maar de rijke landen consumeren nog altijd aanzienlijk meer dan de mensen in India of China.”

Ook het aantal mensen in de wereld neemt nog steeds toe.

„We staan nu op ruim zes miljard en we gaan naar negen miljard mensen rond het midden van de eeuw.”

En wat betekent dat voor het voedselvraagstuk?

„Het wordt minstens vijftig procent moeilijker om op te lossen.”

U zei: het gaat om de combinatie van aantal én gedrag. Meer mensen, die welvarender worden en beter voedsel willen. Dus gaat het om een vraagstijging van meer dan vijftig procent.

„Als je niet alleen de bevolkingsgroei maar ook de welvaartsgroei erbij betrekt, zal de vraag naar voedsel veel meer worden aangejaagd. Je zult dus vaker met voedseltekorten geconfronteerd worden. In essentie is het een verdelingsvraagstuk. Er is genoeg voedsel, maar de manier waarop de calorieën bij de mensen komen, is ongelijk verdeeld.”

Had men de huidige voedselcrisis kunnen zien aankomen?

„De prognoses van de wereldbevolking veranderen niet veel. De groei van de voedseltekorten werd ook al voorspeld. Het is niet echt waarschijnlijk dat een nieuwe ‘groene revolutie’ tot grote productieverbeteringen zal leiden. Uitbreiding van het landbouwareaal zal de druk op schaars en kostbaar land groter maken. Als je meer dan vijftig procent stijging van de voedselproductie moet bereiken, gaat het krap worden. Het is duidelijk dat de groei in de voedselproductie eindig is en dan heb je met een groeiende wereldbevolking een probleem. Tenzij je minder en efficiënter gaat consumeren.”

De Chinezen willen ook hamburgers eten.

„Ja, maar wij eten er toch echt meer. Dus wat is de hoofdoorzaak? Meer mensen of het consumptiepatroon? De ontwikkelingslanden zeggen in internationale fora: jullie westerse landen focussen op de aantallen, maar kijk nou eens naar jullie eigen beslag op de aarde, naar jullie eigen ecologische voetafdruk en naar die van ons. En hou op over onze bevolkingsgroei.”

Worden we te laat wakker als het gaat om de gevolgen van de bevolkingsgroei in kwetsbare gebieden?

„De laatste tijd krijgt bevolkingsgroei als zodanig weer meer aandacht. Ik ben niet voor radicale ingrepen zoals het eenkindbeleid in China. Dat druist in tegen de mensenrechten en heeft ook ontwrichtende gevolgen. Als je overal voorziet in de behoefte aan voorlichting en anticonceptie zal de bevolkingsgroei sneller teruglopen dan nu het geval is.”

Gaat die afremming te langzaam in verhouding tot de voedselcapaciteit?

„Ja, en daarom moet er ook hernieuwde aandacht komen om de bevolkingsgroei terug te dringen. Maar het wordt een moeizame discussie. In Europa maken we ons zorgen over de bevolkingskrimp en over de vraag of vrouwen nog wel genoeg kinderen krijgen. Dat heeft iets dubbelzinnigs. Europese politici vinden dat we hier een beleid moeten hebben om meer kinderen te produceren, terwijl ze ook vinden dat de mensen ‘aan de overkant’ minder kinderen moeten krijgen. Naar aanleiding van de voedselcrisis zegt men: dat komt doordat de bevolking in ontwikkelingslanden snel groeit. Maar wie consumeert het grootste deel van de wereldvoedselvoorraad? Niet China en India, maar Europa en de Verenigde Staten. Daar ligt het consumptieniveau veel hoger. Dus is de bevolkingsomvang in relatie tot het voedselaanbod belangrijk? Ja. Hoe meer mensen, des te meer er geconsumeerd wordt. Maar veel belangrijker is hoe mensen consumeren.”

Krijgt Thomas Malthus (zie kader) 210 jaar na zijn essay gelijk? Het heeft langer geduurd dan hij dacht, maar de bevolkingsgroei overtreft het aanbod van de landbouw.

„Nee, Malthus krijgt helemaal geen gelijk. Hij vergat dat het niet over de een-op-eenrelatie voedsel-mensen gaat. Mensen kunnen hun eigen vruchtbaarheid reguleren. In sommige delen van de wereld hebben we dat te lang verwaarloosd, maar naarmate mensen beter opgeleid zijn en er betere mogelijkheden zijn, willen ze het beste voor hun kinderen en kiezen ze voor minder kinderen. Ontwikkeling is de beste anticonceptie.”

