Techniek voor meisjes

Hoe verleid je meisjes tot techniek? Laat ze eens rondkijken bij ingenieurs. En zet leuke jonge leraren in. Jacqueline Kuijpers

Het is bomvol in de vergaderzaal van technisch adviesbureau Royal Haskoning in Goes. Zeventien meisjes van drie vmbo-scholen in de regio kijken een ochtendje mee over de schouder van twee vrouwelijke ingenieurs die hier werken. Gewapend met Snickers en Marsen buigen de meisjes zich over een bestemmingsplan waarvoor ze een parkeerterrein moeten inrichten. “Wat ben je aan het doen?”, vraagt een verslaggever van de lokale televisie aan Clenda (14). Op haar antwoord dat ze – dus – een parkeerplaats aan het ontwerpen is, zegt de man: “Dat klinkt heel technisch. Maar techniek is toch niks voor meisjes?”

Tja.. Clenda wordt wel een beetje moe van dat soort vragen, vertelt ze als de betreffende verslaggever zijn hielen heeft gelicht. “Ik vind het grote onzin dat ze zo denken.”

Nu wil Clenda bouwkunde gaan studeren op het ROC. Zij heeft vaker met dit bijltje gehakt. Niemand in haar vriendenkring staat te juichen als ze zegt dat ze architect wil worden. “Ze snappen niet wat daar leuk aan is en dat laten ze merken ook. Dan denk ik: laat ze maar lekker praten.”

Het is precies de houding die meisjes die ‘iets met techniek’ willen doen, moeten hebben. Je moet tegen een stootje kunnen en je niet alles persoonlijk aantrekken, blijkt uit de verhalen van de Haskoning-ingenieurs Evelien Marteijn (aquatisch ecotechnoloog) en Natalie Rambat (civiel technoloog). De mannen in het vak die denken dat vrouwen ofwel secretaresse ofwel koffiedame zijn, zijn nog niet uitgestorven. “Het is een mannenwereld”, zegt Rambat. “Maar het komt steeds vaker voor dat er ook vrouwen werken, dus die mannen raken er steeds meer aan gewend.”

Rambat en Marteijn begeleiden dit bezoek op verzoek van het VHTO, het landelijk expertisebureau meisjes/vrouwen en bèta/ techniek (voorheen ‘Vrouwen Hoger Technisch Onderwijs’). Deze organisatie is de motor achter diverse initiatieven om meisjes en techniek dichter bij elkaar te brengen. Speeddaten met een vrouwelijke ingenieur bijvoorbeeld, of een dagje meelopen op het werk van een vakvrouw. VHTO beschikt hiervoor over de online database www.spiegelbeeld.net, met ruim 600 vrouwen die werkzaam zijn in bèta, ICT en techniek.

Ook de bijeenkomst in Goes is onderdeel van een project van VHTO: de vmbo-mbo brug, een oriëntatietraject voor meisjes in het derde jaar van het vmbo. Gedurende twaalf weken maken ze kennis met verschillende technische mbo-opleidingen en met de beroepen waar deze studies voor opleiden. Het gros van de meisjes op het vmbo kiest voor de richtingen zorg & welzijn en economie. Slechts 5,1 procent van de meisjes koos in 2006-2007 voor een technische richting. Op het mbo is niet veel beter: in hetzelfde schooljaar volgde 8,5 procent van de meisjes een technische opleiding.

“Wie aan meisjes vraagt waar ze aan denken bij techniek krijgt als antwoord ‘jongens, knutselen en auto’s”, zegt John Leeman, projectleider Ambitieprogramma van ROC Zeeland, cluster techniek. “Dat is dus een heel beperkt beeld van de werkelijkheid. Met de vmbo-mbo brug willen we dat beeld bijstellen door die opleidingen en beroepen te laten zien die veel meisjes aanspreken, zoals multimediadesign. Niet metselen en stukadoren, want daar lopen ze niet voor warm. En we zetten geen docent in van 58, maar een leuke jonge leraar.” Kortom: het betere masseerwerk.

De vmbo-mbo brug is gestart in 2005 met achttien meisjes. Dit jaar doen vijf groepen meisjes mee, verspreid over het land. Zij worden geselecteerd door hun school, vertelt Marjanne Harinck, projectcoördinator van VHTO. “Meiden voor wie techniek een goede keuze kan zijn, maar die er niet uit zichzelf aan zouden denken. Dus bijvoorbeeld meiden die met plezier aan techniekopdrachten werkten in de tweede klas. En die gemotiveerd zijn om mee te doen.”

De vraag is natuurlijk of dit inderdaad meer vrouwelijke techniekstudenten oplevert. Harinck: “Omdat de meisjes het traject in de derde klas volgen, hebben we alleen nog de resultaten van het traject in het schooljaar 2005-2006. Van die groep van achttien meisjes volgen er twee op dit moment de opleiding mediatechniek. Zij hebben de nieuwe groep dit jaar ook bij hun opleiding rondgeleid. Dat is het sneeuwbaleffect dat we willen bereiken. Een ander belangrijk effect is dat zowel vmbo-scholen als roc’s meer oog krijgen voor de talenten voor meisjes en techniek.”

Clenda en de andere meisjes hebben inmiddels rondgeneusd bij ICT, laboratoriumtechniek en bouwkunde. Conclusie: ‘wel leuk’. Maar voor de meerderheid niet leuk genoeg om er hun vak van te maken. De opbrengst van de Zeeuwse vmbo-mbo brug tot nu toe: één aankomend mbo-leerling bouwkunde en drie twijfelaars.