Er komen zelfs baby’s aan op Lampedusa

Steeds meer minderjarige migranten steken onbegeleid de Middellandse Zee over.

Die kinderen komen in opvangcentra terecht, ‘maar ze horen bij hun familie’.

Laatst kwam Simona Moscarelli een twaalfjarige Afrikaanse migrant tegen, die zonder familie in een bomvolle smokkelboot van Libië naar het Italiaanse eilandje Lampedusa was gevaren. Lampedusa ligt vierhonderd kilometer van Libië. Volgens de Italiaanse wet mogen minderjarigen niet worden uitgezet. Dus was de jongen in een opvangcentrum op Sicilië geplaatst. Daar moet hij blijven tot hij achttien is.

„Hij wil maar één ding: werken,” zegt Moscarelli, die het kantoor van de International Organization for Migration (IOM) op Lampedusa runt. „Maar dat mag niet. Achter zowat elke migrant die op Lampedusa aankomt, zitten vier, vijf families. Zij investeren in zijn reis. Hij is hun anker in Europa. Hij moet geld terugbrengen. Als zijn moeder belt waar het blijft, slaapt hij dagen niet.”

Moscarelli was deze week in Genève voor een conferentie over migratietrends. Eén van die trends is dat steeds meer minderjarigen onbegeleid de Middellandse Zee oversteken. In 2007 kwamen er tweeduizend op Lampedusa en Sicilië aan (op een totaal van 16.700). Maandag arriveerden er weer negen kinderen. „De meesten,” bevestigt Peter Schatzer, regionaal IOM-directeur in Rome, „komen via Libië: Ghanezen, Somaliërs, Nigerianen, Eritreërs, Marokkanen, Tunesiërs. Meer dan zevenduizend kinderen zitten in opvangkampen op Sicilië.”

Volgens Schatzer besteedt Italië 200 miljoen euro per jaar aan opvang en scholing voor deze kinderen. En protectie, want zelfs in centra worden ze soms door landgenoten belaagd. „Maar die kinderen horen bij hun familie. Spanje probeert Marokko ervan te overtuigen dat ze dáár moeten worden geplaatst.”

Veel kinderen hebben geen identiteitspapieren bij zich. Ze zeggen niet waar ze vandaan komen. Zo kunnen ze niet worden teruggestuurd. Doorgangslanden als Libië willen hen ook niet. De Europese Unie heeft een akkoord met Senegal, zodat veel bootmigranten terug kunnen naar Dakar. De EU probeert hetzelfde met Libië, maar Libië eist dat het Europese grensbewakingsagentschap Frontex dan ook álle Libische grenzen – vele honderden kilometers woestijn – helpt bewaken. Niet onredelijk, vindt Schatzer. „Wel ondoenlijk.”

Volgens hem gaan er nu inderdaad minder migranten naar de Canarische eilanden. „Maar migratie managen is knijpen in een waterballon: het water verplaatst zich. Dus nemen migranten andere routes: over land naar Griekenland, of over zee naar Lampedusa of Malta.” Er zijn ook nieuwe trajecten: van Egypte naar Italië en van Libië naar Sardinië.

Agenten van Frontex hebben de opdracht om Europese buitengrenzen te bewaken en illegalen tegen te houden. Schatzer vindt dat zij ten onrechte een „anti-immigratie”-imago hebben. „Ze patrouilleren met high-tech boten en helikopters. Maar als ze een boot zien vol vrouwen en kinderen in erbarmelijke omstandigheden, laten ze die niet rechtsomkeert maken. Nee, ze halen die mensen van boord, ook al weten ze dat Libië ze niet terugneemt. Het komt er vooral op neer dat Frontex mensenlevens redt. En nóg zijn er in 2007 111 migranten onderweg gestorven.”

Het aantal migranten daalt wel als het gerucht gaat dat Frontex intensiever patrouilleert. Smokkelaars varen dan minder uit. Ook als Libië de EU gunstig wil stemmen, zegt Schatzer, „komen er minder migranten. Of als Libië een snelweg betaald wil hebben met Europees geld. Dit is puur politiek, hè. Hetzelfde deed de voormalige Sovjet-Unie met joden: afhankelijk van de relaties met het Westen lieten ze er meer of minder gaan.”

Volgens Moscarelli komen er zelfs onbegeleide babies op Lampedusa aan. „Vorige zomer had ik er één van twaalf maanden oud. ‘Hier, een baby,’ zeiden ze. We hebben de moeder getraceerd in Libië. Zij was in het gedrang van boord geduwd. Italië heeft haar laten overkomen.”

Voor meer feiten en cijfers over migratie kijk op:www.iom.int