‘Ov-kaart voor alle mbo’ers’

Leerlingen van zestien en zeventien jaar in het middelbaar beroepsonderwijs moeten recht krijgen op een ov-jaarkaart. Dat vindt de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB), die deze maand heeft uitgeroepen tot ‘actiemaand’.

Anders dan in het hbo en op de universiteit krijgen mbo-scholieren pas een ov-jaarkaart vanaf hun achttiende verjaardag. Dat is oneerlijk, vindt vicevoorzitter Vincent Feith van de JOB, want zestien- en zeventienjarige mbo’ers moeten net zo goed reizen voor hun opleiding. „Sommige scholieren kunnen niet de opleiding van hun keuze volgen doordat het te duur is om daarheen te reizen.” Ook vinden de mbo’ers dat ze recht hebben op eenzelfde behandeling als hun collega’s in het hbo.

Staatssecretaris Van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA) heeft eerder in de Tweede Kamer gezegd dat ze het pleidooi van de JOB „sympathiek” vindt, maar dat ze nu geen geld heeft voor de ov-kaart voor zestien- en zeventienjarigen. Volgens Feith kost het „100 miljoen euro” om deze doelgroep, die bestaat uit zo’n 120.000 mensen, van een ov-jaarkaart te voorzien. „Er wordt gesproken over een ov-kaart voor pas afgestudeerden, er is geld voor gratis schoolboeken. Dan moet dit geld ook wel ergens vandaan kunnen worden gehaald.”

De acties bestaan onder meer uit rondreizende mbo-scholieren die handtekeningen onder medeleerlingen verzamelen. Aan het eind van de maand wil de JOB de petitielijsten aanbieden aan minister Plasterk (Onderwijs, PvdA). Feith: „Wij willen die kaart op Prinsjesdag.” Onder meer veel jongerenorganisaties van politieke partijen steunen het pleidooi.

Bij introductie van de ov-kaart in 1991 hadden alle jongeren boven de achttien jaar recht op gratis reizen met het openbaar vervoer. Later is dit recht beperkt tot mbo’ers, hbo’ers en academici.