Casinogeld

In het Franse Sèvres bewaart het Bureau International des Poids et Mesures (BIPM) onder drie glazen stolpen de ‘Grand K’. Deze 119 jaar oude cilinder van platina en iridium is dé standaard voor één kilogram. Want meten is weten, beseffen natuurkundigen. Daarom waakt het BIPM ook over de seconde, meter, ampère, kelvin (temperatuur), mol (hoeveelheid stof) en candela (lichtsterkte). Die grootheden zijn voor iedereen wereldwijd gelijk. Met fysici kun je echt praten.

Dat kun je van economen niet zeggen. Die werken met valuta’s. De waarde daarvan is niet exact, fluctueert, en is zo wispelturig als het weer. De eurokoopkracht kan krimpen door inflatie, maar (soms) ook groeien door deflatie. Euro’s kennen zelfs psychische waardewisselingen. Onze persoonlijke waardering voor een euro hangt namelijk af van waar die euro vandaan komt, waar die zich bevindt of hoe die wordt besteed.

Neem twee pas getrouwden in Las Vegas. Ze slapen in hun hotel na hun limiet van 1.000 dollar te hebben vergokt. ’s Nachts schrikt de bruidegom wakker. Op het nachtkastje ontwaart hij hun souvenir, een laatste 5-dollarfiche. Het zilveren nummer 17 erop glimt in het maanlicht.

Een teken, denkt de man. Hij glijdt uit bed, schiet zijn groene badjas aan, rent naar het casino, gokt op 17. En wint! Met bonkend hart zet hij opnieuw op 17. Hij heeft geluk en kan 6.125 dollar binnenhalen. Hij gokt weer op zijn geluksnummer en vergaart achtereenvolgens 214.000, 7,5 miljoen en 262 miljoen dollar.

Met dat laatste fortuin zet de bruidegom weer op 17. Het balletje rolt… en stopt op 18. Verslagen en blut keert de man naar zijn kamer terug. „Waar was je”, vraagt zijn vrouw slaperig. „Nog even gespeeld”, zegt hij. „En?” vraagt ze. „Ging wel. Ik heb 5 dollar verloren.”

Gewonnen geld voelt minder echt aan dan met bloed, zweet en tranen vergaarde euro’s. Dit komt doordat we mentaal boekhouden. Dit door gedragseconoom Richard Thaler ontdekte verschijnsel betekent dat we ons geld niet zien als een geheel, maar in gedachten verdelen in potjes voor bijvoorbeeld winkelen, sparen, meevallers, pensioen en vakantie.

Die potjes hou je apart, ook als dat ongunstig is. Stel je hebt een lening van 10.000 euro lopen tegen jaarlijks 1.500 euro rente. In het casino win je 10.000 euro. Maak je jezelf nu rijker door de schuld af te lossen?

In theorie wel, maar zo redeneert lang niet iedereen. Gokwinst heeft het label ‘meevaller’ en dus jaag je het er doorheen, ook als je krap zit. Kleine bedragen maken extra roekeloos, toont onderzoek aan. Een bonusje van 250 euro maakt sommigen zo euforisch dat ze het niet één, maar vier keer uitgeven.

Anderen spenderen meevallers die dat eigenlijk niet zijn; ze shoppen van een belastingteruggave of de kinderbijslag. Het meest verraderlijk is kopen op krediet. Dat shopt lekker weg, want je voelt niet welk potje de rekening betaalt. Dat leidt tot hogere uitgaven, naast de rentekosten.

Maak de euroverwarring niet erger dan het is. Vergeet waar geld vandaan komt. Tel bezit en inkomen onbevooroordeeld op; trek schulden respectievelijk uitgaven ervan af. Los kredieten af met spaargeld (lenen kan altijd nog). Overweeg je een grote aankoop? Reken de prijs om in het aantal uren dat je ervoor moet werken. Is dat het waard? Krijg je een meevaller? Wacht een week. Dan zie je het mogelijk als spaargeld. Gebruik mentaal boekhouden ook in je voordeel. Schenk je kinderen geld, label het dan voor ‘hypotheekaflossing’ of ‘studie’. Dat verkleint de kans dat het opgaat in het casino.