Een dodelijke omhelzing die al zestig jaar duurt

Chris van der Heijden: Israël. Een onherstelbare vergissing. Uitg. Contact, 159 blz., € 15,00

Chris van der Heijden:Israël. Een onherstelbare vergissing. Uitg. Contact, 159 blz., € 15,00

‘Voor Israël en zijn bewoners, joden én Palestijnen, gelden andere criteria dan voor andere landen en andere volkeren,’ constateert de historicus Chris van der Heijden in zijn zojuist verschenen boek Israël. Een onherstelbare vergissing. Terwijl het land net iets meer dan 0,1 procent van de wereldbevolking omvat, vervult het een sleutelrol in de mondiale politiek die zo goed als onaantastbaar is. Straffeloos legt het land VN-resoluties naast zich neer; kritiek daarop wordt steevast met een beschuldiging van antisemitisme gepareerd. Aandacht voor de Palestijnen is er nauwelijks, en vrijwel uitsluitend negatief.

Zo is het althans lang geweest. Volgens Van der Heijden is daar sinds enige tijd verandering in gekomen, maar het is onduidelijk waartoe die verandering leidt. Israël en de Palestijnen lijken tot elkaar veroordeeld in een dodelijke omhelzing die van kwaad tot erger gaat. Om die situatie te begrijpen, gaat Van der Heijden in dit bescheiden boekje de wordingsgeschiedenis van de staat Israël na. Daarin zijn volgens hem de fouten gemaakt die de huidige impasse al in de kiem in zich droegen. Die geschiedenis is niet terug te draaien, maar er valt wel lering uit te trekken.

Van der Heijden is zich bewust van de hachelijkheid van zijn onderneming. Schrijven over Israël ligt nog eens extra gevoelig wanneer dat gebeurt door een auteur die, als kind van ‘foute’ ouders, een fel omstreden boek over de lauwe houding van veel Nederlanders ten tijde van de Bezetting op zijn naam heeft staan. Toch beschrijft Van der Heijden de wordingsgeschiedenis van Israël onberispelijk – al is zijn vergelijking tussen het nationalistische socialisme van de joodse staat en het hitleriaanse nationaal-socialisme op het randje.

De fundamentele fout die bij het ontstaan van Israël gemaakt is, ligt volgens Van der Heijden in de opdeling van het land in twee (eigenlijk drie) zones. De voorgeschiedenis van de daartoe strekkende VN-resolutie belicht hij aan de hand van de onthullende memoires van de Guatemalteekse diplomaat Jorge García-Granados. Deze werd in 1947 tot zijn schrik benoemd tot lid van de VN-onderzoekscommissie die de Algemene Vergadering moest adviseren, maar over Palestina wist hij hoegenaamd niets. Eenmaal in het land aangekomen, bleken de Arabische bevolking en hun leiders helemaal niet met de commissie te willen praten: toen en later de grootste diplomatieke fout die de Palestijnen hebben begaan. Het resultaat was een VN-resolutie waarin hun belangen ondergeschikt waren gemaakt aan die van de nieuwe joodse staat.

Dat leidde tot burgeroorlog en van Israëlische kant tot een politiek van etnische zuivering, aldus Van der Heijden. De wordingsgeschiedenis van Israël is in vele opzichten in bloed gedrenkt, waarvan dat van de Shoah weliswaar het ontstellendste, maar niet het enige is. De deling van Palestina was een vergissing die het reeds bestaande wederzijdse geweld alleen maar bestendigde en leidde tot een steeds diepere wederzijdse haat.

Terecht wijst Chris van der Heijden erop dat het ook in Israëls belang is deze spiraal te doorbreken. Belangrijke stappen daarin zouden de Israëlische erkenning moeten zijn van het onrecht dat met de schepping van hun staat gepleegd is, en de bereidheid tot schadeloosstelling daarover.

Dat is ongetwijfeld waar, maar politiek legt dat alleen op wat langere termijn gewicht in de schaal. Onthutsend is het immers te zien hoe niet alleen Israël, maar ook de westerse landen die – zo maakt Van der Heijden duidelijk – minstens zoveel boter op hun hoofd hebben, nog altijd weigeren te spreken met diegenen die de Palestijnen tot hun vertegenwoordigers gekozen hebben.

In het argument dat Hamas nog altijd Israël niet wil erkennen, weerklinkt een politieke preutsheid die van geen Realpolitik lijkt te willen weten. Men spreekt bij onderhandelingen nu eenmaal altijd met vijanden – in elk geval mensen met wie men het grondig oneens is. Voor ieder die werkelijk een doorbraak in de situatie wil bewerkstellingen zou die Palestijnse halsstarrigheid dan ook geen obstakel mogen zijn.

Intussen is de situatie in Gaza bij verschijning van dit boekje nóg weer wat slechter geworden dan ze tijdens het schrijven ervan al was, en ligt de oplossing almaar verder achter de horizon.