Filebestrijding in de besluitvorming

Donderdag vormden Nederlandse weggebruikers rond zes uur ’s avonds spontaan een file van 369 kilometer. Kenners spraken van een vroege meivakantiespits. De mensen die in de 34 kilometer lange file op de A2 tussen Vinkeveen en Beesd stonden zullen nog wel wat anders tegen hun denkbeeldige bijrijders hebben geroepen. Bijvoorbeeld: goed dat de commissie-Elverding maandag advies uitbracht over versnelling van de besluitvorming rond infrastructurele werken.

De vorig jaar ingestelde commissie vond zichzelf in aanzienlijk vereenvoudigde vorm terug in de media. Net als Raad van State-vicepresident Tjeenk Willink, die twee weken geleden volgens de meeste berichten alleen had geschreven dat er te veel hypes zijn in Den Haag. Volgens de kop in deze krant was de ‘publieke onrust de schuld van de politiek’, terwijl hij onder meer schreef dat schuldigen zoeken voor het huidige overheidsfalen niets oplost.

Oud-DSM-voorman Elverding en zijn commissie gingen het nieuws in als de mensen die hadden uitgerekend dat het aanleggen van een nieuwe weg nu elf jaar duurt en dat dat zeker de helft korter kan. Alles wat de commissie had geïnventariseerd aan wetten, procedures en regels, ambtelijke en politieke vluchtroutes en de stroperige optelsom van al die Nederlandse realiteiten paste meestal niet in het bericht.

De reacties beperkten zich ook tot wat paste. Werkgevers en minister Eurlings (Verkeer) verwelkomden de adviezen voorzover zij hielpen procedures te bekorten. Minister Cramer (Milieu) wees erop dat de milieuregels overeind bleven. De milieubeweging was niet onverdeeld positief: ,,Het rapport is slecht voor milieu, natuur en bewoners. Niet de juridische procedures zijn het probleem, maar de gebrekkige werkwijze van de overheid”, volgens Natuur&Milieu-directeur Mirjam de Rijk.

Zo vervult ieder zijn rol. Elverding c.s. heeft de filevorming in de besluitvorming scherp in kaart gebracht, maar niet compleet. In stilte passeerde deze week het feit dat de commissie in haar onderzoek ‘infrastructuur’ vrijwel helemaal gelijkstelde met ‘wegen’. Het was objectiever en interessanter geweest als de Betuweroute en de HSL ook waren onderzocht. Of de Randstadrail in zuidelijk Zuid-Holland. Geen gebrek aan vertragingen en kostenoverschrijdingen in die projecten.

De commissie wijdde ook geen woord aan de vraag hoeveel wegen er redelijkerwijs nog bij kunnen, wat het grensnut is van meer asfalt en hoeveel extra auto’s steden en dorpen kunnen verstouwen. Een wezenlijk onderdeel van het transportprobleem. Ook al was de opdracht aan de commissie voornamelijk gericht op versnelling van de besluitvorming, de basisvraag ging over ‘de bereikbaarheid van Nederland’.

Op deze manier blijven we in grotejongenstaal ‘vervoer’ zeggen en ‘wegvervoer’ bedoelen. Terwijl in een zo druk en vol land alle middelen van transport in nauwe samenhang moeten worden ingezet wil het begrip mobiliteit zijn oorspronkelijke betekenis houden. Een verhelderende bijlage had gewijd kunnen worden aan de bijdrage van vervoer over het water. Daar zijn relatief weinig kunstwerken voor nodig, maar water is wel degelijk infrastructuur. Langzaam vervoer dat snel operationeel kan zijn.

Voor minister Eurlings breekt het uur van de waarheid aan. De jeune premier van het CDA kan zijn nieuwswaarde niet op peil houden met plannetjes voor ‘snel wegslepen na panne op de snelweg’ als hét grote project waar hij zijn naam aan wil verbinden er ook deze kabinetsperiode niet van komt: kilometerbeprijzing (rekeningrijden in de wandeling). Het staat in het regeerakkoord aangekondigd. De minister heeft herhaald dat het doorgaat. Deze periode nog moet een ‘onomkeerbare stap’ worden gezet.

Vorige maand werd de feestelijke lancering van een duurzaamheidsakkoord met de vervoersbranche op het laatste moment afgeblazen, omdat het ministerie van Financiën dwarsligt. Het platform-Nouwen, dat heel polderend Nederland verbond om automobiliteit te laten betalen naar gelang de weg en de tijd waarop men rijdt, ging uit van het geleidelijk afschaffen van de bpm, de fikse aankoopbelasting op auto’s en motoren. Kilometerbeprijzing zou in principe kostenneutraal zijn: wie meer rijdt betaalt meer, wie weinig rijdt minder dan nu.

Wat blijkt? Het ministerie van Financiën vreest het succes van kilometerbeprijzing. In hun scenario’s gaan mensen door de kostenprikkel bewuster de weg op, gaat de filedruk verminderen en moet de vlag op Financiën daardoor halfstok. Men houdt er rekening mee dat er tot dertig procent of 2 miljard euro minder belasting binnenkomt, nadat de huidige belastingen en accijnzen zijn ingeruild voor een systeem waarbinnen iedereen afrekent voor zijn elektronisch gemeten gebruik van de weg.

Feest, zou je zeggen. Een plan dat werkt. Iedereen kan weer rijden. Het ‘herfstvakantie-effect’, zoals SER-voorzitter Rinnooy Kan dat deze week noemde op het Mobiliteitsdiner van de RAI. Doorstroming wordt al bereikt met een klein beetje minder verkeer. Wat overweegt Financiën? De tarieven zodanig te verhogen dat de kostenderving wordt opgevangen. Dus, wie rijdt tijdens wat vroeger de spits heette, betaalt niet alleen meer dan nu, maar straks fors meer.

Tenzij het effect van het nieuwe systeem van kilometerbeprijzing teniet wordt gedaan door exorbitante tarieven. Dan is Financiën uit de kosten en staat u straks weer in de file. Niet alleen ‘balend als een stekker’ (om met de minister van Verkeer te spreken) vanwege uw vertraging maar ook omdat de meter doortikt. Het hoeft niet te verbazen dat de ministers van Verkeer & Waterstaat en Economische Zaken hier tegenover de collega’s van Financiën staan.

Staatssecretaris De Jager (Belastingzaken) heeft de Tweede Kamer beloofd in mei opening van zaken te geven. Hij heeft al zo veel moeten erkennen de laatste maanden. Een schademelding op dit parcours kan er nog wel bij. Maar het zou aanzienlijk beter nieuws zijn als hij, of de hele mobiliteitsdriehoek in het kabinet, triomfantelijk konden melden dat de middelen zich hier moeten schikken naar het doel, Nederland weer laten bewegen.

Daar is politiek voor: prioriteiten stellen en compromissen sluiten om daar te komen. Een kans voor het blackberry-kabinet dat rond de vrijdagse vergadertafel meer mobiel zit te mailen dan naar elkaar te luisteren. Om ergens te komen.