Wilt u een tafel bij uw rijles?

De ‘dubbelonderneming’ lijkt nu ook in Nederland aan een opmars bezig.

In het buitenland is een kapper die ook kleding verkoopt al heel gewoon.

In deze autorijschool op de Amsterdamse Overtoom wordt ook antiek verkocht. (Foto Florèn van Olden) Amsterdam 5-5-2005 Duoondernemers kapperzaak & kleding en Rijschool & Antiek Foto Floren van Olden Olden, Floren van

De autorijschool van Belinda van Drosthagen op de Amsterdamse Overtoom lijkt soms net een kroeg, zegt ze. Een man, vaste klant, schuifelt binnen, bestelt een kop koffie, en verdwijnt met De Telegraaf naar een tafeltje buiten in de zon. Dat is geen terras, haast de eigenares zich te zeggen. De stoelen, het tafeltje en theeservies zijn te koop. „Wij zijn óók een curiosawinkel.”

Het aantal ondernemers dat meerdere diensten onder één dak aanbiedt lijkt toe te nemen. En dan niet alleen de zogenaamde ondersteunende horeca, waarbij twee tafels en acht stoelen in de zaak mogen staan, ook uitgebreidere concepten komen vaker voor. Volgens Mireille Muller, woordvoerder van de Kamer van Koophandel, is er mogelijk sprake van een trend – maar echte cijfers zijn er niet. Er staan namelijk veel bedrijven met verschillende activiteiten in het Handelregister ingeschreven. Die activiteiten kunnen dicht bij elkaar liggen – brood en banket – of heel ver uiteen. Neem de autorijschool van Van Drosthagen op de Overtoom, die is ook koffiebar en curiosazaak. Maar in het handelsregister van de Kamer van Koophandel staat het bedrijf geregistreerd als één onderneming.

Met deze trend volgt Nederland landen als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, denkt Van Drosthagen: toeristen vinden het over het algemeen heel gewoon dat ze rijlessen, antiek en koffie aanbiedt. „Sommige Nederlanders nemen foto’s van de zaak. Of erger nog, staan ze hier binnen te gieren van de lach.”

Dat laatst was trouwens wel iets waar ze bang voor was. Ze wijst op de jaren-50-lampjes, theeservies en een bakelieten telefoon. „Word ik als rijschool nog wel serieus genomen als het hier vol staat met curiosa?”

Waarom bieden ondernemers dan toch eigenlijk meerdere diensten aan? Want een kleine rondvraag bij deze bedrijven leert dat er genoeg nadelen aan zo’n constructie kleven: magazijnen moeten dubbel zo groot zijn, brancheverenigingen berekenen dubbele kosten, en het personeel moet worden uitgebreid – één deskundige is immers niet genoeg voor een zaak gespecialiseerd in boeken én houten speelgoed. Waarom dan toch zo’n dubbelonderneming?

Om het hoofd boven water te houden, zegt Radha van der Meer van de Amsterdamse Vredespijp. De zaak handelt al dertig jaar in art-decomeubelen, maar heeft er sinds januari een lunchroom bij. Dat trekt mensen. En die vertrekken dan soms weer met de tafel waaraan ze gegeten hebben. „Alleen antiek, daar lok je mensen het pand niet meer mee in.”

Omdat er behoefte aan zou zijn, denken anderen. Het consumptiegedrag is veranderd de laatste jaren. Mensen winkelen recreatief, en daar hoort dus ook koffie en een broodje bij. Daarbij hopen weer andere ondernemers met zulke bedrijven een breder publiek te trekken.

Een dubbelonderneming kan ten slotte ook voordelen opleveren op het gebied van regelgeving. Zo kan Belinda van Drosthagen ook koffie verkopen in een pand dat volgens het bestemmingsplan voor detailhandel is bedoeld, en niet voor horeca, omdat ze als hoofdactiviteit rijschoolhouder is. Radha van der Meer hoefde een deel van de horecapapieren niet te halen omdat de lunch in de antiekzaak maar een klein deel van de omzet bepaalt en ze geen alcohol schenkt.

Jeroen Jonkers van het Ondernemershuis in Amsterdam-West heeft een andere verklaring voor dit type bedrijf. Ondernemers kloppen bij de instantie aan voor advies, en het opstellen van een ondernemersplan. „Plannen om in een pand meerdere diensten aan te bieden, komen vaak van ondernemers die geen afscheid kunnen nemen van een noodlijdende zaak. Uit nood beginnen ze er dan een ander handeltje bij.”

Jonkers ziet dat met name aan „de onderkant van de markt”: „De branche waar het makkelijk starten is – belwinkels bijvoorbeeld. Maar wij raden aan te kiezen. Focus je op één activiteit.”