Spagaat

Mijn Chinees is failliet. De afgelopen week reed ik langs voor een afhaalpakket. Door de gesloten glazen deur heen van het restaurant heen zag ik stapels post op de grond liggen. Ik wist genoeg. Over de kop.

Ik heb verder geen Chinese contacten dus ben ik voor de hoognodige informatie over de komende Olympische Spelen aangewezen op anderen. Zoals op Jacques Rogge, de voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité.

Rogge liet afgelopen vrijdag weten dat zijn eigen IOC het standpunt over de mensenrechten moet heroverwegen. De neutraliteit over het onderwerp is niet meer van deze tijd, zo las ik in de krant.

Rogge is machinist van een heel traag boemeltje dat met veel gepuf en gehijg als laatste op een verlaten station binnenrijdt. Zwaaiend met een spiegelei en tetterend op een fluitje laat hij merken dat hij er ook nog is.

Sneltreinen vol uitgesproken meningvormers zijn Rogges slakkenspoor voorgegaan. Topsporters, trainers, politici, cabaretiers, activisten, uitgesproken Chinezen en Tibetanen, de Dalai Lama; ze riepen allemaal al maanden geleden op tot een politiek gekruide uitspraak van het IOC.

Waarom zo lang gewacht?

Tot voor kort verkondigde Rogge ‘dat het IOC niet de Verenigde Naties van de sport is’. Die mening is nog ouderwetser dan alle verzamelde werken van Mao bij elkaar. De Spelen hebben altijd een politieke lading. Hitler gebruikte de Spelen, de atleten van de Zwarte Handschoen gebruikten de Spelen, terroristen gebruikten de Spelen. Alle organiserende landen gebruiken de Spelen.

Heeft sport niets met politiek te maken? Tja, hoe lang kun je naïviteit prediken? Ik denk dat de Olympische Spelen het mooiste politieke platform van de wereld zouden kunnen zijn. Van mij mag iedereen op het podium met een statement op het shirt verschijnen.

De potsierlijke ommezwaai van Rogge cum suis doet geforceerd en stuntelig aan. Zoals ik altijd een tikje meewarig kijk naar de quasi vorstelijke blik van heersers in boboland. Rogge, Samaranch, Blatter. Wat is deze mannen in hun leven overkomen dat ze zo verslaafd zijn geraakt aan macht en vooral het ophouden van de macht?

Altijd maar dat stijve, voorzichtige gedrag in die onhandig zittende pakken, het handje schudden met god mag weten wie, wéér een banket, nóg een borrel na nóg een vergadering. Het kampioenschap eierschalen lopen, dat is het. Ik ben geen voorstander van een wind in het openbaar, maar bij een moment van zwakte van Rogges sluitspier zou ik, met de neus dicht, toch een klein rondedansje maken.

Het is weer eens wat anders dan die eeuwige, niet te controleren ‘stille diplomatie’, die volgens de olympische bobo’s zoveel gebruikt is. Je zou Rogge willen toefluisteren: Wordt een gewone sterveling, zeg waar het op staat, schaar je achter sporters die hun mond hebben open gedaan en neem het stokje van ze over.

Rogge zei vrijdag – op zijn 66ste verjaardag – dat het IOC in een spagaat zit. Hoe komt iemand van zijn leeftijd daar ooit nog uit? Ik zie ze liggen, die benen, in een hoek van 90 graden met zijn onderlijf en het scrotum op het koude zeil.

Rogge lijkt me geen onaardige man, ik zou hem wel een kontje willen geven. Om sneller te kunnen handelen. Maar zelf bepleit Rogge rust in deze ongemakkelijke houding rond de mensenrechten. ‘Daar moeten we over nadenken.’ Nadenken. Dus kunnen we binnenkort een nieuw olympisch record verwelkomen: de langste spagaat ooit.