Beheading van Verbey wat keurig

Klassiek Radio Filharmonisch Orkest o.l.v. Claus Peter Flor, met Leonidas Kavakos, viool. Werken van Verbey, Dvorák, en Janacek. Gehoord: 9/5 Vredenburg Leidsche Rijn, Utrecht. Herh.: 11/5 Amsterdam (geen Verbey). TV-uitzending: 12/5 20:30.

Leos Janáceks Taras Bulba (1915-18) en Theo Verbeys nieuwe Invitation to a Beheading (2008) zijn allebei gebaseerd op Russische literatuur. Op de laatste ‘Vrijdag van Vredenburg’ van dit seizoen werden beide werken uitgevoerd door een scherp dirigerende Claus Peter Flor en een niet altijd even scherp Radio Filharmonisch Orkest.

Janácek vertelt in Taras Bulba het verhaal van Nikolaj Gogol na, met een dramatische opeenvolging van vaak bijzonder beeldend gecomponeerde gebeurtenissen en gevoelens, door Flor doeltreffend uitvergroot. Verbey construeert in Invitation to a Beheading een delicate sfeer waarin Vladimir Nabokovs roman Uitnodiging voor een onthoofding (1938) nog slechts op de achtergrond aanwezig is.

Het werk begint met het contrasteren van schelle blazersakkoorden en weelderig warme strijkers. Die afwisseling keert aan het einde getransformeerd terug: de combinatie is nu een stuk milder geworden, en vormt meer een eenheid. Tussendoor wordt onder meer een melodie doorgegeven in het ensemble, in een structuur gedomineerd door een terugkerend treurritme: lang-kort.

De muziek klinkt naar vroeger, met een wat sepia-achtige orkestratie. Mede daardoor wil het echter niet aangrijpen; het blijft allemaal wat knap en keurig.

In een perfecte orkestbewerking van Janáceks pianosonate 1.X.1905 ‘Z ulice’, ook nieuw, laat Verbey nog duidelijker horen hoezeer hij thuis is in het laatromantische orkestgeluid én in Janáceks muziek. Met zijn inkleuring van de noten verheldert en betovert hij tegelijk, met behoud van het grillige karakter. Als orkestratie maakt dit werk meer indruk dan Invitation to a Beheading als compositie.