Effect taakstraffen

Zaterdag 26 april kopte deze krant met een artikel over taakstraffen. Ze zouden tegenwoordig twee keer zo vaak worden opgelegd als vijf jaar geleden. Voor zover we dáárover nog geen mening hadden, leek de krant ons wel een handje te willen helpen. We moesten immers weten dat op

basis van WODC onderzoek gesteld mag worden dat de effectiviteit van

taakstraffen beperkt is. We lezen in de bijbehorende reportage in Z&cetera van 26 april (‘Effect onbekend’ uit onderzoek van het WODC, waarbij meer dan 130.000 volwassenen en 15.000 minderjarige daders meerdere jaren werden gevolgd, blijkt dat ruim de helft van alle volwassenen die een taakstraf heeft uitgevoerd opnieuw met justitie in aanraking komt. Bij jongeren die een werkstraf hebben gedaan, recidiveert bijna 60 procent. En van de minderjarigen die een leerstraf hebben gehad, komt bijna 70 procent opnieuw voor de rechter.

Verontrustende cijfers die aan lijken te sporen om toch maar vooral zo snel mogelijk het opleggen van taakstraffen een halt toe te roepen; de effectiviteit ervan is immers beneden peil. Voordat de NRC-lezer deze mening echter klakkeloos over dreigt te nemen, merken we het volgende op. Nergens lezen we de titel van het WODC-onderzoek. Waar kunnen we zelf die cijfers nog eens nalezen? Nergens lezen we ook – en dit is de belangrijkste misser – gelijksoortige cijfers aangaande andere strafvormen. Hoe hoog zijn de recidivepercentages bij gevangenisstraffen en geldboetes? Van een wetenschappelijk instituut als het WODC, maar zeker ook van een krant als het NRC, mogen we toch verwachten dat ze niet enkel rechte tellingen produceren, maar ook de cijfers in hun context plaatsen. Wanneer de onschuldige NRC-lezer denkt dat celgestraften nooit meer recidiveren, klinken de WODC cijfers verbijsterend hoog. Als je echter weet – iets dat je na kunt lezen in ‘Strafrechtelijke recidive van ex-gedetineerden: uitstroomperiode 1996-2003’ van hetzelfde WODC–- dat celgestrafte volwassenen ook meer dan 50 procent kans hebben binnen twee jaar na vrijlating te recidiveren, lijkt er opeens veel te zeggen voor het opleggen van een taakstraf. Graag scharen we ons dan ook achter Van de Donk en Van Gennip die in de reportage niet als autoriteiten betreffende de cijfers worden opgevoerd (daarvoor hebben we toch immers het WODC?), maar die wel terechte kanttekeningen bij de cijfers plaatsen.