Laura Bush tegen junta: accepteer hulp

Laura Bush heeft gisteren de in Birma regerende junta opgeroepen „snel” buitenlandse hulp te accepteren nadat het land zaterdag zwaar getroffen werd door cycloon Nargis. Het was voor het eerst in haar ruim zeven jaar als first lady dat Bush een officiële persconferentie gaf. De Amerikaanse presidentsvrouw houdt zich sinds enkele jaren intensief bezig met Birma en is uitgesprokener over de situatie in het land dan menig functionaris binnen de regering.

Gisteren haalde ze daarbij opnieuw hard uit naar de militaire autoriteiten. Die wisten van het dreigende gevaar, stelde ze, maar „de Birmese staatsmedia lieten na de burgers te waarschuwen over het pad van de storm”. (Tot vrijdagmiddag hielden weerkundigen er rekening mee dat het oog van de cycloon Birma zou missen, red.).

Ook zei ze het „zeer, zeer vreemd” te vinden als het voor zaterdag geplande referendum over een nieuwe grondwet doorgaat.

Nadat een nichtje van haar man George haar enkele jaren geleden vertelde over het lot van de Birmese oppositieleidster Aung San Suu Kyi, raakte Laura Bush betrokken bij de internationale campagne voor democratisering van het autoritair geleide land.

In september 2006 leidde ze een rondetafel-bijeenkomst bij de Verenigde Naties over Birma. In mei 2007 riep ze samen met enkele vrouwelijke senatoren de junta op „verzoeningsgesprekken” aan te gaan met Suu Kyi. In juni waren Birmese vluchtelingen te gast op het Witte Huis. Vorige maand reikte ze Vital Voices Award uit aan Birmese vrouwenrechtenactivsten. In het Congres lobbyde ze met succes voor toekenning van de Gold Medal aan Suu Kyi, waarvoor president Bush vandaag een wetsvoorstel zal tekenen.

Laura Bush’ lobby voor een „vrij Birma” kwam in een stroomversnelling na de gewelddadig neergeslagen straatprotesten in het land, september vorig jaar. Ze schreef een opinieartikel (‘Stop de terreur in Birma’) in de Wall Street Journal. Maar de meeste aandacht trok haar telefoontje aan Ban Ki-moon om de VN-chef aan te sporen de Veiligheidsraad Birma te laten veroordelen voor het neerslaan van de volksopstand.

Gevraagd naar haar motief voor die diplomatieke inmenging, antwoordde Bush destijds: „Het is een van die mythes dat ik koekjes aan het bakken was en dat ze van de ovenplaat vielen en dat ik dacht laat ik Ban Ki-moon eens bellen.” Hoe langer ze in het Witte Huis woont, zei ze, „hoe sterker ik er van bewust wordt , dat ik de kans heb me uit te spreken over zaken waar ik bijzonder om geef.”