Twijfel over leiderschap premier Brown

Nieuwsanalyse

Labour heeft fors verloren bij lokale verkiezingen in Engeland en Wales. Britse kiezers twijfelen aan de managementcapaciteit van premier Gordon Brown.

Een kiezer bij een stembureau in Chiswick in West-Londen. De uitslag van de Londense burgemeestersverkiezingen wordt in de loop van de middag of avond verwacht. Foto AFP CAPTION CORRECTION: CORRECTING DATE: Voters come and go at a polling station at St Paul's Church in Chiswick, west London, on May 1, 2008. Voters went to the polls Thursday in local elections in England and Wales seen as a key test for embattled Prime Minister Gordon Brown. The polls include a high-profile contest for the mayor of London, where incumbent Ken Livingstone of the governing Labour Party is facing a stiff challenge from maverick Conservative Boris Johnson. Some 13,000 candidates are fighting for more than 4,000 seats on 159 municipal councils in England and Wales as well as the 25-member London Assembly. AFP PHOTO/ADRIAN DENNIS AFP

Voor premier Gordon Brown is zijn eerste confrontatie met de Britse kiezers gisteren op een mislukking uitgelopen. Het ging weliswaar slechts om lokale verkiezingen in Engeland en Wales, maar de prestaties van Browns Labour-partij waren dermate pover dat ook veel Lagerhuisleden van Labour de volgende nationale verkiezingen nu al met angst en beven tegemoet zien.

Voor de Conservatieve oppositie daarentegen ziet de toekomst er na jaren van frustratie en machteloosheid zonnig uit. Tory-leider David Cameron probeerde weliswaar de verwachtingen enigszins te dempen maar ook hij noemde de uitslag vanmorgen „een belangrijk moment”. De echte test voor zijn leiderschap komt bij de volgende Lagerhuisverkiezingen, op zijn vroegst volgend jaar en wellicht zelfs pas in 2010.

Toen Brown zijn grote rivaal Tony Blair vorige zomer tussentijds – en zonder verkiezingen – afloste, hoopten Labour-aanhangers dat hij de partij na tien jaar regeren nieuwe impulsen zou geven. Tot nu toe is daar niets van terechtgekomen. Alleen in de eerste weken van zijn premierschap manifesteerde Brown zich met enig succes als crisismanager bij mislukte terroristische aanslagen, een uitbraak van mond- en klauwzeer en overstromingen. Maar sindsdien ging het voor hem bergafwaarts.

De uitslag van gisteren is een nieuw dieptepunt voor de premier. Toen tweederde van de stemmen was geteld, bleek dat Labour zelfs de Liberaal-Democraten moest laten voorgaan. Die wonnen gemiddeld 25 procent van de stemmen, terwijl Labour niet verder kwam dan 24 procent, het slechtste resultaat in ruim veertig jaar. Zelfs in zijn donkerste dagen, toen het onbehagen over de oorlog in Irak op zijn hoogtepunt was, deed Blair het niet zo slecht.

De enige strohalm waaraan Brown zich nog kon vastklampen was de burgemeestersverkiezing in Londen. De uitslag daarvan zou pas vanavond bekend worden en Labour had vanmorgen nog niet alle hoop opgegeven dat Labour-burgemeester Ken Livingstone op het nippertje zou winnen. De Conservatieven gingen er echter van uit dat zij ook die electorale hoofdprijs in de wacht zouden slepen met hun kandidaat Boris Johnson.

Brown heeft volgens veel commentatoren het verlies deels aan zichzelf te wijten. Vooral een belastinghervorming, die ongunstig uitpakte voor mensen met lagere inkomens, breekt hem op. Toen Labour-parlementariërs alarmsloegen duurde het weken voordat Brown compenserende maatregelen toezegde. Zijn imago als weldoener voor de kansarmen liep er een forse deuk door op.

Ook de aarzelende wijze waarop hij de crisis rond de hypotheekbank Northern Rock afhandelde leverde hem weinig krediet op bij de kiezers. Eerst zag zijn regering zich genoopt Northern Rock met miljarden ponden te hulp te schieten, toen de bank niet meer aan zijn verplichtingen kon voldoen. Maanden later zag de regering geen andere uitweg dan een volledige nationalisatie van de bank. De affaire bracht bovendien onvolkomenheden aan het licht in het toezicht op de banken, dat mede door Brown was ontworpen.

Plotseling rees de vraag of Brown wel zo’n bekwame manager van de Britse economie was geweest als hij altijd gesuggereerd had. De premier zelf schreef de problemen van de afgelopen maanden vooral op het conto van de verslechterende toestand van de wereldeconomie maar zijn geloofwaardigheid is in de ogen van veel Britten aangetast. Dalende huizenprijzen en afnemend vertrouwen bij consumenten maken een regering bovendien in het algemeen zelden populairder.

Betekent dit alles dat Brown voor zijn politieke leven moet vrezen? Niet direct. De partij kan zich niet veroorloven zo snel na zijn aantreden een nieuwe leider naar voren te schuiven. Bovendien ontbreekt een opvolger van voldoende statuur. Dat hij het echter over een andere boeg moet gooien, is iedereen – ook hemzelf – duidelijk. Hij beloofde vanmorgen plechtig lering te trekken uit de nederlaag.