Koel naar de eigen tijd kijken

Soms wilde je best een conservatief zijn, als dat inderdaad betekenen zou wat hoogleraar Frank Ankersmit in Opinie & Debat van 5 april schreef: iemand die, hoewel zijn hart bij het oude ligt, de noodzakelijkheden van de moderne tijd inziet en tevens de scherpste observator van de eigen tijd is, omdat hij (grote vrouwelijke conservatieven zijn geloof ik niet bekend) in zekere zin een buitenstaander is.

Zo gedefinieerd wil menigeen denk ik wel conservatief zijn, het klinkt verstandig, weloverwogen, redelijk. Ankersmit schreef het in een lezing voor een symposium waarop J. L. Heldring geëerd werd, en het zal zeker ook als een portret van Heldring bedoeld zijn. Misschien wil ik dus wel een Heldring worden.

De kans dat dat lukt, is niet zo groot. De eigen tijd rustig en helder observeren, je moet het kunnen.

Laatst zag ik een programma op de televisie over Wikipedia, de online encyclopedie waarin iedereen lemmata mag plaatsen en veranderen. Het ging in de documentaire voornamelijk over twee opvattingen van kennis. De ene kwam erop neer dat iedereen kennis bezit, onafhankelijk van academische graden of erkende expertise, de andere dat het beter was om vooral erkende specialisten op hun eigen gebied aan het werk te zetten.

Bij Wikipedia heeft niemand het laatste woord zoals bekend, want je kunt de artikelen die erop staan wijzigen en uitbreiden. Je kunt met andere gebruikers overleggen. Je kunt de beste suggesties gebruiken. Dat alles kunnen anderen ook. Zo, aldus de Wikipediagedachte, zal de informatie steeds beter worden. Dat is het nieuwe internet (ook wel internet 2.0 genoemd). Interactief.

Het is duidelijk dat bij Wikipedia degenen die geloven in de kennis van iedereen gewonnen hebben. In de documentaire werd door die groep, de modernen, de progressieven, de ware internetters nogal eens schamper gedaan over specialistische kennis. Dat is om zo te zeggen ‘oude politiek’. Referenties, diploma’s, ach ja. Achterhaald gedoe.

De houding die het nieuwe internetten het beste samenvat is ‘I can’, zei een internetgoeroe. Iedereen kan van alles, vooral doordat het samen gebeurt. Samen zijn we sterk, zeg maar.

Nu valt dat moeilijk tegen te spreken, met een beetje hulp van een ander kun je soms onvermoede dingen. En het is ook leuk en stimulerend om zo iets te doen, een filmpje te maken met iemand uit Australië, een recept te krijgen van iemand uit Zuid-Frankrijk, allemaal gewoon via het net.

Iets anders wordt het als de waarheid gedemocratiseerd wordt. De internetgoeroe zei luchtig: „De waarheid is altijd betwist geweest. Waarheid is gerechtvaardigd geloof.”

Het vervelende is dat dat wel waar is, maar dat je er toch door geërgerd bent. Omdat de houding die uit zo’n uitspraak spreekt niet bevalt. Het klinkt naar ‘alles is wel best’, ‘jouw mening tegenover de mijne’ en dan wordt alles ‘een mening’, ook als het om feiten gaat. Feiten bestaan eigenlijk niet meer als je zo begint.

En sterker nog: wie al die feiten c.q. meningen aandraagt, weet je ook niet. Kijk je voor de aardigheid eens bij de geschiedenis van een Wikipedia-artikel, waar je kunt zien wie zo’n stuk heeft bewerkt, dan zie je daar aan één stuk door namen als ‘Berend Botje’. ‘Wammes Waggel’, ‘Bemoeial’, ‘Emmelie’ of ‘Snafje’ en maar hoogst zelden een echte naam. Niet dat je van een gewone naam weet wie erachter schuilgaat, maar dat lijkt nog te achterhalen en wekt ook niet de indruk dat iemand niet gevonden of aangesproken wíl worden.

Op internetfora is het al precies zo. Zeg mensen dat ze op iets kunnen reageren, een televisieprogramma bijvoorbeeld, en negen van de tien gaat dat onder een schuilnaam doen. De reacties komen ook opmerkelijk vaak op meningen neer en vervolgens op het bestrijden van elkaars meningen. Je wordt een beetje naar als je een paar discussiefora bezoekt – al die slecht geformuleerde, agressieve, anonieme onzin.

Ai. Noem je dat koel observeren, buiten de eigen tijd staan, de mogelijkheden en de nadelen rustig afwegen?

Toch lijkt Wikipedia vaak helemaal niet zo slecht. Je hoort wel beweren dat uit ‘onderzoek’ gebleken zou zijn dat Wikipedia niet meer fouten bevat dan de Encyclopedia Brittanica, al weet ik niet precies wat dat voor onderzoek is. Misschien hebben die nieuwe- tijdmensen met hun samen bouwen-gedachte een zeker gelijk. Is het mogelijk om de theorie niet te geloven en de praktijk toe te juichen? Ja, maar dat betekent ofwel dat de praktijk anders is dan je denkt te zien, of dat de praktijk anders werkt dan de theorie beweert. Dat kan met Wikipedia best het geval zijn: dat het toch voornamelijk specialisten op een bepaald gebied zijn die artikelen plaatsen en veranderen, zodat je in wezen niet heel andere stukken krijgt dan bij een gewone encyclopedie.

Desalniettemin zijn alle waarborgen weg, alle hiërarchie in kennis is opgeheven.

Het is volkomen onzin om tegen het nieuwe internet te zijn. Maar je krijgt er andere mensen van, dat is zeker. En een heleboel van hen zijn schreeuwerige praatjesmakers die anoniem hun eigen ‘waarheid’ het hoogste goed zitten te vinden. Ongedempt door enige hiërarchische structuur, roepen ze: ‘I can! I can!’

Mijn conservatieve hart ligt bij een ander soort discussie.

Reageren kan op nrc.nl/vos (Reacties worden openbaar na goedkeuring door de redactie). Het artikel van Ankersmit, winnaar van de Socrates wisselbeker voor het beste filosofieboek, is na te lezen via nrc.nl/opinie