Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

Fonds zit vol met geld, maar niet voor de gepensioneerden

Om te voorkomen dat geld van het pensioenfonds in de Haven voor reorganisaties werd gebruikt, werd het beheer uitbesteed. Nu gaat de opbrengst naar kunst.

Dirk van Vive, al bijna veertig jaar havenarbeider, is woedend. „Jarenlang is ons voorgehouden dat er te weinig geld was voor een goed pensioen voor ons. Nu blijkt dat er zat geld is, maar dat ze van onze centen kunststukjes willen kopen. Het is een regelrechte schande hoe er met het pensioengeld van de havenarbeiders wordt omgesprongen.”

Van Vive is niet de enige die boos is over de omgang met de havenpensioenen. Zeker 60.000 werknemers telt het voormalige Pensioenfonds Vervoer- en Havenbedrijven (PVH), dat tien jaar geleden werd omgezet in pensioenverzekeraar Optas en sinds vorige zomer in handen is van verzekeraar Aegon.

Aegon betaalde circa 1,3 miljard euro aan de stichting Optas, enig aandeelhouder van verzekeraar Optas. Pierre Vinken, voormalig Elsevier-topman en voorzitter van de stichting, weet ook al waaraan het geld zal worden uitgeven: aan culturele en sociale projecten. Maar volgens FNV Bondgenoten en de havenwerkgevers komt het geld toe aan de havenarbeiders.

„Door een wijziging van de statuten heeft het stichtingsbestuur van Optas besloten dat de resultaten uit pensioenbeleggingen niet meer ten goede komen aan de sociale partners in de haven, maar aan culturele en maatschappelijke doelen. Dat kunnen wij niet accepteren”, zegt Willem Noordman, bestuurslid van FNV Bondgenoten. Onzin, reageert Optas. „Men ziet een pot met geld en de stoppen slaan door”, zegt woordvoerder Ton Planken. „Ze hebben er geen recht op.”

Het onbegrip is groot. Inmiddels bemoeit minister Donner van Sociale Zaken zich met de kwestie. Kamerleden willen hoorzittingen organiseren. Morgen begint bij de rechtbank in Rotterdam de eerste van een reeks getuigenverhoren waar havenarbeiders en -werkgevers helderheid mee hopen te krijgen over de statutenwijziging waardoor de doelstelling van de stichting veranderde. „Het is onbegrijpelijk dat het bestuur van Optas serieus denkt op deze manier de mecenas te kunnen uithangen met geld van een ander”, zegt advocaat Bart Gerretsen (NautaDutilh), die de getuigenverhoren bij de rechtbank voor elkaar kreeg. Gerretsen werkt voor de stichting Belangenbehartiging Pensioengerechtigden van de Vervoer- en Havenbedrijven – opgezet door werkgevers en werknemers – die sinds 2001 met Optas in de clinch ligt.

„Het stinkt”, zegt Pieter Omtzigt, Tweede Kamerlid van het CDA, die de kwestie vorig jaar bij minister Donner aan de orde stelde. „We verplichten havenarbeiders pensioenpremie te betalen en door ingewikkelde juridische constructies kunnen ze geen aanspraak maken op hun eigen gelden.” Van wie is het pensioengeld, is de centrale vraag die volgens Omtzigt via hoorzittingen beantwoord moet worden. Zo nodig moet de Pensioenwet worden aangescherpt. „Pensioenvermogen moet niet zonder instemming van pensioengerechtigden en toezichthouders zomaar verkocht kunnen worden.”

Of dat bij de havenpensioenen is gebeurd, is twijfelachtig. Duidelijk is wel dat werkgevers en werknemers tien jaar geleden besloten de pensioenaanspraken van de havenarbeiders veilig te stellen. Gezien de afnemende werkgelegenheid in de haven, was al verschillende keren geld aan de reserves van het pensioenfonds onttrokken om reorganisaties te financieren. Dus werd gekozen voor een structuur waarbij de sociale partners op afstand kwamen te staan. Het pensioenfonds werd overgedragen aan een verzekeraar. Een onafhankelijk stichting, met sociale partners in het bestuur, nam het heft in handen.

„Het vermogen, 450 miljoen euro, werd ‘beklemd’, zodat het alleen kon worden aangewend voor gepensioneerde havenarbeiders”, zegt advocaat Gerretsen. Alleen de rechter kan beklemming ongedaan maken. De stichting beloofde vermogensgroei, winsten zouden worden gebruikt voor verbetering van de pensioenen of verlaging van de premies. „Het huidige bestuur van de stichting Optas handelt in strijd met die uitgangspunten.” De bonden gingen volgens Gerretsen destijds met de omzetting akkoord. „Maar het was ondenkbaar dat de rendementen van Optas later voor de aankoop van Rembrandts zouden worden gebruikt.”

Toen de verzelfstandiging eenmaal een feit was, liet de directeur van de stichting zich volgens Gerretsen weinig meer gelegen liggen aan de oorspronkelijke doelstellingen. De statuten werden veranderd en besloten werd het vermogen te gebruiken voor kunst, cultuur en maatschappelijke projecten. Werkgevers en werknemers waren inmiddels uit het stichtingsbestuur verdwenen.

„In het volste vertrouwen dat Optas hun belangen zou waarborgen, hebben de sociale partners hun pensioenbelangen op te grote afstand gezet”, geeft Noordman van FNV Bondgenoten toe. „De sociale partners mogen destijds naïef geweest zijn, dit had nooit mogen gebeuren. Aegon heeft voor veel geld Optas gekocht en wacht tot de laatste havenarbeider is gestorven en het beklemde vermogen vrijkomt. Dat is inmiddels ruim 750 miljoen euro, maar de havenarbeiders zien er niets van terug. Zij krijgen veel te lage pensioenen en lopen ook de vergoeding voor prijsstijgingen mis, terwijl er volop geld is.”

FNV Bondgenoten dreigt met acties tegen Aegon in de hoop nog iets terug te zien van het vermogen. Minister Donner wacht het oordeel van de rechter af. Wettelijk kan hij niet ingrijpen, liet hij de Kamer vorige maand weten. „Ik vrees dat ik er met mijn inkomen onvoorstelbaar op achteruitga als ik 65 ben”, zegt havenarbeider Dirk van Vive. „Voor veel gepensioneerde collega’s is het armoe troef.” Ze houden niet meer dan 200 euro per maand over. Als er actie wordt gevoerd tegen Aegon of Optas, doet hij mee. „Wij hebben voor dat geld gezorgd: zonder havenwerkers geen pensioenfonds, zonder pensioenfonds geen Optas en zonder Optas geen 1,3 miljard.”