Ansenk directeur van de Kunsthal

Emily Ansenk wordt de nieuwe directeur van de Kunsthal in Rotterdam. Ansenk is sinds 1997 jaar directeur van het Scheringa Museum voor Realisme in Spanbroek. Ze volgt Wim Pijbes op, die 1 juli aan de slag gaat als directeur van het Rijksmuseum in Amsterdam.

Emily Ansenk (1970) is kunsthistorica en studeerde in 1995 af aan de Universiteit van Utrecht. In de afgelopen elf jaar wist zij de particuliere collectie van Dirk Scheringa op de kaart te zetten als een publieksvriendelijk museum, dat in 2007 ruim vijftigduizend bezoekers trok.

Onder haar leiding is de verzameling van het Scheringa Museum (voorheen Frisia Museum) gegroeid met een groot aantal internationale namen. Zo wist ze onder meer schilderijen van Lucian Freud, Marlene Dumas en Alex Katz te verwerven. Onlangs begon het museum, dat nu nog in een voormalig schoolgebouw is gevestigd, met de bouw van een nieuw onderkomen in Opmeer dat naar verwachting in 2010 zal openen.

Wim Pijbes noemt Ansenk „een heel energieke persoon” en de „ideale directeur voor de Kunsthal van de toekomst”. De Kunsthal zocht volgens Pijbes een culturele ondernemer, die inhoudelijk goed op de hoogte is, maar ook breed georiënteerd. Een directeur die zowel een kunstpubliek als een nieuw publiek aan zich kan binden. De naam van Ansenk kwam bovendrijven nadat tijdens een bestuursvergadering aan mensen uit het veld was gevraagd om namen te noemen. Haar benoeming, zegt Pijbes, „past geheel in de ‘Generationswechsel’ die momenteel bij alle belangrijke instituten in binnen- en buitenland plaatsvindt”.

Volgens Pijbes heeft Ansenk bij het Frisia Museum gezorgd voor „een enorme horizonverbreding”. „Ze heeft van een museum met een aanvankelijk nationale scoop en met beperkte speelruimte een internationaal museum gemaakt. Ook heeft ze een internationale invulling gegeven aan het begrip realisme. Toen het Frisia museum opende, lag de nadruk op magisch realisten als Carel Willink en Pyke Koch, nu zijn er dankzij haar ook schilderijen van Freud en Botero te zien.”

Het aankopen van werken zal Ansenk bij de Kunsthal, die geen eigen collectie heeft, moeten missen. „Dat zal wennen zijn”, zegt ze, „want de afgelopen tien jaar heb ik zo’n 1100 werken mogen aanschaffen. Zo’n budget zal ik in geen ander museum in Nederland meer krijgen. Bij de Kunsthal zal ik vooral zelf geld binnen moeten zien te slepen. Wat financiën betreft laat ik dus een warm nest achter en stap ik niet bepaald in een gespreid bedje.”

Toch noemt Ansenk haar directeurschap bij de Kunsthal een „droombaan”. „De uitdaging ligt vooral in de diversiteit van de programmering: alle plannen die ik nog in de la heb liggen kan ik daar gaan uitvoeren.”