Duitsland verhoogt pensioenen

De twintig miljoen gepensioneerden in Duitsland krijgen meer geld. De regering van bondskanselier Angela Merkel heeft gisteren besloten de staatspensioenen per 1 juli met ruim 1 procent te verhogen.

Het extraatje is vooral bedoeld om de onderlaag van de oudere bevolking het gevoel te geven dat ook zij deelnemen aan de economische opleving. Het gebaar kost de staat naar schatting 12 miljard euro. Het Duitse parlement moet het besluit nog goedkeuren.

In de Bondsdag heerst er verdeeldheid over. Oudere parlementariërs zijn voor, jongere afgevaardigden hekelen het feit dat hun generatie in steeds sterkere mate de lasten voor de gepensioneerden moet dragen. „Maar we zullen niet tegen stemmen”, zei gisteren de 32-jarige Marco Wanderwitz, voorzitter van de christen-democratische jongeren in de Bondsdag.

De liberale FDP noemt de verhoging „een cadeau voor gepensioneerde kiezers”. Volgens deze partij liggen aan het regeringsbesluit vooral electorale overwegingen ten grondslag. Volgend jaar zijn er landelijke verkiezingen in Duitsland. Met dit „cadeau” zouden de senioren worden gepaaid.

De pensioenverhoging is tijdelijk en doorbreekt een regeringsbesluit uit 2003 waarin is vastgelegd dat pensioenverhogingen geen gelijke tred meer houden met loonsverhogingen. De maatregel is genoemd naar de toenmalige minister van Sociale Zaken, de sociaal-democraat Walter Riester.

In geld betekent het dat een pensionaris met een (destijds) modaal inkomen en 45 dienstjaren er circa 12 euro per maand op vooruit gaat. Per individu kunnen de bedragen echter aanzienlijk verschillen.