Plastic landmijntjes en mysterieuze interieurs

De 24ste editie van de Art Amsterdam is dit jaar weer internationaler. Belangrijke verzamelaars krijgen een hotel-overnachting cadeau. „Je moet ze halen. Als ze komen, kopen ze ook.”

Op tafel liggen een stuk of tien plastic landmijntjes. Ze voelen een beetje zacht. „Dit type mijn komt uit Italië en is erg populair”, zegt galeriehouder Christoph Maisenbacher. „Ze hebben een intelligent trigger-mechanisme, je kunt er een paar keer op staan voor ze ontploffen.”

Nergens op de gisteravond geopende kunstbeurs Art Amsterdam komt de werkelijkheid zo dichtbij als hier. Maisenbacher Art Gallery uit Trier en Berlijn wilde dit jaar een statement maken. Zijn kunstenaars kozen voor het thema landmijnen. Aids was zo’n algemeen probleem en met landmijnen konden ze artistiek beter uit de voeten. „En je kunt met weinig geld werkelijk iets bereiken”, zegt Maisenbacher. „We geven tien procent van de verkoop aan Help, op dit moment de enige organisatie die in Irak mijnen ruimt.” De plastic mijntjes kosten 20 euro. Ze horen bij een installatie van Ottmar Hörl waarin hij ze combineert met vijftien zwarte engeltjes die op pilaren zitten.

Niet ver daarvandaan hangt bij een andere Duitse galerie het mooiste schilderij van Art Amsterdam 2008. Het is totaal apolitiek en volledig teruggetrokken van de wereld. Een lege kamer waar het licht vanuit een onzichtbaar raam naar binnen valt op een bruine vloer. Kale muren en in de hoek een simpele houten fauteuil. Geen mens te zien. Het schilderij zindert van spanning omdat de vloer vol staat met een paar honderd lege flessen. Vooral van bier en prikwijn. Jochen Mühlenbrink (1980) maakt meer van zulke mysterieuze interieurs, soms met een hoopje sneeuw in een hoek van de kamer.

Met een installatie van schilderijtjes van de achterkanten van vrachtwagens was Mühlenbrink een van de vijf genomineerden voor de Thieme Art Award, die gisteravond gewonnen werd door Zilvinas Landzbergas (1979). De prijs bestaat uit een catalogus en een solopresentatie, volgend jaar.

Op deze 24ste editie van de Art Amsterdam presenteren 125 galeries en kunsthandels werk van 750 kunstenaars. Directeur Anneke Oele heeft de beurs weer wat internationaler gemaakt met 33 buitenlandse galeries, vier meer dan vorig jaar. Uit Nederland staan er vrijwel dezelfde aanbieders, het verloop onder de buitenlanders is groter: zeven besloten niet terug te komen. „De reden is dat ze niet verkochten”, zegt Oele. „Je hebt hier een andere houding nodig. Je moet niet blijven zitten maar er zelf op af gaan. Een Belgische verzamelaar wil bijvoorbeeld juist niet aangesproken worden.”

Samen met de gemeente Amsterdam zorgt Art Amsterdam dat vijftig belangrijke internationale verzamelaars een kijkje komen nemen. De galeriehouders nodigden hen uit en de overnachting in het Hilton of Lloyd Hotel krijgen ze gratis. Plus veel aandacht en etentjes. „Je moet ze halen anders komen ze niet”, zegt Oele. Ze is nu zes jaar directeur van Art Amsterdam en vond vorig jaar dat de beurs nu eindelijk goed genoeg was. „Je kunt die grote verzamelaars maar één keer uitnodigen, en dan moet het goed zijn. Als ze komen, kopen ze ook, dat zien ze bijna als een verplichting.”

Opvallend is dat dit jaar de belangrijkste solopresentaties op de beurs van oudere kunstenaars zijn. Klaas Gubbels (1934) heeft van Galerie Willy Schoots, Livingstone Gallery en Steendrukkerij Amsterdam een grote tentoonstelling gekregen die is ingericht door Wim Crouwel, voormalig directeur van Museum Boijmans Van Beuningen. Steendrukkerij Amsterdam presenteert ook nog een groot overzicht van werk van beeldhouwer Carel Visser, die zaterdag tachtig werd. Naast veel oudere proefmodellen van zijn beelden zijn er nieuwe kartoncollages die aan de muur hangen. Het vreemdst is zijn Bonte Vogel, een vogelvorm van astrakanbont in een diepe witte lijst. Drie maanden geleden hing het materiaal nog als jas aan de kapstok bij Visser thuis, zegt Rento Brattinga van Steendrukkerij Amsterdam. „Mevrouw Visser was inderdaad wel een beetje verbaasd”, aldus Brattinga die erbij was toen Visser de jas pakte.

Verder laat Vittorio Roerade (1962) bij galerie Ramakers intense portretten zien van vaak verdrietige monstertjes. Hij maakt ze van epoxy, haar, steentjes, ijzervijlsel en Spaanse peper. Van Frank van der Salm hangen bij MKgalerie prachtige foto’s van miniatuurlandschappen met flats. Lucebert en andere Cobra-achtige kunst lacht je weer tegemoet bij de Deense galerie Moderne. Heerlijk los van de echte wereld waar de zon fel schijnt, zoals door het glazen dak van de RAI goed te zien is.

Art Amsterdam, RAI Amsterdam. T/m 12 mei, pen 11-19 uur. Inl: www.artamsterdam.nl