Chinezen in Nederland uiten trots op de Spelen

Een aantal Chinezen in Nederland betuigt vandaag op de Dam steun aan de Olympische Spelen in Peking. Anderen willen niet meedoen. „Dan is het toch alsof je tégen Tibet bent.”

Chang Wong staat vandaag op de Dam in Amsterdam. En met hem, hoopt hij, nog zo’n tweeduizend andere Chinezen en Nederlanders.

Ze protesteren niet, ze demonstreren niet; de boodschap is vriendelijk. „We willen gewoon onze steun betuigen aan de Olympische Spelen”, zegt woordvoerder Chang Wong van Het Comité Overzeese Chinezen voor Beijing Olympics 2008. „De naam is direct uit het Chinees vertaald en daarom een beetje lang.”

Het initiatief lag bij Chinese studenten, van wie Nederland er een kleine vijfduizend telt. Ze stoorden zich aan alle negatieve publiciteit rond de Spelen en troffen bij de Chinese gemeenschap in Nederland hetzelfde gevoel aan. Wong: „Het Westen heeft zich door de gekleurde berichtgeving over de Olympische Spelen niet van zijn beste kant laten zien. Wij willen het negatieve beeld dat hierdoor is ontstaan bijstellen.”

Wong, die zelf Nederlands-Chinees is, vergelijkt de manifestatie op de Dam met het Oranjegevoel. „Nederlanders gaan tijdens het EK voetballen ook trots de straat op als we hebben gewonnen. Waarom zouden de Chinezen dan ook niet trots kunnen zijn op de Olympische Spelen? Maar door de negatieve beeldvorming in de media verliezen de Chinezen hun gezicht als ze hun trots tonen.”

Het programma op de Dam heeft een cultureel karakter. Toespraken van Chinadeskundigen, vertegenwoordigers uit de Chinese gemeenschap en van de studenten worden afgewisseld met traditionele dans, zang en muziek uit China. Over het mensenrechtenbeleid van de Chinese regering of de problemen in Tibet wil het comité niets zeggen. Wong: „Wij ontkennen die problemen natuurlijk niet. Maar ze zijn er al vijftig jaar. En we hebben nú de Olympische Spelen.”

De in 1985 opgerichte Landelijke Chinese Sportfederatie in Nederland is binnen de Nederlands-Chinese gemeenschap de drijvende kracht achter de organisatie van de manifestatie. „Wij wonen hier en zijn trots op Nederland, maar we zijn ook trots op China”, verwoordt vice-voorzitter Kwok Kei To het gevoel van zijn achterban. Hij benadrukt bovendien de positieve lading van de manifestatie: „Het is geen tegenaanval.”

Ondanks alle inspanningen hebben de organisatoren van de manifestatie niet alle Nederlandse Chinezen kunnen overtuigen. In het persbericht van het comité staat dat naast de Chinese studenten vooral Nederlands-Chinese jongeren een ‘blij en trots gevoel’ hebben over de Spelen in Peking en daarom aan de manifestatie deelnemen. De realiteit is genuanceerder. „Wij staan er neutraal tegenover”, laat voorzitter Eddy Chan van Jongeren organisatie Nederlandse Chinezen weten. „Verder moet iedereen doen wat hij of zij wil.”

De Amsterdamse jongerenorganisatie Aziatische Studenten Nederland doet niet mee omdat de manifestatie een verkeerd signaal af kan geven. „We hebben erover nagedacht, maar het is vóór de Olympische Spelen. En dan is het toch net alsof je tégen Tibet bent”, zegt voorzitter Ian Lee. „Er is al zoveel negatieve publiciteit, daar verandert zo’n manifestatie niets aan. Misschien wordt het zelfs erger en roept het irritatie op.”