Op of neer – altijd meer aandelen

De schade door de koersval in het eerste kwartaal voor de pensioenwereld lijkt mee te vallen. Veel fondsen blijven verliefd op aandelen. Wie is op jacht?

Als de beurzen kelderen, worden sommige kopers extra gretig.

In het eerste kwartaal doken de koersen op de mondiale aandelenmarkt 14 procent omlaag, het grootste kwartaalverlies sinds 2003. Beleggers zagen duizenden miljarden euro’s verdampen in reactie op kolossale verliezen bij banken op ondermaatse Amerikaanse hypotheken en andere effecten, in reactie op stijgende grondstoffenprijzen en een koersval van de dollar en door afbrokkelend consumentenvertrouwen.

Maar sommige beleggers roeien tegen de stroom in en kopen juist extra aandelen. Neem pensioenfonds Zorg en Welzijn, dat met bijna 86 miljard euro beheerd vermogen (per eind maart 2008) de grootste Nederlandse pensioenbelegger is na ABP (fonds voor leraren en ambtenaren). Het Zorg- en Welzijnfonds leed in het eerste kwartaal een verlies op zijn aandelen van zo’n 4,5 miljard euro, maar het fonds kocht desondanks aandelen bij. Per saldo gaat het om 3,2 miljard euro, zo vertelt een woordvoerder.

Waarom bijkopen?

„Als pensioenfonds hebben we een langetermijnbeleid voor de verhouding tussen onze beleggingen en onze pensioenverplichtingen”, zegt hij. „Als aandelen goedkoper zijn is het een goed moment om bij te kopen.”

Het beleggingsbeleid van pensioenfondsen, die samen bijna 700 miljard euro vermogen bezitten, raakt de koopkracht van bijna heel Nederland. Het behaalde rendement op het pensioengeld is belangrijker voor de financiële positie van pensioenfondsen dan de jaarlijkse premie die werkgevers en werknemers moeten betalen. Hoe hoger het rendement, hoe lager de premies kunnen zijn.

In weerwil van de bange verwachtingen na de koersval in het eerste kwartaal valt de schade mee. Geen van de grote pensioenfondsen die kwartaalresultaten hebben gerapporteerd kampt met een tekortschietende financiële positie. Het grootste fonds, ABP, geeft geen kwartaalcijfers. De verhouding tussen beleggingen en pensioenverplichtingen (de zogeheten dekkingsgraad) ligt boven de minimale eis die De Nederlandsche Bank hun heeft gesteld. Deze eisen zijn voor elk fonds anders, gegeven zijn beleggingsbeleid en zijn pensioenverplichtingen.

Het Zorg- en Welzijnfonds is niet het enige dat blijkt te hebben bijgekocht. Ook het Pensioenfonds Metalektro (21 miljard euro beleggingen; werkt voor de grotere bedrijven in de sector) en het pensioenfonds van postbedrijf TNT (4,4 miljard vermogen) hebben per saldo aandelen bijgekocht, zo kan uit hun kwartaalcijfers worden afgeleid. ABP wil nu niets kwijt over het aan- en verkoopgedrag, zegt een woordvoerder.

Maar het pensioenfonds Metaal en Techniek heeft juist aandelen verkocht, zo blijkt uit het kwartaalbericht. Het fonds beheert bijna 33 miljard euro en werkt voor werknemers van bedrijven in sectoren als metaalbewerking en elektrotechniek.

Het fonds wil, zo blijkt uit het jaarverslag over 2006 (over 2007 is er nog niet), al geruime tijd zijn aandelenbeleggingen verminderen ten gunste van zogeheten alternatieve beleggingen, zoals grondstoffen en hedgefondsen, dat zijn beheerders die met geleend geld op een altijd positief rendement mikken.

De grotere verliezen, naast de aandelenbeleggingen, zaten in het eerste kwartaal bij de hedgefondsen. Het Zorg- en Welzijnfonds en het pensioenfonds van TNT noteren hier beide een negatief rendement.

De verliezen op hedgefondsen typeren de financiële crisis in het eerste kwartaal. Deze beleggingen worden gekozen omdat hun rendement juist het tegenovergestelde moet doen van aandelenrendementen. Dalen de beurzen, dan willen beleggers juist met deze fondsen wat compensatie. Dat werkte in het derde kwartaal van vorig jaar, toen de crisis begon, wel erg goed, maar nu niet.

Het beleid om in crisistijd extra aandelen te kopen is een kenmerkende reflex van pensioenbeleggers, blijkt overigens uit onderzoek dat De Nederlandsche Bank eind vorig jaar heeft afgerond. Pensioenfondsen zeggen wel dat zij langetermijnbeleggers zijn, met een uitgekiende strategie om hun beleggingen zo goed mogelijk te spreiden en af te stemmen op hun pensioenregeling. Maar het onderzoek geeft een andere werkelijkheid. De pieken en dalen op de beurs spelen een niet te onderschatten rol in het aan- en verkoopbeleid van de pensioenwereld. Met name grote pensioenfondsen accepteren hogere beleggingen in aandelen als de beurskoersen stijgen. Zij zien de stijging kennelijk als signaal dat nog meer koerswinst in het vat zit. Als de koersen stijgen groeien hun beleggingen in aandelen vanzelf mee. Zij hebben vrede met de groeiende risico’s.

Maar als de koersen kelderen reageren zij in wezen hetzelfde: zij worden nog meer verliefd op aandelen, maar nu moeten zij echt op aandelenjacht. Als de koersen dalen kopen vele per saldo aandelen bij om het percentage aandelen in hun totale beleggingsportefeuille op peil te houden.

Levert dit beleid om aandelen in crisistijd bij te kopen ook extra rendement op? De onderzoekers van De Nederlandsche Bank zijn sceptisch. Met wat slagen om de arm zien zij weinig verschil.