Terug naar de natuur

Terug naar de natuur WERKENDAM. Met het doorgraven van een laatste stukje dijk heeft prins Willem-Alexander (derde man in pak van rechts) gisteren het overloopgebied en natuurontwikkelingsproject de Kleine Noordwaard in de Brabantse Biesbosch geopend. De (Bergsche) Maas en Rijn (Merwede) zijn daardoor verbonden en bij hoogwater is de veiligheid van het achterliggende gebied (Dordrecht en Gorinchem) gegarandeerd. Kort na het doorgraven van de dijk namen de eerste nieuwsgierigen in kano’s al een kijkje. Voor het project moesten tien gezinnen en enkele landbouwbedrijven de Kleine Noordwaard verlaten. Het officiële gezelschap kon het protest van bewoners van de Grote Noordwaard, die vermoedelijk hetzelfde lot wacht, op de wegen naar de Biesbosch zien. Ook werd de bijeenkomst enigszins overschaduwd door een uitspraak van de Raad van State. De bestuursrechter oordeelde gisteren dat het vergelijkbare project Zuiderklip (400 hectare) in de Biesbosch moet worden stilgelegd omdat er ten onrechte geen milieu-effectrapportage is opgesteld. Voor het landbouwgebied komt gaandeweg 600 hectare natuur in de plaats. De landbouwpercelen met rechte sloten moeten veranderen in moerassen met slingerende geulen. De aardappel en suikerbiet maken plaats voor watervogels zoals de roerdomp, de grote zilverreiger en de watersnip. In de Kleine Noordwaard zijn geulen gegraven van meer dan 100 meter breed. Met 70.000 vrachtwagenladingen zijn eilanden aangelegd die kunnen dienen als vluchtplaats voor dieren bij hoogwater. Bovendien zijn de dijken verstevigd. Foto Eveline Jacq Europa, Nederland, Werkendam , 07-05-2008 Willem Alexander graaft een dijk door. Het gezelschap op weg naar de dijk. Kanovaarders kijken toe. Op 7 mei 2008 vindt de opening plaats van het natuurontwikkelingsproject de Noordwaard in de Brabantse Biesbosch. Zijne Koninklijke Hoogheid, de Prins van Oranje, zal op deze dag het gebied officieel openen door het doorgraven van een dijk. Daardoor worden Maas en Rijn met elkaar verbonden en ontstaat er een getijdengebied. Het zoetwatergetijdengebied de Noordwaard is de jongste uitbreiding van het Nationaal Park 'De Biesbosch'. De inrichting is tot stand gekomen door nauwe samenwerking tussen de Dienst Landelijk Gebied van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Rijkswaterstaat. Er zijn landbouwgronden en -bedrijven verworven, grote geulen en dijkopeningen gegraven, bruggen aangelegd en wegen aangepast. Door de goede samenwerking met andere overheden en instanties en de medewerking van (voormalige) bewoners is de Noordwaard een natuurgebied geworden dat ruimte biedt aan bijzondere flora en fauna en omwonenden veiligheid biedt in tijden van hoog water. Door het water van de Merwede meer ruimte te geven kunnen hoogwaterstanden in de toekomst beter worden opgevangen en daarmee is de veiligheid van het achterliggende land beter gewaarborgd. Foto: Evelyne Jacq Jacq, Evelyne

Met het doorgraven van een laatste stukje dijk heeft prins Willem-Alexander (derde man in pak van rechts) gisteren het overloopgebied en natuurontwikkelingsproject de Kleine Noordwaard in de Brabantse Biesbosch geopend.

De (Bergsche) Maas en Rijn (Merwede) zijn daardoor verbonden en bij hoogwater is de veiligheid van het achterliggende gebied (Dordrecht en Gorinchem) gegarandeerd. Kort na het doorgraven van de dijk namen de eerste nieuwsgierigen in kano’s al een kijkje.

Voor het project moesten tien gezinnen en enkele landbouwbedrijven de Kleine Noordwaard verlaten. Het officiële gezelschap kon het protest van bewoners van de Grote Noordwaard, die vermoedelijk hetzelfde lot wacht, op de wegen naar de Biesbosch zien.

Ook werd de bijeenkomst enigszins overschaduwd door een uitspraak van de Raad van State. De bestuursrechter oordeelde gisteren dat het vergelijkbare project Zuiderklip (400 hectare) in de Biesbosch moet worden stilgelegd omdat er ten onrechte geen milieu-effectrapportage is opgesteld.

Voor het landbouwgebied komt gaandeweg 600 hectare natuur in de plaats. De landbouwpercelen met rechte sloten moeten veranderen in moerassen met slingerende geulen. De aardappel en suikerbiet maken plaats voor watervogels zoals de roerdomp, de grote zilverreiger en de watersnip.

In de Kleine Noordwaard zijn geulen gegraven van meer dan 100 meter breed. Met 70.000 vrachtwagenladingen zijn eilanden aangelegd die kunnen dienen als vluchtplaats voor dieren bij hoogwater. Bovendien zijn de dijken verstevigd.