Slowakije zorgenkind voor eurozone

Slowakije zal in januari deel gaan uitmaken van de eurozone. Het land heeft voldaan aan de criteria uit het Verdrag van Maastricht. Maar die criteria omvatten geen grenzen aan het betalingsbalanstekort, de omvang van de overheidsuitgaven of de buitenlandse schuld. Die van Slowakije zijn allemaal alarmerend hoog. Met zijn huidige niet-hervormingsgezinde regering kan Slowakije zich ontwikkelen tot het nieuwe probleemkind van de eurozone.

Als Slowakije had vastgehouden aan de regering van Mikulas Dzurinda (1998-2006), zou het een waardig lid van de eurozone zijn geworden. De regering-Dzurinda heeft een groot deel van de Slowaakse economie geprivatiseerd, buitenlandse investeringen verwelkomd en binnenlandse macro-economische hervormingen doorgevoerd, die zo effectief waren dat Slowakije tien jaar lang een jaarlijkse productiviteitsgroei heeft genoten van 4,7 procent, een van de hoogste ter wereld. Die productiviteit heeft de huidige links-populistische regering van Robert Fico in staat gesteld de nationale munt in maart 2007 met 8,5 procent op te waarderen, ook al had Slowakije een aanzienlijk tekort op de betalingsbalans.

De regering-Fico is door en door anti-hervormingsgezind. Zij heeft de inflatie onderdrukt door prijscontroles in te stellen op energie en voedingsmiddelen. De Slowaakse overheidsuitgaven blijven op een niveau van 50 procent van het bruto binnenlands product (bbp) zeer hoog. En de Slowaken hebben hun voordeel gedaan met de kracht van hun munt door zich over te geven aan een orgie aan buitenlandse kredieten. De buitenlandse schulden van de banken stegen in 2007 met 85 procent naar 14,2 miljard dollar (9,2 miljard euro), en de totale buitenlandse schuldenlast bedroeg eind dat jaar 62 procent van het bbp.

Het voldoen van Slowakije aan de criteria van Maastricht zal waarschijnlijk slechts van tijdelijke aard blijken, net zoals dat in 1997-’98 met Italië het geval was. Het tekort op de betalingsbalans, de inflatie en de buitensporige overheidsuitgaven zullen ervoor zorgen dat het land een zorgenkind van de eurozone wordt. Als de productiviteitsgroei van de afgelopen tien jaar zou aanhouden, zou het misschien aan dat lot kunnen ontsnappen, omdat de Slowaakse kosten dan steeds concurrerender zouden worden ten opzichte van andere eurolanden. Dat lijkt onwaarschijnlijk. Het beleid dat tot de groei heeft geleid, is losgelaten.

Op zichzelf is Slowakije te klein om de eurozone werkelijk schade te berokkenen. Niettemin versterken de tekortkomingen van het land die van andere achterblijvers, waardoor de eurozone minder concurrerend wordt. Het toevoegen van nog meer kwakkelaars aan de eurozone kan uiteindelijk de euro zelf bedreigen.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com