Weer teruggave kunst

Na vier jaar moeizaam procederen in Washington over de collectie Malevitsj van het Stedelijk Museum heeft de gemeente Amsterdam de strijd opgegeven. Gisteren werd op het stadhuis een schikking bekend gemaakt met de erven van de Russische schilder Kazimir Malevitsj. Vijf schilderijen uit een collectie van totaal 68 werken worden overgedragen aan de erven van Malevitsj. Het zijn er slechts vijf, maar met een totale geschatte waarde van tachtig miljoen euro behoren ze tot de belangrijkste werken uit de collectie.

De erfgenamen hadden in 1975 geprotesteerd tegen de aankoop van de werken door de toenmalige directeur van het Stedelijk, Willem Sandberg, voor 120.000 gulden in 1958. Alles duidt erop dat de aankoop niet te goeder trouw was. De verkoper, de Berlijnse architect Hugo Häring, had de werken slechts in 1937 in bewaring gekregen. Malevitsj had sinds een eerdere expositie geen visum meer gekregen van de Sovjetregering om naar Berlijn te gaan. Ook protesten van zijn erfgenamen hielpen niet, want het IJzeren Gordijn bleef gesloten.

Hoewel de zaak in Nederland in principe is verjaard en Amerika erbuiten staat, wisten de erfgenamen van Malevitsj de Amerikaanse rechter in eerste aanleg te bewegen om de zaak in behandeling te nemen. De aanleiding was een rondreizende tentoonstelling door Amerika van veertien kunstweren van Malevitsj van het Stedelijk. De gemeente was tegen de beslissing om de zaak in behandeling te nemen in beroep gegaan. Het is ook merkwaardig dat de Amerikaanse rechter zich wilde gaan uitspreken over de redelijkheid van de Nederlandse wet. Dat is niet altijd het geval. Tot nu toe is er geen Amerikaanse rechter bereid geweest om zich uit te spreken over schilderijen die door de Sovjetregering zijn genaast.

Toch is de beslissing voor een schikking met de erven Malevitsj te rechtvaardigen. Amsterdam had nog wel een kans om de zaak te winnen, maar de kosten zouden hoog zijn geweest. De vergoedingen voor advocaten en onderzoekers zijn waarschijnlijk nog hoger opgelopen dan de één miljoen euro die burgemeester Cohen gisteren noemde. Als ze op een eerder aanbod tot een schikking waren ingegaan, hadden ze waarschijnlijk minder schilderijen hoeven af te geven.

De erven Malevitsj hadden sterkere argumenten dan een aantal erfgenamen van joodse oorlogsslachtoffers die schilderijen hebben teruggekregen door beslissingen van de Nederlandse Restitutiecommissie. De verkoper van de Malevitsj-schilderijen was niet de rechtmatige eigenaar. Ze hadden geen eerdere schikking getroffen en geen schadevergoeding ontvangen. Een vrijwillige schikking is in dit soort zaken eleganter dan een procedure. Toch roept ook deze schikking de vraag op tot in welke generatie erfgenamen de geschiedenis kunnen terugdraaien. De Amerikaanse rechter heeft in deze zaak verregaande extraterritoriale macht geclaimd. Ook Amerikaanse deelstaten hebben wetten over verjaring. Maar dit zal niet de laatste teruggavezaak zijn.