007 hield van damespistooltjes

Het Imperial War Museum houdt Bond-expositie naar aanleiding van honderdste geboortejaar van schrijver Ian Fleming. „Beiden hielden van vrouwen en waren zware rokers.”

Ian Fleming, circa 1960 Foto Horst Tappe, Getty Images circa 1960: Studio headshot portrait of British author Ian Fleming (1908-1964), the creator of James Bond, smoking a cigarette in a holder. (Photo by Horst Tappe/Hulton Archive/Getty Images) For Your Eyes Only Ian Fleming and James Bond 25 April 2008 - 1 March 2009 Imperial War Museum London To celebrate the centenary of Ian FlemingÕs birth, Imperial War Museum London is producing the first major exhibition devoted to the life and work of the man who created the worldÕs most famous secret agent, James Bond.
Ian Fleming, circa 1960 Foto Horst Tappe, Getty Images circa 1960: Studio headshot portrait of British author Ian Fleming (1908-1964), the creator of James Bond, smoking a cigarette in a holder. (Photo by Horst Tappe/Hulton Archive/Getty Images) For Your Eyes Only Ian Fleming and James Bond 25 April 2008 - 1 March 2009 Imperial War Museum London To celebrate the centenary of Ian FlemingÕs birth, Imperial War Museum London is producing the first major exhibition devoted to the life and work of the man who created the worldÕs most famous secret agent, James Bond. Getty Images

Floris van Straaten

Agent 007, beter bekend als James Bond, is zo moedig, atletisch en vindingrijk dat hij al zijn tegenstanders altijd te vlug af is. Maar de tentoonstelling For Your Eyes Only in het Imperial War Museum in Londen geeft een heel ander beeld van de beroemde filmster. Het is aardig om te zien dat deze superman met vallen en opstaan is gegroeid.

De naam van de agent is bijvoorbeeld ontleend aan een niets vermoedende vogelkenner. De schepper van James Bond, de Britse schrijver Ian Fleming, zocht begin jaren vijftig naar een geschikte naam. Toen zijn blik op een gids voor de vogels van West-Indië viel, samengesteld door de Amerikaanse ornitholoog James Bond, was dit probleem opgelost.

Ontwapenend is ook het verhaal over Bond en zijn aanvankelijk weinig mannelijke pistolen. In 1956, toen de eerste romans al waren verschenen, ontving Fleming een brief van vuurwapendeskundige G. Boothroyd. „De meeste dingen aan hem bevallen me”, schreef Boothroyd over Bond, „met uitzondering van zijn nogal betreurenswaardige smaak in vuurwapens. Ik heb speciaal een afkeer van een man die in contact komt met alle mogelijke formidabele figuren terwijl hij een 0.25 Beretta gebruikt. Dat soort vuurwapen is echt een damespistool, en bovendien van een niet echt aardige dame.” De boodschap werd begrepen. Voortaan hanteerde Bond ‘mannelijker’ wapens.

Deskundige lezers (en later kijkers van de films) schoten Fleming vaker te hulp, onder meer bij de aanwending van de befaamde technische trukendoos van Bond. De meeste elektronische snufjes volgden pas in de films na Flemings dood in 1964.

Aanleiding van de expositie is dat Fleming een eeuw geleden werd geboren. Aanvankelijk wees niets erop dat deze telg van een vermogend Schots bankiersgeslacht zou uitgroeien tot een gevierd schrijver van spionagethrillers. Hij presteerde matig op de kostschool van Eton en op de militaire academie van Sandhurst. Daarna volgden korte periodes als journalist bij het persbureau Reuter en baantjes als bankier en beursmakelaar. Al die tijd had hij vooral belangstelling voor vrouwen. In hoog tempo veroverde hij de ene schoonheid na de andere. „Maar hij miste tot dan toe eigenlijk een doel in het leven”, constateert de historicus Terry Charman van het Imperial War Museum.

Dat veranderde met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Fleming werd assistent van de chef van de Britse marine-inlichtingendienst en onverwacht raakte hij in zijn element. Toch was Fleming, zo blijkt uit een begeleidende tekst, geen James Bond. „Hij was zelf nooit bij de uitvoering van acties betrokken.” Wel deed hij op het hoofdkwartier in Londen volop inspiratie op voor zijn latere romans. ‘M’, de spionagechef uit de Bond-boeken, ontleende hij bijvoorbeeld aan zijn toenmalige baas, admiraal John Godfrey. Het duurde nog tot 1952 voor hij zijn eerste spionagethriller voltooide, Casino Royale. Fleming, die inmiddels wel was getrouwd, schreef de Bond-romans steevast in zijn buitenhuis in Jamaica, dat hij in de oorlog voor het eerst had bezocht. Zijn schrijftafel en typemachine nemen op de tentoonstelling een ereplaats in, evenals een foto van het uitzicht op een tropisch strand, dat zo uit een Bond-film zou kunnen zijn weggelopen.

Wat maakte dat zijn boeken zo geweldig aansloegen? In 1964, zijn sterfjaar, werden er 112.000 exemplaren per week verkocht. Het antwoord is simpel. Fleming riep voor Britse tijdgenoten een wereld op, waarvan de meeste burgers in de sobere jaren vijftig alleen maar konden dromen. Een wereld van geld, snelle sportwagens en exotische verre landen. Om het sprookje te completeren deed Fleming het bovendien voorkomen alsof Groot-Brittannië, althans agent 007, in de Koude Oorlog een hoofdrol vervulde. Dit hoewel de Britten na 1945 niet meer dan een bescheiden tweede viool speelden naast de Amerikanen.

Maar meer dan wat ook waren het wellicht Bonds achteloze amoureuze veroveringen, die tot de verbeelding spraken, althans van mannelijke lezers. Het tijdvak van de lossere seksuele zeden moest nog beginnen. Juist op dat punt kon Fleming zelf zich tot het laatst meten met zijn held. „Veel hadden ze niet gemeen", lacht historicus Charman, „maar beiden oefenden een buitengewone aantrekkingskracht op vrouwen uit en waren zware rokers.”

For Your Eyes Only is tot 1 maart 2009 te zien in het Imperial War Museum, info: http://london.iwm.org.uk