Kiezen voor natuur geen oorzaak crisis

De nieuwe mantra van de landbouwsector luidt: opofferen van landbouwgrond mag niet, want dat gaat ten koste van de wereldvoedselproductie. Kiezen voor natuur maakt het voedsel duur, stelt ook Guus Queisen (nrc.next, 17 april). Een onzinnig argument. De Nederlandse bijdrage aan de mondiale voedselvoorziening komt namelijk grotendeels van de niet- grondgebonden glastuinbouw en bio-industrie. Daarnaast geven veel boeren landbouwgrond zelf een andere functie. De oorzaken van het wereldwijde voedselprobleem zijn de groeiende wereldbevolking, de stijgende vleesconsumptie, het verbouwen van gewassen voor biobrandstof en het armoedevraagstuk.

Overigens moet nog slechts 2,5 procent van het landbouwareaal natuur worden. Een belangrijk deel daarvan is arme landbouwgrond. Dus kwantitatief gaat het nergens over. Van de landbouwgrond die wordt verkocht gaat 60 procent naar boeren, 7 procent naar natuur en 30 procent naar woningbouw en infrastructuur. Maar over die 30 procent hoor je ook Queisen niet, want daarvoor wordt immers vorstelijk betaald.

Het belang van de landbouw staat niet ter discussie. Maar de natuur gaat nog steeds achteruit. Daarom is het goed dat er is afgesproken om grote, aaneengesloten natuurgebieden te creëren waar planten, dieren én recreanten de broodnodige ruimte krijgen.

Brieven en opiniestukken sturen naar opinext@nrc.nl