Idyllische droom plus partycentrum

Bungalowkopers in een natuurgebied bij Elspeet liggen in de clinch met de koper van het naburige hotel. Had het Rijk de verkoop van het terrein anders moeten aanpakken?

Schandaal of niet? In de bossen bij Elspeet woedt een oorlogje over de vraag of het omvormen van een vakantiepark tot natuurgebied met beperkte recreatie een succes kan worden genoemd, of een bewijs hoe onzorgvuldig het Rijk omspringt met belastinggeld.

Het gaat om De Stakenberg, een voormalig natuur- en recreatieterrein van KPN. Toen het ruim zeven jaar geleden te koop stond, sloeg Vereniging Natuurmonumenten alarm. Het vakantiepark met hotel en 64 bungalows zou in handen kunnen vallen van een exploitant met expansieplannen; het bestemmingsplan bood ruimte voor 236 bungalows extra plus 1.000 ‘kampeermiddelen’. Dat zou in strijd zijn met alle plannen voor een natuurlijker Veluwe.

Een lobby had succes. Toenmalig staatssecretaris Geke Faber (Natuur, PvdA) stelde geld beschikbaar om samen met de provincie het 54 hectare grote terrein te kopen. Dat was de beste manier om meer bungalows te voorkomen en de ecologische doelen veilig te stellen.

De staatssecretaris gaf haar eigen Dienst Landelijk Gebied de opdracht alles wat de aankoop méér zou kosten dan 4,5 miljoen euro zelf terug te verdienen. Dat kon bijvoorbeeld door iemand te vinden die het hotel zou kopen en het park zou exploiteren.

Het Rijk kocht het terrein uiteindelijk voor 10 miljoen euro. Aan de Dienst Landelijk Gebied de taak minimaal 5,5 miljoen euro binnen te halen en de grond daarna aan Staatsbosbeheer over te dragen. Dat is inmiddels gebeurd.

Over dat terugverdienen is veel te doen. Volgens sommige betrokkenen heeft de Dienst Landelijk Gebied zich bij het zoeken naar een private partner laten „inpakken” door een ondernemer, en daarbij „voor sinterklaas gespeeld” met belastinggeld.

De dienst ontkent dat en spreekt juist van een succes. „We hebben al onze doelstellingen gehaald”, zegt Walter Mommersteeg van de Dienst Landelijk Gebied. „Het is gelukt het bedrag terug te verdienen. Er zijn géén bungalows bijgebouwd. Er zijn zelfs dertien huisjes gesloopt. Een deel van het terrein is teruggegeven aan de natuur. Bovendien is de rest van het park behouden voor kleinschalige recreatie, zoals ook uitdrukkelijk altijd de bedoeling is geweest.”

Om 5,5 miljoen euro te verdienen, ging de Dienst Landelijk Gebied in zee met Alex Wiedenhoff, eigenaar van een restaurant te Uddel. De ondernemer kwam met het idee vijftig bungalows te verkopen. Met de opbrengst ervan kon hij zijn eigen exploitatie sluitend krijgen – en de Dienst Landelijk Gebied was uit de kosten. De bungalows, in erfpacht, moesten minimaal 50.000 euro opbrengen. Het meerdere zouden de ondernemer en de Dienst delen.

Het echtpaar Wouter Ludriks en Willemijn Ambtman kocht een van die bungalows, voor 125.000 euro. Uiteindelijk staken alle nieuwe eigenaren samen 6 miljoen euro in het park.

Achteraf maken Ludriks en Ambtman kanttekeningen. Zo vinden ze dat het geld bij de overheid had moeten terechtkomen. „Het is buitengewoon zuur om te ontdekken dat een groot deel ervan nu in de zakken van een particuliere ondernemer is verdwenen, zonder dat hij er iets voor heeft hoeven doen”, zeggen ze.

Volgens hen heeft Alex Wiedenhoff, die niet voor commentaar bereikbaar was, 2,7 miljoen euro aan de deal overgehouden: de opbrengst van de bungalows plus de waarde van hotel, bijgebouwen en recreatieterrein met onder meer een zwembad. Daarnaast kreeg Wiedenhoff enkele tonnen van de Dienst Landelijk Gebied na conflicten met bungaloweigenaren en bezwaren van de provincie Gelderland over ‘evenementen’.

