Nog maar vier uurtjes Frans

Decennia vol onderwijs-vernieuwingen – ook in Frankrijk hield het niet op.

Vraaggesprek met een ‘oude rot in het vak’.

Studenten protesteerden dinsdag in Parijs tegen plannen van de regering-Fillon om banen in het onderwijs te schrappen. Foto Reuters French high school students shout slogans during a demonstration in Paris April 15, 2008 to protest against plans by President Nicolas Sarkozy's government to cut teaching jobs. The placard reads "Don't touch to my education". REUTERS/Benoit Tessier (FRANCE)
Studenten protesteerden dinsdag in Parijs tegen plannen van de regering-Fillon om banen in het onderwijs te schrappen. Foto Reuters French high school students shout slogans during a demonstration in Paris April 15, 2008 to protest against plans by President Nicolas Sarkozy's government to cut teaching jobs. The placard reads "Don't touch to my education". REUTERS/Benoit Tessier (FRANCE) REUTERS

Claude Palacios (60) zou je een demonstrant ‘oude stijl’ kunnen noemen. ‘Homerus vermoord’ stond er op het bord dat de lerares Lettres Classiques – Frans, Latijn en Grieks – deze middag meetorste in de optocht tegen minister van Onderwijs, Xavier Darcos. Daaronder, in Grieks schrift: ‘Darcos heeft me gedood’.

Maar wie kan dat nog lezen? „Ik ben een uitstervende soort”, erkent Palacios na afloop in een café bij het Place de la Nation, het eindpunt van talloze Parijse demonstraties. Het laagje zelfspot in haar lach is dun. Ze meent het – in het Franse onderwijs is een wereld aan het verdwijnen, vindt ze.

Deze zomer gaat Claude Palacios met pensioen, na 37 jaar. Net als haar twee collega’s die klassieke talen geven. Die vakken verdwijnen snel uit de Franse scholen. En daarmee ook een zeker idee van onderwijs, vindt Palacios.

„Onderwijs moet een brede oriëntatie op de wereld geven. Met aandacht voor onze oorsprong. Daar komen we steeds minder aan toe.”

Haar ‘vormende moment’ was 1968, de revolutie van verwachtingen, kansen voor iedereen. In die geest begon ze met lesgeven, in 1971. Na een paar jaar belandde ze op een middelbare school in de Parijse voorstad Drancy – in wat nu een probleemwijk heet. Toen ging je daar de lagere sociale milieus verheffen. ‘Madame’ Palacios bleef er 23 jaar.

Nu zit ze alweer tien jaar bij Lycée Montauigne, een eliteschool midden in Parijs, geplakt aan de Jardin du Luxembourg, met louter leerlingen die zich geen zorgen maken over hun toekomst. „Daardoor kletsen ze in de klas véél meer dan in de banlieue gebeurt”, zegt Palacios droog.

De leerlingen zal ze missen, het onderwijssysteem niet. Decennia vol hervormingen heeft ze erop zitten. „Het houdt niet op.”

Hoe vaak hebt u eigenlijk gedemonstreerd, in al die jaren?

Ze schiet in de lach. „Ontelbaar vaak. Zeker tien keer per jaar. Vroeger gingen we met kinderwagens. We hebben alles meegemaakt. Demonstreren, dat maakt deel uit van…” Ze valt stil.

Franse folklore?

„Nee, het is géén folklore. Het is de enige manier om iets gedaan te krijgen in dit land. Ons parlement heeft geen macht, je moet de regering direct aanspreken. Op straat.”

En, wat was uw grootste succes als demonstrant?

„Dat we de pensioenhervorming van 1995 hebben tegengehouden. Toen kregen we de regering mooi op de knieën. Later heb ik toch 2,5 jaar pensioen moeten inleveren.”

Hoe gaat het na al die jaren hervormen en betogen met het onderwijs?

„Er voltrekt zich een ramp. De staat geeft scholen steeds minder budget voor lesuren. Alles wat niet direct nut heet te hebben, verdwijnt. De laatste vijf jaar verdwijnen vakken als klassieke talen razendsnel. Veelzeggend.”

Want?

„Kennis met een historische dimensie en culturele diepgang raakt in onbruik. Het gaat om geld, efficiëntie. Kinderen moeten alleen nog dingen uit hun hoofd leren. Rekenen, taal, zonder nadenken. Maar je moet ook leren redeneren, kritisch zijn.”

Is het niveau van het Franse onderwijs gedaald, zoals men zegt?

„Ach, de passé simple was dertig jaar geleden ook een probleem… Ik denk dat we het verleden idealiseren. Er gaan veel meer kinderen door tot het eindexamen dan toen ik begon, in 1971. Dat het gemiddelde niveau daardoor is gedaald, is de prijs van sociale vooruitgang, die er onmiskenbaar is geweest. Het probleem zit vooral bij de huidige generatie machtigen, de politici. Die zijn bezig met de afbraak van het onderwijs.”

Noodzakelijke hervormingen, zeggen zij. Om het verval te keren.

„Ze zijn juist uit op verslechtering. Dat is een bewuste politiek. Ze maken de weg vrij om het onderwijs te privatiseren. Het gaat hen niet om wat leerlingen moeten leren. Het gaat om geld, rendement.”

Wanneer is die afbraak begonnen?

„In de jaren negentig, toen rechts aan de macht kwam. En sinds president Sarkozy gekozen is, gaat dat nog sneller. Leerlingen van 13, 14 jaar hebben nog maar vier uur Frans per week voor literatuur, spelling grammatica, het schrijven van opstellen. Dat is onvoldoende. En leraren wiskunde of biologie klagen nog meer.”

Ondanks extra investeringen in probleemwijken is de tweedeling in het onderwijs toegenomen. Wat merkte u daarvan?

„Het niveauverschil tussen Drancy en Parijs viel mij tien jaar geleden mee. Dat wil zeggen: bij de gemiddelde leerlingen. In Drancy ging het met hen zelfs beter, omdat ze school zien als uitweg uit de misère. Het verschil zit vooral in de kop en staart van de klas.

„In Parijs heb je toppers. In de probleemwijk zijn die allang verdwenen – naar een school in Parijs. In een probleemwijk zijn juist meer scholieren in moeilijke thuissituaties, die veel tijd kosten. Ik had zelf twee extreme jaren met bendes in de klas, die ook door de politie gevolgd werden. Dat ging mijn kracht echt te boven.”

Wat heeft een leraar nodig om het vol te houden? Idealisme?

„Je moet juist niet te idealistisch zijn. Dan raak je gedeprimeerd. Leraren worden steeds minder op waarde geschat. Je moet van je werk houden. Van de leerlingen, van de stof die je onderwijst. Zo heb ik mijn evenwicht gevonden. Maar ik ben blij dat ik weg mag.”