Het antwoord op de Franse depressie

De film Bienvenue chez les Ch’tis verovert Frankrijk. Omdat hij appelleert aan waarden die er echt toe doen, vindt de stadsgids. Omdat we verdrinken in nostalgie, bromt de cineast.

Het vestingstadje Bergues in Frans-Vlaanderen wordt overspoeld door toeristen sinds de film Bienvenue chez les Ch’tis in première ging. Foto AFP Des touristes photographient la ville de Bergues, qui a servi de lieu de tournage au film de Dany Boon "Bienvenue chez les Ch'tis", le 06 mars 2008 à Bergues. L'office de tourisme de la ville qui a servi de décor à la comédie "Bienvenue chez les Ch'tis", propose un circuit de découverte sur les pas de Dany Boon et de ses acolytes, profitant ainsi du succès du film. Au cours de cette promenade d'une heure et demie, les visiteurs pourront découvrir les charmes de cette commune de 4.300 habitants, en passant par des lieux du film, et écouter des anecdotes sur le tournage, réalisé du 21 mai au 13 juin 2007. AFP PHOTO PHILIPPE HUGUEN
Het vestingstadje Bergues in Frans-Vlaanderen wordt overspoeld door toeristen sinds de film Bienvenue chez les Ch’tis in première ging. Foto AFP Des touristes photographient la ville de Bergues, qui a servi de lieu de tournage au film de Dany Boon "Bienvenue chez les Ch'tis", le 06 mars 2008 à Bergues. L'office de tourisme de la ville qui a servi de décor à la comédie "Bienvenue chez les Ch'tis", propose un circuit de découverte sur les pas de Dany Boon et de ses acolytes, profitant ainsi du succès du film. Au cours de cette promenade d'une heure et demie, les visiteurs pourront découvrir les charmes de cette commune de 4.300 habitants, en passant par des lieux du film, et écouter des anecdotes sur le tournage, réalisé du 21 mai au 13 juin 2007. AFP PHOTO PHILIPPE HUGUEN AFP

Onderweg naar het noorden wordt het steeds zonniger. Zo hoort het niet. Zodra je de grens van de regio Nord Pas de Calais overgaat, richting Lille, barst gegarandeerd een helse regenbui los, hebben de Fransen juist geleerd in de film Bienvenue chez les Ch’tis.

Onthoud die titel: ze is in enkele weken gaan horen bij het verplichte repertoire van Frankrijkkenners. De komedie van acteur-regisseur Dany Boon heeft in een vergeten uithoek van het land een snaar in het Franse gemoed geraakt. Bij de Ch’tis dus – een ook in Frankrijk tot voor kort vrijwel vergeten naam voor zowel de noorderlingen uit de oude mijnstreek als hun taaltje.

Ch’tis slikken lettergrepen in, hun s spat en spettert, ze zeggen quoi (wat) op rare momenten. Ze doen te direct, lachen zichzelf uit, drinken te veel. Ongelikte beren uit een onbarmhartige streek.

Maar in ‘Bienvenue chez les Ch’tis’ krabt postbeambte Abrams uit het zonnige zuiden, op het ritme van lachsalvo’s de ‘echte’ Ch’tis bloot: open, gastvrij, eenvoudig hardwerkend en solidair. Mensen die naar het noorden komen, huilen twee keer, wordt hem voorgehouden: als ze komen, en als ze gaan.

Dát beviel de Fransen wel. De gevolgen zijn te zien in Bergues, een vestingstadje tussen Duinkerken en België. Dit hoekje Frans-Vlaanderen diende als decor voor Les Ch’tis. ‘Nieuw! Patat in een zak’, staat er in vrolijke letters op het raam bij de Friterie des Flandres. Ze moeten wel. In de serre staan vier tafeltjes. En daarvoor een rij dagjesmensen die met „een gezonde portie friet” hun gewoonheid willen vieren. Ze hebben de Franse weerzin tegen staand eten glansrijk overwonnen.

Bergues wordt overspoeld door toeristen. Vorig jaar hielp het Office du Tourisme in de maand april 500 gasten. Zondag kwamen er 1.000 langs, op één dag. Vandaag, midden in de week, wachten honderddertig mensen op de volgende Ch’titour door de stad. Met het treintje of te voet.

Wat deed de film hen? „Ik heb vooral heerlijk gelachen”, zegt Sabine Guerdin, op vakantie uit het eiland Réunion en voor het eerst in Noord-Frankrijk. „Zonder bijbedoelingen meeleven met gewone mensen. Dat was lang geleden.”

Haar eilandgenote Claire Alessandri, die studeert in Luik, zag vooral een portret van het Noorden: „Waren we allemaal maar zo open en hartelijk.”