In Afrika en het Midden-Oosten blijft de bevolking alarmerend hard groeien.

„Er is een grote behoefte in die landen aan anticonceptie. Geef mensen de mogelijkheid hun eigen leven in te richten, dan zie je dat de bevolkingsgroei naar beneden gaat. Als je mensen niet de mogelijkheid geeft hun bevolkingsgroei tijdig onder controle te krijgen, loop je de kans dat de wal het schip keert. Niet alleen ten aanzien van de voedselproductie, maar met het hele ecosysteem. Dus hoe eerder er een einde komt aan de wereldbevolkingsgroei, des te beter. Maar ten aanzien van het consumptiepatroon kunnen we beter kijken naar wat we hier bij McDonald’s verstouwen. Van het beslag op de landbouw dat nodig is voor mijn cheeseburger kan een Afrikaans gezin een dag leven.”

Door de welvaartsgroei en bijbehorende voedselconsumptie zie je de exponentiële vraaggroei die Malthus louter op grond van de bevolkingsgroei voorspelde, zich toch voordoen?

„Bij Malthus bleef iedereen arm en bleven de armen maar kinderen krijgen. Doordat we zo’n gigantische welvaartsontwikkeling in de wereld hebben, komt Malthus inderdaad dichterbij dan gedacht. Hij heeft achteraf meer gelijk, maar door factoren die hij niet had voorzien.”

Wij ondervinden er de gevolgen van. De prijzen in onze supermarkten gaan omhoog omdat de voedselvraag in Azië toeneemt.

„De welvaart is hier zo groot dat we die prijsstijgingen best kunnen opbrengen. Degenen die de rekening betalen, zijn de armen. Het zal moeilijker worden om één van de millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties, halvering van de armoede in de wereld, te bereiken. Voor alle millenniumdoelen is het trouwens cruciaal om de wereldbevolkingsgroei terug te dringen.”

Is de voedselcrisis een katalysator of is het een teken dat we te laat zijn?

„Ik geloof niet in het doemdenken dat het einde der tijden nabij is. Maar de voedselcrisis heeft wel een signaalfunctie. Je ziet wat er gebeurt als je niet naar de bevolkingsgroei in zijn context kijkt. De huidige voedselcrisis – voorzover niet veroorzaakt door tijdelijke factoren – laat zien dat groei van de voedselproductie eindig is en dat ook bevolkingsgroei eindig moet zijn. Hoe eerder je dat moment bereikt, des te beter.”

We wéten dat de bevolking en de voedselvraag blijven groeien. Dat zijn gegevenheden voor de komende generatie.

„Daarom moet je naar een andere verdeling kijken. Dat betekent meer vegetarisch eten. Als je de echte prijs van een stukje vlees berekent, is dat straks alleen voor de zeer rijken weggelegd.”

Dan wordt vegetarisch eten een vorm van omgekeerde bevolkingspolitiek, want je kunt met de gegeven voedselproductie meer mensen voeden.

„Het is een manier om om te gaan met de realiteit. We hebben nu 6,2 miljard mensen van wie er veel honger hebben; we krijgen er 9 miljard van wie er nog meer honger hebben.

Meer vegetarisch eten betekent minder honger, want je verdeelt het beschikbare voedsel eerlijker. Minder granen voor koeien en meer voor mensen. Ik ben geen vegetariër, maar daar komt het wel op neer.”

Je kunt het ook omdraaien: als we vlees willen blijven eten, moet de bevolkingsgroei drastischer beperkt worden.

„Dan krijg je de keus: wilt u biefstuk op tafel of wilt u het recht om zelf te bepalen hoeveel kinderen u wilt krijgen? Het is niet eerlijk die vraag alleen te stellen in Afrika of Azië en daar te zeggen: jullie mogen nog maar één kind hebben. Dan moet je Europeanen en Nederlanders ook vragen minder vlees te eten.”

Zij moeten één kind krijgen opdat wij onze hamburger kunnen eten.

„Als dat de wereld is die je wilt…. Wij kunnen niet de boodschap verkopen: jullie minder bevolkingsgroei voor onze biefstuk. Maar dat is het dilemma.”