Mastertitel met een strafblad

Deze week organiseren universiteiten en hogescholen open dagen. Ook gedetineerden kunnen een opleiding volgen.

Mastertitel met een strafblad Illustratie Daisy Erades
Mastertitel met een strafblad Illustratie Daisy Erades Erades, Daisy

Johan (1950) werd in 1993 veroordeeld vanwege een grote belastingfraudezaak. Hij kreeg een straf van vier jaar. Zijn tijd in gevangenschap besloot hij te gebruiken om als meester in de rechten af te studeren.

Van de leiding van zijn penitentiaire inrichting kreeg hij vrij om colleges te volgen. Zijn docenten wisten dat hij gedetineerd was en tentamens werden afgenomen in de gevangenis aan de Noord Singel in Rotterdam. In 1995 kreeg Johan, die vanwege zijn verleden niet met zijn achternaam in de krant wil, zijn bul. „Dat was een feestelijke bijeenkomst”, vertelt hij. „Ik kreeg een dag vrij uit detentie. Die moest ik later wel inhalen natuurlijk.”

Deze week organiseren universiteiten en hogescholen hun jaarlijkse open dagen. Onder de studenten in de collegezaal bevinden zich ook tientallen gedetineerden, die tijdens hun detentie een opleiding volgen.

Studie tijdens detentie, op afstand via bijvoorbeeld de Open Universiteit of echt in de collegebanken, wordt door de reclassering als ‘positief’ ervaren en zal dan ook worden ‘gefaciliteerd’. De woordvoerder van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) van het ministerie van Justitie, is er stellig over. Hij weet ook waar de beste gelegenheid is: „De half open of open inrichting waar gedetineerden de laatste fase van hun straf uitzitten biedt goede mogelijkheden om te studeren.”

De gedetineerden volgen dan colleges in de tijd dat ze buiten de gevangenis mogen verblijven. Johan werd niet bewaakt als hij naar college ging. Toezicht is er wel in de bibliotheek van het detentiecentrum, waar de gedetineerden gebruik kunnen maken van internet. „We moeten voorkomen dat dat tot ongewenste situaties leidt”, aldus de woordvoerder.

Het volgen van zijn studie buiten de deur leidde volgens Johan vaak tot ‘vreemde’ situaties. „Dan zat ik tijdens een college over straftoemeting tussen de veel jongere studenten te discussiëren over de vraag ‘hoe ga je iemand straffen?’ En niemand die wist dat ik gevangen zat.”

Cijfers over het aantal gedetineerde studerenden zijn niet voorhanden. Bij de Erasmus Universiteit wordt het aantal gedetineerde studenten niet bijgehouden. Ook bij de Universiteit van Amsterdam (UvA) zijn geen cijfers beschikbaar. Als er al gedetineerde studenten zijn, is het een klein aantal. De UvA-woordvoerder ziet gedetineerden zich ook niet zo gauw bij zijn universiteit inschrijven. „Ons onderwijs is geen afstandsonderwijs. Je ziet dat de contacturen tussen docent en student toenemen.”

Afstandsonderwijs is typisch het terrein van de Open Universiteit. Daar worden cijfers over aantallen gedetineerden die een cursus volgen wel bijgehouden. Vanaf 1995 schrijven gemiddeld 66 gedetineerden per jaar zich in voor een cursus. Een hoogtepunt was 1997 toen 87 cursussen door gedetineerden werden gevolgd. Gaandeweg daalt dat aantal tot een dieptepunt in 2007 met 51 leergierige gedetineerden. „Een daling die helaas voor alle studenten aan de Open Universiteit opgaat”, aldus een woordvoerder van de Open Universiteit.

De studie waarin Johan zijn bul behaalde is exemplarisch voor de studerende gedetineerde. Van 1995 tot 2008 wedijveren de vakken managementwetenschappen met psychologie om de tweede plaats. Maar veruit de meeste mensen kiezen voor de studie rechtswetenschappen.

„Ik had geen vooropleiding”, vertelt Johan. „Op school heb ik nooit willen leren. Daarom moest ik eerst colloqium doctum doen: een parttime opleiding in de avonduren, die twee jaar duurde. Dat was zwaar, maar discipline hield me op de been.”

Johan heeft zijn kennis en ervaring een keer op de universiteit geëtaleerd, tijdens een gastcollege. „Na afloop bleven de studenten nog wel een kwartier napraten.” Hij zal het niet snel nog eens doen. „Want ik heb gemerkt dat openheid over het verleden schadelijk kan zijn voor mijn toekomst.”