Hommels leren elkaar hoe nectar te stelen

Aardhommels leren van elkaar hoe zij nectar moeten roven uit een diepe bloem, waar zij met hun dikke lijf moeilijk in kunnen kruipen. De truc is dat de hommel in de zijkant van de bloem een gaatje knaagt, waardoor hij de nectar kan oplikken. Soortgenoten die dit soort gaatjes zien, nemen het roofgedrag over. De bloem is het slachtoffer, want nu kruipt het insect niet langer langs de meeldraden en transporteert hij geen stuifmeel meer van bloem tot bloem. Dat schrijven twee Britse biologen van de Queen Mary University of Londen in Proceedings of the Royal Society B. De Britse biologen lieten aardhommels vliegen op de bloemen van de tuinboon, een soort met diepe, nauwe bloemen. Met enige moeite kan de hommel bij de nectar onderin de bloem komen.

Sociaal leergedrag is het best bestudeerd bij gewervelde dieren. Bekende voorbeelden zijn de notenkrakercultuur bij wilde chimpansees en rattenjongen die alleen weten hoe zij de zaden uit een dennekegel moeten krijgen als een ouder dier het eerst heeft voorgedaan.

Hommels die tijdens de proef beroofde bloemen tegenkwamen (dat wil zeggen met een gaatje in de zijkant) bleken eerder geneigd zich te ontwikkelen tot nectarrover. De insecten leren eerst dat de gaatjes een makkelijke manier zijn om nectar te bemachtigen, daarna gaan ze zelf ook gaatjes bijten. Ecologisch kan dit grote invloed hebben. In een paar dagen worden alle bloemen in een gebied beroofd en is er geen bestuiving meer.