Bloopers

Ik ben gek op bloopers. Een televisiedecor dat omvalt. Een huwelijksvideo waarin een oma een dansje waagt maar dan in de taart valt. Alles met waterskiën. Ik ben normaal gesproken een beschaafd lacher, maar bij bloopers moet ik zó hard lachen dat andere mensen verschrikt opzij kijken. Een blooper is leuk omdat hij niet bedacht is. Een blooper is per ongeluk, het echte leven, en het echte leven is blijkbaar grappig. (Overigens bestaan er ook nepbloopers, bijvoorbeeld aan het einde van de animatiefilm Antz, en die zijn ook heel leuk. Terwijl je weet dat het niet echt is. Maar misschien is de nepblooper vooral grappig, omdat de makers zo goed begrepen hebben wat echte bloopers grappig maakt. Afijn, dat is hogere blooperkunde.) Niet alles wat misgaat is een blooper. Bij een blooper kijk je naar een sociale façade die plotsklaps ineenstort. Daarom zijn dierenbloopers nooit grappig,want dieren zijn altijd al ‘echt’. Hetzelfde geldt voor kinderen. Getuige bloopertelevisieprogramma’s zijn er genoeg mensen die het leuk vinden als kinderen vallen en zich pijn doen. Dat zijn nare mensen die niet begrijpen wat een blooper is. Bij de ideale blooper doet iemand iets waarvan je ziet dat diegene zelf vindt dat hij goed bezig is, en dan gaat het op een knullige, maar ongevaarlijke manier mis. Iemand is bijvoorbeeld manhaftig een ladder opgeklommen, maar die glijdt weg, hij klampt zich angstig vast aan de dakgoot, maar die begeeft het, en dan valt het slachtoffer tergend langzaam naar beneden. Bij voorkeur in een regenton,want de tweetrapsblooper is helemaal mooi. Bij de blooper gaat het om de overgang van manhaftig/dapper naar knullig. Iemand denkt zichzelf te overtreffen door een verleidelijk salsa-dansje te doen, maar glijdt uit.

Blooperliefhebbers herkennen in blooperslachtoffers waarschijnlijk de wens om boven zichzelf uit te stijgen, maar zien ook hoe het mis kan gaan. Moeten we dan lachen omdat we opgelucht zijn dat het ons niet overkomen is? Of is het empathischer: lachen we mee van schaamte? Let maar eens op mensen die bijna een verkeersongeluk veroorzaken. Die glimlachen altijd. Niet omdat ze blij zijn dat ze aan de dood ontsnapt zijn, maar omdat ze voor paal staan. Misschien ligt het allemaal wel veel simpeler. Misschien is de blooper wel zo grappig omdat het het omgekeerde van intelligente humor is. Geen woordspelingen, geen subtiele verwijzingen, geen ‘op het verkeerde been zetten’; alleen maar iemand die valt, en daar zijn we bij. Hoe het ook zij, de blooper heeft een ongekende invloed. Na twintig jaar America’s Funniest Home Video’s kijken (het liefst met presentator Bob ‘full house’ Saget, die zichzelf en het programma zo overduidelijk haat) (en die trouwens tevens een extreem grove stand-upcomedian is! Echt!), kan ik geen familiefilmpje meer zien zonder dat ik verwacht dat er zo direct iets heel erg mis gaat. Een verjaarsfeest in de jaren tachtig. Slingers. Spelende kinderen. Niemand valt in een taart. Saai.

Paulien Cornelisse is schrijfster en cabaretière.