‘Zwendelaar Vesco overleden in Cuba’

De sinds 36 jaar voortvluchtige Amerikaanse zwendelaar Robert Vesco zou vorig jaar zijn overleden in zijn laatste vluchtoord, Cuba. Dat meldde The New York Times zaterdag. De krant sprak met Vesco’s vrienden, trof zijn naam aan in het register van de Colón-begraafplaats van Havana en zag beelden van de uitvaart. Toch houdt de krant een slag om de arm: in het verleden ensceneerde Vesco zijn eigen dood om uit handen van de Amerikaanse justitie te blijven.

Vesco werd in 1972 beschuldigd van fraude met een in Zwitserland gevestigd Amerikaans investeringsfonds, waarbij hij beleggers voor 224 miljoen dollar oplichtte. Vesco werd in de VS gearresteerd, maar op borgtocht vrijgelaten, waarop hij vluchtte naar het buitenland. Een jaar later veroorzaakte hij in zijn thuisland nog een groot schandaal door via een bevriende neef van Richard Nixon twee ton te doneren aan de campagnekas van de president.

Lang woonde hij in Costa Rica, waar hij pas vertrok toen hij betrokken raakte bij een schandaal rond de president. Hij deed intussen drugszaken met het Colombiaanse Medellín-kartel en onderhield banden met de linkse sandinisten in Nicaragua en de Libische leider Gaddafi.

Na omzwervingen in de Caraïben kreeg hij in 1982 ‘humanitair asiel’ in Cuba. Hij genoot bescherming van Fidel Castro, maar viel in 1995 uit de gratie. Vesco zou de economische belangen van Cuba hebben geschaad door namens de staat investeerders te zoeken voor het plantaardige wondergeneesmiddel TX, dat zowel kanker als aids zou kunnen genezen. Vesco werd veroordeeld tot 13 jaar cel.

In 2005 kwam hij vrij. Hij bleef in Havana wonen. Volgens bekenden deed hij dat op zo’n sobere wijze dat ze zich afvroegen wat er met zijn vermogen was gebeurd.