Het achterwerk van een televisiesculptuur

De videokunst van Aidan Scherpbier doet twee meisjes in minirok schaterlachen. In de donkere achterruimte van de European Art Academy (EAA) staan tien monitors, verschillend van grootte, opgestapeld. De beeldschermen zijn niet naar de toeschouwer gericht, maar naar de wand. Je kijkt naar het achterwerk van een televisiesculptuur. Op de muur zie je vage lichtbeelden, reflecties; stemmen van televisieprogramma’s brabbelen door elkaar. Plotsklaps ontstaat harmonie: het werk wordt één groot licht- en muziekinstrument. Gele, roze en groene kleurvlakken flakkeren over de muur begeleid door een optimistische dreun, bijna militair. Wat een vrolijk, direct en simpel, commentaar op ‘videokunst-in-galerie-setting’.

De expositieruimte van de European Art Academy is rauw – geen gelikte white cube, geen commerciële galerie waar de kunstenaar veertig procent van zijn verkochte werk moet afdragen. Nee, EAA is een proeftuin, een plek voor en door jonge kunstenaars, die gedurende hun expo zelf aanwezig zijn. Bij verkoop wordt gevraagd iets in ‘de pot’ te stoppen. De laatste kunstenaar die verkocht, deed dat niet maar trakteerde op bier. De verse kunstplek, vlakbij het fiere ruiterstandbeeld van Wilhelmina, in de gouden bocht op het Amsterdamse Rokin, is net een paar maanden open. De exposities wisselen om de drie weken en tonen allerlei disciplines: tekeningen, beeldhouwwerken en nu videokunst.

Acht jaar geleden nam Harry Heyink, kunstenaar en docent aan de Rietveld Academie, het initiatief tot The European Art Academy. Het idee was om een zomeracademie te beginnen waar getalenteerde Europese kunststudenten vier weken samen zijn om over hun aankomend beroep te praten. Selectie vindt, zegt Heyink, plaats op ‘inzet, ambitie, durf en kwaliteit’. Er zijn Finnen, Engelsen, Oostenrijkers; honderden academies uit Europa doen inmiddels mee. Heyink vond voor zijn zomeracademie een oude TBC-kliniek in voormalig Oost-Duitsland: Beelitz Heilstatten. Elke zomer zit hij in het bos met veertig studenten en een wisselend docententeam.

De Noorse Inger Alfnes toont in de donkere ruimte van EAA een video van een zaag die rechtop in een meer staat. Nauwelijks zichtbaar trilt het stuk gereedschap. Ik lees dat de installatie refereert aan Knife in the water, de beroemde film van Polanski. De titel van het werk bestaat uit een uitspraak van Lacan: „That which is light looks at me, and by means of that light in the depths of my eye, something is painted.” De tekst lijkt inhoud aan het beeld te willen geven, de poëzie is mij te subtiel.

Timeline. T/m 18 mei in de European Art Academy, Rokin 114, Amsterdam. Open: vr en za 11-18u, zo 11-17u. Inl: www.eeacademy.eu

Rectificatie / Gerectificeerd

CORRECTIES

In de galerierubriek stond vorige week een bespreking van de tentoonstelling Timeline . De expositieruimte werd ten onrechte aangeduid als The European Art Academy. Dit moet zijn European Exchange Academy, afgekort tot EEA.