Het echtpaar Ludriks-Ambtman begon te klagen toen Wiedenhoff het voormalige recreatieterrein – officiële bestemming: verblijfsrecreatie – ging gebruiken voor grootschalige evenementen, zoals bedrijfsuitjes in tenten, of overlevingstochten door het park voor honderden bezoekers. Met oldtimers. Met quadmotoren. „We werden gek van de herrie”, aldus het echtpaar.

De gemeente Nunspeet trof geen maatregelen. Daarop besloot de Dienst Landelijk Gebied het recreatieterrein uit de overeenkomst met de hoteleigenaar te halen. Ter compensatie kreeg Wiedenhoff 400.000 euro, als bijdrage om bij het hotel een partycentrum voor honderden feestgangers en een publiekssauna te kunnen bouwen.

Willemijn Ambtman: „Je houdt je niet aan het bestemmingsplan en als beloning krijg je vier ton.” Nee, zegt de Dienst Landelijk Gebied, het bestemmingsplan was onduidelijk. Omdat wij de evenementen niet in overeenstemming achtten met de doelstellingen voor natuur, hebben we dat middenterrein uit de erfpacht gehaald.

Extra inkomsten kreeg Wiedenhoff ook toen de Dienst Landelijk Gebied tijdens de verkoop van de bungalows besloot de winst op nog te verkopen bungalows geheel aan de ondernemer te laten. „Dat hebben we gedaan als tegenprestatie”, legt Mommersteeg uit. Op aandrang van de provincie werd namelijk de verplichting opgelegd dat minimaal 10 procent van de bungalows gedurende 150 dagen van het jaar zou worden verhuurd. Zodat méér mensen van het park konden genieten. Mommersteeg: „Met die verhuurverplichting werden de bungalows minder waard. Daarom hebben we afgezien van de winst.”

Sommige bungaloweigenaren voelen zich bedrogen. De evenementen zijn dan wel geweerd, maar Staatsbosbeheer heeft het park waarin hun bungalows staan nu met de helft teruggebracht. Grote delen zijn „aan de natuur teruggegeven”, om de rest is een hek geplaatst. Ook zijn speeltuinen gesloopt, is een sportterrein „onbruikbaar gemaakt” en worden binnenkort waarschijnlijk enkele tennisbanen opgedoekt. Bovendien is er ontevredenheid over de kap van honderden bomen.

„Wat begon als een idyllische droom van een huisje in het bos, dreigt nu voor bungaloweigenaren te veranderen in een nachtmerrie”, stelt Willemijn Ambtman. Zij en haar man voelen zich „misleid” en willen een „onafhankelijk onderzoek” om vast te stellen of de Dienst Landelijk Gebied oorbaar heeft gehandeld.

Penningmeester Roeland Spijkerman van de Vereniging van Bungaloweigenaren Stakenberg reageert minder fel: „Dat ons geld deels naar een ondernemer is gegaan en niet naar het Rijk, vind ik niet zo’n probleem. Wij hadden hoe dan ook moeten betalen. Wel vraag ik me af hoe de afspraken in het begin met de heer Wiedenhoff tot stand zijn gekomen.”

De Dienst Landelijk Gebied spreekt van succesvolle publiek-private samenwerking. Mommersteeg: „We zijn in zee gegaan met iemand die voorwaarden stelde, zoals ook wij voorwaarden hebben gesteld. Na onderhandelingen zijn we daarmee akkoord gegaan. Omdat deze ondernemer bereid was risico’s te nemen. Je kunt achteraf zeggen dat wij zelf die bungalows hadden moeten verkopen, maar de markt had ook kunnen instorten. Ons idee was juist de risico’s aan de markt over te laten. Misschien heeft dit project de heer Wiedenhoff veel winst gebracht. Maar hij heeft ook kosten gehad.”

Volgens Mommersteeg is veel onvrede terug te voeren op het gebrek aan „communicatie” tussen exploitant en bungaloweigenaren. „Een hotel met gasten en bungalows blijft een lastige combinatie.”