Fusieplannen Rusal maar half voltooid

Oleg Deripaska heeft een grote stap gezet op weg naar zijn doel van het opbouwen van een Russische metaal- en mijngigant. Maar de volgende stap lijkt onzekerder.

De eigenaar van een meerderheidsbelang in Rusal, de grootste producent van aluminium in de wereld, heeft zojuist een belang van 25 procent gekocht in het nikkelconcern Norilsk van Michail Prochorov, een andere oligarch. Maar Deripaska is nog een heel eind verwijderd van een volledige fusie omdat Vladimir Potanin, Prochorovs vroegere vriend en bondgenoot, een belang van 29 procent in Norilsk bezit en zijn huid zo duur mogelijk wil verkopen.

Een ruzie tussen Potanin en Prochorov leidde tot de verkoop. Potanin heeft blijkbaar nog niet alle hoop opgegeven om een andere fusie tot stand te kunnen brengen. Namelijk die met Metalloinvest, het ijzerertsconcern van Alisher Usmanov.

Rusal heeft plannen voor een beursgang in de herfst van 2007 in de ijskast gezet, maar moet eind 2009 wel een beursnotering hebben om te voldoen aan verplichtingen die vorig jaar zijn aangegaan. Toen fuseerde het concern met een Russische concurrent en het Zwitserse handelshuis Glencore. Daarom is het veilig om aan te nemen dat Rusal de fusie met Norilsk tegen die tijd voltooid wil hebben.

Potanin zou eenvoudigweg uit kunnen zijn op betere voorwaarden. Maar het is onduidelijk wat voor soort financiële macht Rusal zou kunnen oproepen. Het belang van Prochorov dat het concern zojuist heeft gekocht, is zo’n 13 miljard dollar waard tegen de huidige marktprijzen. Rusal heeft 4,5 miljard dollar geleend om het contante deel te kunnen betalen, als we de Russische media mogen geloven. Deripaska heeft Prochorov ook een belang van 14 procent in Rusal gegeven, dat het in privé-bezit gehouden bedrijf op zo’n 60 miljard dollar lijkt te waarderen. Maar Rusal zou wel eens problemen kunnen ondervinden bij het vinden van een soortgelijke financiering voor het belang van 15 miljard dollar van Potanin.

De Russische regering heeft zich tot nu toe op de vlakte gehouden, zeker als zij ervan is dat de mijnbelangen van het land in ieder geval in vriendschappelijke handen zullen blijven. Er zou wel enige ironie - en ook wel een beetje goed nieuws - in schuilen als de minderheidsaandeelhouders in Norilsk hun mening zouden mogen geven en mee mogen beslissen over wat er met het bedrijf moet gebeuren.

Maar pas op: als en wanneer het Kremlin zijn keuze duidelijk heeft gemaakt, zal iedereen zich daarin voegen.

Pierre Briançon

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com