Lome Lizz Wright

Jazz: Lizz Wright. Gehoord: 16/4 Tivoli, Utrecht.

De donkere, diepe stem van jazz-zangeres Lizz Wright is als warme karamel over ijs: lichtbruin, smeltend, zoet en sensueel. Haar roots in het zuiden van de Amerika hoor je steeds terug, net als haar stevige technische basis, gelegd in het gospelkoor van haar vaders kerk.

Op het Utrechtse podium Tivoli bleek Lizz Wright gisteravond duidelijk gegroeid. Ze was niet meer de verlegen vertolkster die we zagen bij eerdere concerten: het meisje dat het ook best had gevonden als ze achter het gordijn mocht zingen. Te midden van de opvallende opstelling van haar band vormde zij nu het centrum van de halve maan, met linksvoor op het podium de drummer en bassist, en rechts van haar de gitarist, achtergrondzangeres en toetsenist.

Wright bracht vooral liedjes van The Orchard, haar nieuwste, inmiddels derde album met zielenroerselen verpakt in lome soul en rhythm & bluesnummers. Met een plakkerige sleepbeat, een wat gospelachtig orgel en gesteund door een hogere achtergrondstem doorliep de zangers op ingetogen wijze de plekken van haar jeugd in Georgia. Melancholie voerde de boventoon in nummers als Coming Home en When I Fall. My Heart, een repeterend nummer dat een fijne groove bevat en nu gelanceerd is als single, vormde van die selectie een klein hoogtepunt.

De show was verre van uitbundig, eerder klein, organisch en subtiel voor wie zich wilde laten meevoeren.

Wright is een mooie, serene en gracieuze verschijning, gehuld in een omslagdoek omdat ze het koud had. Ze zal zich nooit opstellen als gangmaker. Maar voor het concert te dromerig dreigde te worden, schakelde Wright over naar een wat steviger klank.

Ze had nog een lekkere versie van Neil Youngs Old Man en liet zich voor haar doen uitbundig horen in de versierde gospelpop van het wat complexere Walk With Me Lord.