Binnen wacht gids Jacques Martel. De directeur van het Office de Tourisme beleeft zijn gloriedagen met gemengde gevoelens. Hij is de plaatselijke carillonneur, de rol die in Les Ch’tis door Boon zelf wordt gespeeld. „Boon is een usurpator”, grapt Martel, half ernstig. Tot voor kort was hij wethouder cultuur. Hij heeft in die rol nog meegewerkt aan het maken van de film, zegt hij trots. Maar het leverde hem dit voorjaar niet zijn verkiezing tot burgemeester op, zoals hij had gehoopt. „De mensen namen mij kwalijk dat ik veel in de media ben geweest. Vooral mijn concurrenten.”

Echt belangrijk is Martel elke twee jaar, als hij even Karel de Vijfde is. De geschiedenis naspelen, dat doen ze graag in Bergues. De echte dan: hoe Bergues losraakte uit de Nederlanden. Hoe in 1646 de Franse legers kwamen, en toen de Spaanse, en toen weer de Franse. „Hier is nooit Ch’ti gesproken”, vertelt Martel. „De taal van dit land is Vlaams.”

Maar de making of van Bergues interesseert de toeristen niet. Het filmdecor bepaalt hun parcours. Hier piesten Abrams en zijn Ch’tivriend in de gracht. Daar stond hij te staren naar het damesondergoed in de etalage. Daar tuimelden ze dronken over het terras.

Waarom is Les Ch’tis volgens Martel een succes? „Omdat er geen seks en geweld in voorkomen. Het draait om waarden die er echt toe doen: vriendschap, solidariteit, hard werken, gewoon zijn.” Martel kent zijn tekst als woordvoerder van het Franse levensgevoel van buiten. „Les Ch’tis is het antwoord van de Fransen op hun eigen depressie.”

Les Ch’tis heeft ook Parijs veroverd. Politici gebruiken ch’ti-woorden om hun gewoonheid te bewijzen. Intellectuelen ontleden met Boon de maatschappij. Filosoof Alain Finkielkraut looft deze week in een thema-nummer van Le Nouvel Observateur de „milde lach van de herkenning” die Les Ch’tis volgens hem ontlokt.

Maar niet iedereen oordeelt positief. Documentairemaker Ra-phaël Glucksmann ziet in het succes van Les Ch’tis een nieuwe aanwijzing dat Frankrijk langzaam verandert in een museum. „Alle succesfilms van de laatste jaren, van Amélie Poulain tot Être et Avoir, cultiveren een verloren Frankrijk. We verdrinken in nostalgie”, zegt hij bozig.

Romancier Jean-Marie Rouart, lid van de Académie Française, beschreef de film in Paris Match als een reflex tegen de mondialisering. Les Ch’tis, schreef hij, is de warmte van de regio tegen het kille Europa. Een wraakexpeditie tegen de arrogantie van het zonnige zuiden. De zege van de lach tegen “intellectuele terrorisme uit Parijs”. De revanche van de ‘gewone’ man op de bling-bling van president Sarkozy en de multimiljonairs. En inderdaad, een lofzang op het dorpse Frankrijk, waar de sociale verbanden nog hecht zijn en immigranten onzichtbaar. Alleen de oude dromen van grandeur zijn opgegeven: het Frankrijk van Boons Ch’tis heeft genoeg aan zichzelf.

Als in Bergues Jacques Martel met zijn optocht langs de kerk trekt, lacht Christophe Vandaele eens bitter. Ja, hij heeft de film gezien, zegt de 51-jarige agronoom. Zoals iedereen in het dorp. „We lachen er maar om”, zegt hij. Wat hij Boon vooral verwijt, is het opofferen van de identiteit van Bergues aan een „vaag regionalisme”. De vestingwerken zijn uit de film gelaten. Daarvoor in de plaats is het strand bij Saint Malo gekomen, de voetbalclub uit Lens, de arbeiders-erfenis van mijnen die nooit in Bergues hebben gelegen.

Geboren Berguenaar Vandaele vergelijkt de populariteit van Bergues met de openstelling van de ongerepte bossen in Frankrijk. „Na een tijdje hadden de boswachters door dat het evenwicht in het bos niet verstoord werd: de bezoekers gingen nooit verder dan de rand.”

In Bergues hebben de winkeliers hun Vlaamse bieren, kazen en naambordjes verwisseld voor Ch’tibrood, Ch’tiworst en Ch’tideurmatten. Vandaele ziet de toeristen als opvolgers van de Spanjaarden en Fransen uit de zeventiende eeuw. „Bergues is altijd een grensstad geweest. De mensen laten zich niet gek maken. Ze doen er hun voordeel mee.”