Banenverlies VS kleiner dan verwacht

De Amerikaanse arbeidsmarkt is voor de vierde maand op rij gekrompen. Het banenverlies in de maand april was echter aanzienlijk kleiner dan verwacht. Het meevallende werkloosheidscijfer wordt geïnterpreteerd als mogelijk signaal dat de huidige vertraging van de economische groei milder is dan in de vorige recessie in 2001.

Volgens een peiling van financieel persbureau Bloomberg verwachtten analisten een banenkrimp van 75.000. Maar het ministerie van Arbeid maakte vrijdag bekend dat het verlies op de arbeidsmarkt in april beperkt is gebleven tot ongeveer 20.000 banen.

Wel is het banenverlies voor de eerste drie maanden van dit jaar omhoog bijgesteld. Daardoor is de Amerikaanse economie sinds januari toch gemiddeld 65.000 banen per maand verloren.

Met het minder grote banenverlies daalde ook het werkloosheidscijfer onverwacht van 5,1 naar 5 procent. Het rapport van het ministerie van Arbeid sterkt de verwachting op Wall Street dat de centrale bank het rentetarief voorlopig niet meer zal verlagen.

Afgelopen donderdag verlaagde de bank de rente nog met een kwart procentpunt tot 2 procent. Het was de zevende renteverlaging op rij sinds september 2007, toen de rente nog 4,75 procent bedroeg.

In totaal heeft de bank de rente sindsdien met 3,25 procentpunt verlaagd. Gisterochtend, enkele minuten voor het uitkomen van het werkloosheidsrapport, kondigde de bank aan de kredietmarkten nogmaals te voorzien van een kapitaalinjectie. Om hoeveel geld het gaat is nog niet duidelijk.

Een gemiddeld verlies van 65.000 banen per maand is hoog, maar nog steeds aanzienlijk minder dan de 121.000 banen per maand die de economie in de eerste vier maanden van de vorige recessie in 2001 (de dotcom-crisis) verloor.

De verwachting is dan ook dat de Federal Reserve, het federale stelsel van centrale banken in Amerika, de komende tijd zal gebruiken om het effect van de eerdere renteverlagingen en kapitaalinjecties op de economie te peilen. De Fed-bestuurders rekenen erop dat de lage economische groei de hoge energie- en voedselprijzen, de lage dollar en de inflatie in toom houdt.

Het werkloosheidsrapport en de verwachte reactie van de Fed resulteerden direct in hogere aandelenkoersen op Wall Street. De Dow-Jonesindex sloot gistermiddag 48,20 punten hoger. Het uitzicht op een stabiel rentetarief deed obligatieprijzen echter dalen. De dollar steeg om diezelfde reden wel weer ten opzichte van andere valuta.

Lees achtergronden over de arbeidsmarkt op nrc.nl/kredietcrisis